Ezekiel

Ezekiel 13

Statenvertaling (1637) · tap any highlighted word for context

Ezekiel 13 — Scripture text (Statenvertaling (1637))

En des HEEREN3068 woord1697 geschiedde tot mij, zeggende:559 8800 Mensenkind,1121 120 profeteer5012 8734 tegen de profeten5030 ,3478 die profeteren,5012 8737 en zeg559 8804 tot degenen, die uit hun hart3820 profeteren:5030 Hoort8085 8798 des HEEREN3068 woord.1697 Zo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 Wee1945 over die dwaze5036 profeten,5030 die hun geest7307 nawandelen,1980 8802 310 en hetgeen zij niet gezien hebben!7200 8804 Uw profeten,5030 o ,3478 zijn als vossen7776 in de woeste plaatsen.2723 Gij zijt in de bressen6556 niet opgetreden,5927 8804 noch hebt den muur1447 toegemuurd1443 8799 voor het huis1004 ,3478 om in den strijd4421 te staan,5975 8800 ten dage3117 des HEEREN.3068 Zij zien2372 8804 ijdelheid7723 en leugenachtige3577 voorzegging,7081 die daar zeggen:559 8802 De HEERE3068 heeft gesproken,5002 8803 daar de HEERE3068 hen niet gezonden heeft;7971 8804 en zij geven hope3176 8765 van het woord1697 te zullen bevestigen.6965 8763 Ziet gij2372 8804 niet een ijdel7723 gezicht,4236 en spreekt1696 8765 een leugenachtige3577 voorzegging,4738 als gij zegt:559 8802 De HEERE3068 spreekt,5002 8803 daar Ik niet gesproken heb?559 8804 Daarom zo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 omdat gijlieden ijdelheid7723 spreekt,1696 8763 en leugen3577 ziet;2372 8804 daarom, ziet, Ik [wil] aan u, spreekt5002 8803 de Heere136 HEERE.3069 En hand3027 zal zijn tegen de profeten,5030 die ijdelheid7723 zien,2374 en leugen3577 voorzeggen;7080 8802 zij zullen in de vergadering5475 volks5971 niet zijn, en in het schrift3791 van het huis1004 Israels3478 niet geschreven worden,3789 8735 en in het land127 Israels3478 niet komen;935 8799 en gij zult weten,3045 8804 dat Ik de Heere136 HEERE3069 ben. Daarom, ja, daarom dat zij volk5971 verleiden,2937 8689 zeggende:559 8800 ,7965 daar geen vrede7965 is; en [dat] de een een lemen wand2434 bouwt,1129 8802 en ziet,2009 de anderen denzelven pleisteren2902 8802 met loze8602 kalk. Zeg559 8798 tot degenen, die met loze kalk8602 pleisteren,2902 8802 dat hij omvallen zal;5307 8799 er zal een overstelpende7857 8802 plasregen1653 zijn; en gij,859 o grote hagelstenen,417 68 zult vallen,5307 8799 en een grote5591 stormwind7307 zal [hem] splijten.1234 8762 Ziet, als die wand7023 zal gevallen zijn,5307 8804 zal niet tot u gezegd worden:559 8735 is de pleistering,2915 waarmede gij gepleisterd hebt?2902 8804 Daarom alzo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 Ja, Ik zal [hem] door een groten5591 stormwind7307 in grimmigheid2534 splijten,1234 8765 en er zal een overstelpende7857 8802 plasregen1653 zijn in toorn,639 en grote hagelstenen417 68 in [] grimmigheid,2534 om [dien] te verdoen.3617 Zo zal Ik den wand7023 afbreken,2040 8804 dien gijlieden met loze kalk8602 gepleisterd hebt,2902 8804 en zal hem ter aarde776 nederwerpen,5060 8689 dat zijn grond3247 zal ontdekt worden;1540 8738 alzo zal [de] [stad] vallen,5307 8804 en gij zult in het midden8432 van haar omkomen;3615 8804 en gij zult weten,3045 8804 dat Ik de HEERE3068 ben. Zo zal Ik grimmigheid2534 tegen den wand7023 voortbrengen,3615 8765 en tegen degenen, die hem pleisteren2902 8802 met loze kalk;8602 en Ik zal tot ulieden zeggen:559 8799 wand7023 is er niet [meer], en die hem pleisterden,2902 8802 zijn er niet; [Te] [weten] de profeten5030 ,3478 die van Jeruzalem3389 profeteren,5012 8737 en voor haar een gezicht2377 des vredes7965 zien,2374 waar geen vrede7965 is, spreekt5002 8803 de Heere136 HEERE.3069 En gij, mensenkind,1121 120 zet7760 8798 uw aangezicht6440 tegen de dochteren1323 uws volks,5971 dewelke profeteren5012 8693 uit haar hart,3820 en profeteer5012 8734 tegen haar; En zeg:559 8804 Zo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 Wee1945 [die] [vrouwen], die kussens3704 naaien8609 8764 voor alle okselen679 der armen,3027 en maken6213 8802 hoofddeksels4555 voor het hoofd7218 van alle statuur,6967 om de zielen5315 te jagen!6679 8780 gij de zielen5315 volks5971 jagen,6679 8779 en zult gij u de zielen5315 in het leven behouden?2421 8762 En zult gij ontheiligen2490 8762 bij volk,5971 voor handvollen8168 van gerst,8184 en voor stukken6595 broods,3899 om zielen5315 te doden,4191 8687 die niet zouden sterven,4191 8799 en om zielen5315 in het leven te behouden,2421 8763 die niet zouden leven,2421 8799 door uw liegen3576 8763 tot volk,5971 dat de leugen3577 hoort?8085 8802 Daarom, zo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 , Ik [wil] aan uw kussens,3704 waarmede gij859 aldaar de zielen5315 jaagt6679 8781 naar de bloemhoven,6524 8802 en Ik zal ze uit uw armen2220 wegscheuren;7167 8804 en Ik zal die zielen5315 losmaken,7971 8765 de zielen,5315 die gij jaagt6679 8781 naar de bloemhoven.6524 8802 Daartoe zal Ik uw hoofddeksels4555 scheuren,7167 8804 en volk5971 uit uw hand3027 redden,5337 8689 zodat zij niet meer in uw hand3027 zullen zijn tot een jacht;4686 en gij zult weten,3045 8804 dat Ik de HEERE3068 ben. Omdat gijlieden het hart3820 des rechtvaardigen6662 [door] valsheid8267 hebt bedroefd gemaakt,3512 8687 daar Ik hem geen smart aangedaan heb;3510 8689 en omdat gij de handen3027 des goddelozen7451 gesterkt hebt,2388 8763 opdat hij zich van zijn bozen7563 weg1870 niet afkeren zou,7725 8800 dat Ik hem in het leven behield;2421 8687 Daarom zult gij niet meer ijdelheid7723 zien,2372 8799 noch waarzegging7081 gebruiken;7080 8799 maar Ik zal volk5971 uit uw hand3027 redden,5337 8689 en gij zult weten,3045 8804 dat Ik de HEERE3068 ben.

Every verse in Ezekiel 13

Chapter navigation

0:000:00