Joshua
Joshua 11
Statenvertaling (1637) · tap any highlighted word for context
Joshua 11 — Scripture text (Statenvertaling (1637))
Het geschiedde1961 8799 daarna, als ,2985 de koning4428 van ,2674 dit hoorde,8085 8800 zo zond hij7971 8799 tot413 ,3103 den koning4428 van ,4068 en tot413 den koning4428 van ,8110 en tot413 den koning4428 van ,407 En tot413 de koningen,4428 die834 tegen4480 het noorden6828 op het gebergte,2022 en op het vlakke,6160 tegen het zuiden5045 van ,3672 en in de laagte,8219 en in -dor,5299 1756 aan4480 de zee3220 waren; Tot de Kanaanieten3669 tegen4480 het oosten4217 en tegen4480 het westen,3220 en de ,567 en de ,2850 en de ;6522 en de Jebusieten2983 op het gebergte,2022 en de Hevieten2340 onder8478 aan ,2768 in het land776 van .4709 Dezen1992 nu togen uit,3318 8799 en al3605 hun heirlegers4264 met5973 hen; veel7227 volks,5971 als het zand,2344 dat834 aan5921 den oever8193 der zee3220 is, in veelheid;7230 en zeer3966 vele7227 paarden5483 en wagens.7393 Al3605 deze428 koningen4428 werden vergaderd,3259 8735 en kwamen935 8799 en legerden zich2583 8799 samen3162 aan413 de wateren4325 van ,4792 om tegen5973 3478 te krijgen.3898 8736 En de HEERE3068 zeide559 8799 tot413 :3091 Vrees3372 8799 niet408 voor4480 hun aangezichten;6440 want3588 morgen4279 omtrent dezen2063 tijd6256 zal Ik595 hen altegader3605 verslagen2491 geven5414 8802 voor het aangezicht6440 van ;3478 hun paarden5483 zult gij verlammen,6131 8762 en hun wagenen4818 met vuur784 verbranden.8313 8799 En ,3091 en al3605 het krijgsvolk5971 4421 met5973 hem, kwam935 8799 snellijk6597 over5921 hen aan5921 de wateren4325 van ,4792 en zij overvielen5307 8799 hen. En de HEERE3068 gaf5414 8799 hen in de hand3027 van ,3478 en zij sloegen5221 8686 hen, en joegen7291 8799 hen na tot5704 groot7227 6721 toe, en tot5704 -maim,4956 en tot5704 het dal1237 Mizpa4708 tegen het oosten;4217 en zij sloegen5221 8686 hen, totdat5704 zij geen1115 overigen8300 onder hen overlieten.7604 8689 Jozua3091 nu deed6213 8799 hun, gelijk834 hem de HEERE3068 gezegd had;559 8804 hun paarden5483 verlamde hij,6131 8765 en hun wagenen4818 verbrandde hij8313 8804 met vuur.784 En Jozua3091 keerde weder7725 8799 ter zelver1931 tijd,6256 en hij nam3920 8799 2674 in, en haar koning4428 sloeg hij5221 8689 met het zwaard;2719 want3588 2674 was te voren6440 het hoofd7218 van al3605 deze428 koninkrijken.4467 En zij sloegen5221 8686 alle3605 ziel,5315 die834 daarin was, met de scherpte6310 des zwaards,2719 die verbannende;2763 8687 er bleef3498 niets3808 3605 over,3498 8738 dat adem5397 had; en 2674 verbrandde hij8313 8804 met vuur.784 En Jozua3091 nam3920 8804 al3605 de steden5892 dezer428 koningen4428 in, en al3605 haar koningen,4428 en hij sloeg5221 8686 hen met de scherpte6310 des zwaards,2719 hen verbannende,2763 8689 gelijk als834 ,4872 de knecht5650 des HEEREN3068 geboden had.6680 8765 Alleenlijk7535 verbrandden8313 8804 de Israelieten3478 geen3808 3605 steden,5892 die op5921 haar heuvelen8510 stonden,5975 8802 behalve2108 2674 alleen;909 dat verbrandde8313 8804 .3091 En al3605 den roof7998 dezer428 steden,5892 en het vee,929 roofden962 8804 de kinderen1121 Israels3478 voor zich; alleenlijk7535 sloegen zij5221 8689 al3605 de mensen120 met de scherpte6310 des zwaards,2719 totdat5704 zij hen verdelgden;8045 8687 zij lieten niet3808 3605 overblijven7604 8689 wat adem5397 had. Gelijk als834 de HEERE3068 ,4872 knecht,5650 geboden had,6680 8765 alzo3651 gebood6680 8765 Mozes4872 aan ;3091 en alzo3651 deed6213 8804 ;3091 hij deed5493 er niet3808 een woord1697 af5493 8689 van4480 alles,3605 wat834 de HEERE3068 Mozes4872 geboden had.6680 8765 Alzo nam3947 8799 Jozua3091 al3605 dat2063 land776 in, het gebergte,2022 en al3605 het zuiden,5045 en al3605 het land776 van ,1657 en de laagte,8219 en het vlakke veld,6160 en het gebergte2022 ,3478 en zijn laagte.8219 Van4480 den kalen2510 berg,2022 die opwaarts5927 naar Seir8165 gaat,5927 8802 tot5704 -1171 toe, in het dal1237 van den ,3844 onder8478 aan den berg2022 ;2768 al3605 hun koningen4428 nam hij3920 8804 ook, en sloeg5221 8686 hen, en doodde4191 8686 hen. Vele7227 dagen3117 voerde6213 8804 Jozua3091 krijg4421 tegen al3605 deze428 koningen.4428 Er was1961 8804 geen3808 stad,5892 die834 vrede maakte7999 8689 met413 de kinderen1121 ,3478 behalve1115 de ,2340 inwoners3427 8802 van ;1391 zij namen3947 8804 ze allen3605 in door krijg.4421 Want3588 het was1961 8804 van4480 854 den HEERE,3068 hun harten3820 te verstokken,2388 8763 dat zij 3478 met oorlog4421 tegemoet gingen,7125 8800 opdat4616 hij hen verbannen zoude,2763 8687 dat hun geen1115 genade8467 geschiedde,1961 8800 maar3588 opdat4616 hij hen verdelgen zoude,8045 8687 gelijk als834 de HEERE3068 Mozes4872 geboden had.6680 8765 Te dier1931 tijde6256 nu kwam935 8799 ,3091 en roeide3772 de Enakieten6062 uit,3772 8686 van4480 het gebergte,2022 van4480 ,2275 van4480 ,1688 van4480 ,6024 en van4480 het ganse3605 gebergte2022 van ,3063 en van4480 het ganse3605 gebergte2022 van ;3478 Jozua3091 verbande2763 8689 hen met5973 hun steden.5892 Er bleef3498 niemand3808 van de Enakieten6062 over3498 8738 in het land776 der kinderen1121 ;3478 alleenlijk7535 bleven zij over7604 8738 te ,5804 te ,1661 en te .795 Alzo nam3947 8799 Jozua3091 al3605 dat land776 in, naar alles, wat834 de HEERE3068 tot413 Mozes4872 gesproken had;1696 8765 en Jozua3091 gaf5414 8799 het 3478 ten erve,5159 naar hun afdelingen,4256 naar hun stammen.7626 En het land776 rustte8252 8804 van4480 den krijg.4421