Joshua
Joshua 7
Statenvertaling (1637) · tap any highlighted word for context
Joshua 7 — Scripture text (Statenvertaling (1637))
Maar de kinderen1121 Israels3478 overtraden4603 8799 door overtreding4604 met het verbannene;2764 want ,5912 de zoon1121 van ,3756 den zoon1121 van ,2067 den zoon1121 van ,2226 uit den stam4294 van ,3063 nam3947 8799 van het verbannene.2764 ontstak2734 8799 de toorn639 des HEEREN3068 tegen de kinderen1121 .3478 Als Jozua3091 mannen582 zond7971 8799 van4480 3405 naar ,5857 dat834 bij5973 -aven1007 ligt, aan4480 het oosten6924 van -el,1008 zo sprak hij559 8799 tot413 hen, zeggende:559 8800 opwaarts5927 8798 en bespiedt7270 8761 het land.776 mannen582 nu trokken op5927 8799 en bespiedden7270 8762 .5857 Daarna keerden zij weder7725 8799 naar413 ,3091 en zeiden559 8799 tot413 hem: Dat het ganse3605 volk5971 niet408 optrekke,5927 8799 dat er omtrent twee duizend505 mannen,376 of176 omtrent drie7969 duizend505 mannen376 optrekken,5927 8799 om 5857 te slaan;5221 8686 vermoei3021 8762 daarheen8033 al het volk5971 niet;408 want3588 zij1992 zijn weinige.4592 Alzo trokken5927 derwaarts8033 op5927 8799 van4480 het volk5971 omtrent drie7969 duizend505 man;376 dewelke vloden5127 8799 voor het aangezicht6440 der mannen582 van .5857 En de mannen582 van 5857 sloegen5221 8686 van4480 dezelven omtrent zes8337 en dertig7970 man,376 en vervolgden7291 8799 hen [van] voor6440 de poort8179 tot5704 Schebarim7671 toe, en sloegen5221 8686 hen in een afgang.4174 versmolt4549 8735 het hart3824 des volks,5971 en het werd1961 8799 tot water.4325 Toen verscheurde7167 8799 Jozua3091 zijn klederen,8071 en viel5307 8799 op5921 zijn aangezicht6440 ter aarde,776 voor6440 de 727 des HEEREN,3068 tot5704 den avond6153 toe, hij1931 en de oudsten2205 van ;3478 en zij wierpen5927 8686 stof6083 op5921 hun hoofd.7218 En Jozua3091 zeide:559 8799 ,162 Heere136 HEERE!3069 waarom4100 hebt dit2088 volk5971 door5674 de Jordaan3383 ooit5674 8687 doen gaan,5674 8689 om ons854 te geven5414 8800 in de hand3027 der ,567 om ons te verderven?6 8687 , dat wij toch3863 tevreden geweest2974 8689 en gebleven waren3427 8799 aan gene zijde5676 van de !3383 Och,994 HEERE!136 wat4100 zal ik zeggen,559 8799 nademaal310 dat834 3478 voor het aangezicht6440 zijner vijanden341 8802 den nek310 6203 gekeerd heeft?2015 8804 Als het de ,3669 en alle3605 inwoners3427 8802 des lands776 horen zullen,8085 8799 zo zullen zij ons5921 omsingelen,5437 8738 en onzen naam8034 uitroeien3772 8689 van4480 de aarde;776 wat4100 zult Uw groten1419 Naam8034 doen?6213 8799 Toen zeide559 8799 de HEERE3068 tot413 :3091 op;6965 8798 waarom4100 ligt5307 8802 gij859 dus2088 neder op5921 uw aangezicht?6440 3478 heeft gezondigd;2398 8804 en zij hebben ook1571 verbond,1285 hetwelk834 Ik hun853 geboden had,6680 8765 overtreden;5674 8804 en ook1571 hebben zij van4480 het verbannene2764 genomen,3947 8804 en ook1571 gestolen,1589 8804 en ook1571 gelogen,3584 8765 en hebben het ook1571 onder hun gereedschap3627 gelegd.7760 8804 Daarom zullen de kinderen1121 Israels3478 niet3808 kunnen3201 8799 bestaan6965 8800 voor het aangezicht6440 hunner vijanden;341 8802 zij zullen den nek6203 voor het aangezicht6440 hunner vijanden341 8802 keren;6437 8799 want3588 zij zijn1961 8804 in den ban.2764 Ik zal voortaan3254 8686 niet3808 meer met5973 ulieden zijn,1961 8800 tenzij518 3808 gij den ban2764 uit4480 het midden7130 van ulieden verdelgt.8045 8686 Sta op,6965 8798 heilig6942 8761 het volk,5971 en zeg:559 8804 u6942 8690 tegen morgen;4279 want3588 alzo3541 zegt559 8804 de HEERE,3068 de God430 van :3478 Er is een ban2764 in het midden7130 van u, !3478 gij zult niet3808 kunnen3201 