Job 32:20
“Ik zal spreken,1696 8762 opdat ik voor mij lucht krijge;7304 8799 ik zal mijn lippen8193 openen,6605 8799 en zal antwoorden.6030 8799”
Job 32:20 — Statenvertaling (1637)
Verse 20 of 22 in Job chapter 32 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Job 32 — full chapter (Statenvertaling (1637))
Toen hielden7673 de428 drie7969 mannen582 op7673 8799 van4480 347 te antwoorden,6030 8800 dewijl3588 hij1931 in zijn ogen5869 rechtvaardig6662 was. Zo ontstak2734 8799 de toorn639 van ,453 den zoon1121 van ,1292 den ,940 van4480 het geslacht4940 van ;7410 tegen 347 werd zijn toorn639 ontstoken,2734 8804 omdat5921 hij zijn ziel5315 meer rechtvaardigde6663 8763 4480 God.430 Zijn toorn639 ontstak2734 8804 ook tegen zijn drie7969 vrienden,7453 omdat5921 834 zij, geen3808 antwoord4617 vindende,4672 8804 nochtans 347 verdoemden.7561 8686 Doch Elihu453 had gewacht2442 8765 op 347 in het spreken,1697 omdat3588 zij1922 ouder2205 van dagen3117 waren 4480 hij. Als Elihu453 zag,7200 8799 dat3588 er geen369 antwoord4617 was369 in den mond6310 van die drie7969 mannen,582 ontstak2734 8799 zijn toorn.639 Hierom antwoordde6030 8799 ,453 de zoon1121 van ,1292 den ,940 en zeide:559 8799 Ik589 ben minder6810 van dagen,3117 maar gijlieden859 zijt stokouden;3453 daarom5921 3651 heb ik geschroomd2119 8804 en gevreesd,3372 8799 ulieden853 mijn gevoelen1843 te vertonen.2331 8763 Ik zeide:559 8804 de dagen3117 spreken,1696 8762 en de veelheid7230 der jaren8141 wijsheid2451 te kennen geven.3045 8686 Zekerlijk403 de geest,7307 die1931 in den mens582 is, en de inblazing5397 des ,7706 maakt henlieden verstandig.995 8799 De groten7227 zijn niet3808 wijs,2449 8799 en de ouden2205 verstaan995 8799 het recht4941 [niet]. Daarom3651 zeg ik:559 8804 Hoor8085 8798 naar mij; ik589 zal mijn gevoelen1843 ook vertonen.2331 8762 Ziet,2005 ik heb gewacht3176 8689 op ulieder woorden;1697 ik heb het oor gewend238 8686 tot5704 ulieder aanmerkingen,8394 totdat5704 gij redenen4405 uitgezocht hadt.2713 8799 Als ik nu acht op5704 u gegeven heb,995 8709 ziet,2009 er is niemand,369 die 347 overreedde,3198 8688 die uit4480 ulieden zijn redenen561 beantwoordde;6030 8802 Opdat gij niet6435 zegt:559 8799 hebben de wijsheid2451 gevonden;4672 8804 God410 heeft hem nedergestoten,5086 8799 geen3808 mens.376 Nu heeft hij tegen413 mij geen3808 woorden4405 gericht,6186 8804 en met ulieder woorden561 zal ik hem niet3808 beantwoorden.7725 8686 Zij zijn ontzet,2865 8804 zij antwoorden6030 8804 niet3808 meer; zij hebben de woorden4405 van4480 zich verzet.6275 8689 Ik heb gewacht,3176 8689 maar3588 zij spreken1696 8762 niet;3808 want3588 zij staan stil;5975 8804 zij antwoorden6030 8804 niet3808 meer.5750 Ik589 zal mijn deel2506 ook637 antwoorden,6030 8799 ik589 zal mijn gevoelen1843 ook637 vertonen.2331 8762 Want3588 ik ben4390 der woorden4405 vol;4390 8804 de geest7307 mijns buiks990 benauwt6693 8689 mij. Ziet,2009 mijn buik990 is als de wijn,3196 [die] niet3808 geopend is;6605 8735 gelijk nieuwe2319 lederen zakken178 zou hij bersten.1234 8735 Ik zal spreken,1696 8762 opdat ik voor mij lucht krijge;7304 8799 ik zal mijn lippen8193 openen,6605 8799 en zal antwoorden.6030 8799 Och,4994 dat ik niemands408 376 aangezicht6440 aanneme,5375 8799 en tot413 den mens120 geen3808 bijnamen gebruike!3655 8762 Want3588 ik weet3045 8804 geen3808 bijnamen te gebruiken;3655 8762 in kort4592 zou mijn Maker6213 8802 mij wegnemen.5375 8799