Jeremiah

Jeremiah 1

Statenvertaling (1637) · tap any highlighted word for context

Jeremiah 1 — Scripture text (Statenvertaling (1637))

De woorden1697 van ,3414 den zoon1121 van ,2518 uit de priesteren,3548 die te Anathoth6068 waren, in het land776 van ;1144 Tot welken het woord1697 des HEEREN3068 geschiedde, in de dagen3117 van ,2977 zoon1121 van ,526 koning4428 van ,3063 in het dertiende7969 6240 jaar8141 zijner regering.4427 8800 Ook geschiedde het [tot] [hem] in de dagen3117 van ,3079 zoon1121 van ,2977 koning4428 van ,3063 totdat voleind werd8552 8800 het elfde6249 6240 jaar8141 van ,6667 zoon1121 van ,2977 koning4428 van ;3063 totdat Jeruzalem3389 gevankelijk werd weggevoerd1540 8800 in de vijfde2549 maand.2320 Het woord1697 des HEEREN3068 geschiedde tot mij, zeggende:559 8800 Eer2962 Ik u in [moeders] buik990 formeerde,3335 8799 heb Ik u gekend,3045 8804 en eer gij uit de baarmoeder7358 voortkwaamt,3318 8799 heb Ik u geheiligd;6942 8689 Ik heb u den volken1471 tot een profeet5030 gesteld.5414 8804 Toen zeide ik:559 8799 ,162 Heere136 HEERE!3069 zie, ik kan3045 8804 niet spreken,1696 8763 want ik ben jong.5288 Maar de HEERE3068 zeide559 8799 tot mij: Zeg559 8799 niet: Ik ben jong;5288 want overal, waarhenen Ik u zenden zal,7971 8799 zult gij gaan,3212 8799 en alles, wat Ik u gebieden zal,6680 8762 zult gij spreken.1696 8762 Vrees3372 8799 niet voor hun aangezicht,6440 want Ik ben met u, om u te redden,5337 8687 spreekt5002 8803 de HEERE.3068 En de HEERE3068 stak7971 hand3027 uit,7971 8799 en roerde5060 mijn mond6310 aan;5060 8686 en de HEERE3068 zeide559 8799 tot mij: Zie, Ik geef5414 8804 woorden1697 in uw mond.6310 Zie,7200 8798 Ik stel6485 8689 u te dezen dage3117 over de volken1471 en over de koninkrijken,4467 om uit te rukken,5428 8800 en af te breken,5422 8800 en te verderven,6 8686 en te verstoren;2040 8800 [ook] om te bouwen1129 8800 en te planten.5193 8800 Wijders geschiedde des HEEREN3068 woord1697 tot mij, zeggende:559 8800 ziet gij,7200 8802 ?3414 En ik zeide:559 8799 Ik zie7200 8802 een amandelroede.4731 8247 En de HEERE3068 zeide559 8799 tot mij: Gij hebt wel3190 8689 gezien;7200 8800 want Ik zal wakker zijn8245 8802 over woord,1697 om dat te doen.6213 8800 En des HEEREN3068 woord1697 geschiedde ten tweeden8145 male tot mij, zeggende:559 8800 ziet gij?7200 8802 En ik zeide:559 8799 Ik zie7200 8802 een ziedenden5301 8803 pot,5518 welks voorste6440 deel tegen6440 het noorden6828 is. En de HEERE3068 zeide559 8799 tot mij: Van het noorden6828 zal zich dit kwaad7451 opdoen6605 8735 over alle inwoners3427 8802 des lands.776 Want zie, Ik roep7121 8802 alle geslachten4940 der koninkrijken4467 van het noorden,6828 spreekt5002 8803 de HEERE;3068 en zij zullen komen,935 8804 en zetten5414 8804 een iegelijk376 zijn troon3678 [voor] de deur6607 der poorten8179 van ,3389 en tegen al haar muren2346 rondom,5439 en tegen alle steden5892 van .3063 En Ik zal oordelen4941 tegen hen uitspreken1696 8765 over5921 al hun boosheid;7451 dat zij verlaten hebben,5800 8804 en anderen312 goden430 gerookt,6999 8762 en zich gebogen hebben7812 8691 voor de werken4639 hunner handen.3027 Gij , gord247 8799 uw lendenen,4975 en maakt u op,6965 8804 en spreek1696 8765 tot hen alles, wat Ik u gebieden zal;6680 8762 wees niet verslagen2865 8735 voor hun aangezicht,6440 opdat Ik u voor hun aangezicht6440 niet versla.2865 8686 Want zie, Ik589 stel5414 8804 u heden3117 tot een vaste4013 stad,5892 en tot een ijzeren1270 pilaar,5982 en tot koperen5178 muren2346 tegen het ganse land;776 tegen de koningen4428 van ,3063 tegen haar vorsten,8269 tegen haar priesteren,3548 en tegen het volk5971 van het land.776 En zij zullen tegen u strijden,3898 8738 maar tegen u niet vermogen;3201 8799 want Ik ben met u, spreekt5002 8803 de HEERE,3068 om u uit te helpen.5337 8687

Every verse in Jeremiah 1

Chapter navigation

0:000:00