8799 bestaan6965 8800 voor het aangezicht6440 uwer vijanden,341 8802 totdat5704 gij den ban2764 wegdoet5493 8687 uit4480 het midden7130 van u. Gij zult in den morgenstond1242 aankomen7126 8738 naar uw stammen;7626 en het zal geschieden,1961 8804 de stam,7626 welken834 de HEERE3068 geraakt zal hebben,3920 8799 die zal aankomen7126 8799 naar de geslachten,4940 en welk834 geslacht4940 de HEERE3068 geraakt zal hebben,3920 8799 dat zal aankomen7126 8799 bij huisgezinnen,1004 en welk834 huisgezin1004 de HEERE3068 geraakt zal hebben,3920 8799 dat zal aankomen7126 8799 man1397 voor man. En het zal geschieden,1961 8804 die geraakt zal worden3920 8737 met den ban,2764 die zal met vuur784 verbrand worden,8313 8735 hij853 en al3605 wat834 hij heeft; omdat3588 hij het verbond1285 des HEEREN3068 overtreden heeft,5674 8804 en omdat3588 hij dwaasheid5039 in 3478 gedaan heeft.6213 8804 Toen maakte zich7925 Jozua3091 des morgens1242 vroeg op,7925 8686 en deed 3478 aankomen7126 8686 naar zijn stammen;7626 en de stam7626 van Juda3063 werd geraakt.3920 8735 Als hij het geslacht4940 van Juda3063 deed aankomen,7126 8686 zo raakte hij3920 8799 het geslacht4940 van .2227 hij het geslacht4940 van Zarchi2227 deed aankomen,7126 8686 man1397 voor man,1397 zo werd Zabdi2067 geraakt;3920 8735 Welks huisgezin1004 als hij deed aankomen,7126 8686 man1397 voor man,1397 zo werd 5912 geraakt,3920 8735 de zoon1121 van ,3756 den zoon1121 van ,2067 den zoon1121 van ,2226 uit den stam4294 van .3063 Toen zeide559 8799 Jozua3091 tot413 :5912 zoon!1121 Geef7760 8798 toch4994 den HEERE,3068 den God430 van ,3478 de eer,3519 en doe5414 8798 voor belijdenis;8426 en geef5046 mij toch4994 te kennen,5046 8685 wat4100 gij gedaan hebt,6213 8804 verberg3582 8762 het voor4480 mij niet.408 5912 nu antwoordde6030 8799 ,3091 en zeide:559 8799 ,546 ik595 heb tegen den HEERE,3068 den God430 ,3478 gezondigd,2398 8804 en heb alzo2063 en alzo2063 gedaan.6213 8804 Want ik zag7200 8799 onder den roof7998 een259 schoon sierlijk2896 Babylonisch8152 overkleed,155 en tweehonderd3967 sikkelen8255 zilvers,3701 en een259 gouden2091 tong,3956 welker gewicht4948 was vijftig2572 sikkelen;8255 en ik kreeg lust2530 8799 daartoe, en ik nam3947 8799 ze; en zie,2009 zij zijn verborgen2934 8803 in de aarde,776 in het midden8432 mijner tent,168 en het zilver3701 daaronder.8478 Toen zond7971 8799 Jozua3091 boden4397 henen, die tot de tent168 liepen;7323 8799 en ziet,2009 het lag verborgen2934 8803 in zijn tent,168 en het zilver3701 daaronder.8478 Zij namen3947 8799 die dingen uit4480 het midden8432 der tent,168 en zij brachten935 8686 ze tot413 Jozua3091 en tot413 al de kinderen1121 ;3478 en zij stortten ze uit3332 8686 voor het aangezicht6440 des HEEREN.3068 Toen nam3947 8799 ,3091 en gans 3478 met hem, ,5912 den zoon1121 van ,2226 en het zilver,3701 en het sierlijk overkleed,155 en de gouden2091 tong,3956 en zijn zonen,1121 en zijn dochteren,1323 en zijn ossen,7794 en zijn ezelen,2543 en zijn vee,6629 en zijn tent,168 en alles3605 wat834 hij had; en zij voerden5927 8686 ze853 naar het dal6010 .5911 En Jozua3091 zeide:559 8799 Hoe4100 hebt gij ons beroerd?5916 8804 De HEERE3068 zal u853 beroeren5916 8799 te dezen2088 dage!3117 En gans3605 3478 stenigde7275 8799 hem853 met stenen,68 en zij verbrandden8313 8799 hen853 met vuur,784 en zij overwierpen5619 8799 hen853 met stenen.68 En zij richtten6965 8686 over5921 een groten1419 steenhoop,1530 68 zijnde tot op5704 dezen2088 dag.3117 keerde zich7725 8799 de HEERE3068 van4480 de hittigheid2740 toorns.639 Daarom4921 3651 noemde men7121 8804 den naam8034 dier1931 plaats4725 het dal6010 van ,5911 tot5704 dezen2088 dag3117 toe.