Psalms 10:6

“Hij zegt559 8804 in zijn hart:3820 Ik zal niet wankelen;4131 8735 want [ik] zal van geslacht1755 tot geslacht1755 in geen kwaad7451 zijn.”

Psalms 10:6 — Statenvertaling (1637)

Verse 6 of 18 in Psalms chapter 10 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Psalms 10 — full chapter (Statenvertaling (1637))

O HEERE!3068 waarom staat Gij5975 8799 van verre?7350 [waarom] verbergt Gij5956 8686 U in tijden6256 van benauwdheid?6869 De goddeloze7563 vervolgt hittiglijk1814 8799 in hoogmoed1346 den ellendige;6041 laat hen gegrepen worden8610 8735 in de aanslagen,4209 die2098 zij bedacht hebben.2803 8804 Want de goddeloze7563 roemt1984 8765 over den wens8378 zijner ziel;5315 hij zegent1288 8765 den gierigaard,1214 8802 hij lastert5006 8765 den HEERE.3068 De goddeloze,7563 gelijk hij zijn neus639 omhoog steekt,1363 onderzoekt1875 8799 niet; al zijn gedachten4209 zijn, dat er geen God430 is. Zijn wegen1870 maken ten allen tijde6256 smarte;2342 8799 Uw oordelen4941 zijn een hoogte,4791 verre van hem; al zijn tegenpartijders,6887 8802 die blaast hij aan.6315 8686 Hij zegt559 8804 in zijn hart:3820 Ik zal niet wankelen;4131 8735 want [ik] zal van geslacht1755 tot geslacht1755 in geen kwaad7451 zijn. Zijn mond6310 is vol4390 8804 van vloek,423 en bedriegerijen,4820 en list;8496 onder zijn tong3956 is moeite5999 en ongerechtigheid.205 Hij zit3427 8799 in de achterlage3993 der hoeven,2691 in verborgene plaatsen4565 doodt hij2026 8799 den onschuldige;5355 zijn ogen5869 verbergen zich6845 8799 tegen den arme.2489 Hij legt lagen693 8799 in een verborgen plaats,4565 gelijk een leeuw738 in zijn hol;5520 hij legt lagen,693 8799 om den ellendige6041 te roven;2414 8800 hij rooft2414 8799 den ellendige,6041 als hij hem trekt4900 8800 in zijn .7568 Hij duikt neder,1794 8799 hij buigt zich;7817 8799 en de arme hoop2426 8675 2489 8676 2489 valt5307 8804 in zijn sterke6099 [poten]. Hij zegt559 8804 in zijn hart:3820 God410 heeft het vergeten,7911 8804 heeft aangezicht6440 verborgen,5641 8689 ziet7200 8804 niet in eeuwigheid.5331 Sta op,6965 8798 HEERE3068 God!410 hef5375 Uw hand3027 op,5375 8798 vergeet7911 8799 de ellendigen6035 8675 6041 niet. Waarom lastert5006 8765 de goddeloze7563 God?430 zegt559 8804 in zijn hart:3820 zult het niet zoeken?1875 8799 Gij ziet7200 8804 het [immers]; want aanschouwt5027 8686 de moeite5999 en het verdriet,3708 opdat men het in Uw hand3027 geve;5414 8800 op U verlaat zich5800 8799 de arme,2489 zijt geweest een Helper5826 8802 van den wees.3490 Breek7665 8798 den arm2220 des goddelozen7563 en bozen;7451 zoek1875 8799 zijn goddeloosheid,7562 [totdat] haar niet1077 vindt.4672 8799 De HEERE3068 is Koning4428 eeuwiglijk5769 en altoos;5703 de heidenen1471 zijn vergaan6 8804 uit land.776 HEERE!3068 hebt den wens8378 der zachtmoedigen6035 gehoord;8085 8804 zult hun hart3820 sterken,3559 8686 Uw oor241 zal opmerken;7181 8686 Om den wees3490 en verdrukte1790 recht te doen;8199 8800 opdat een mens582 van de aarde776 niet meer voortvare3254 8686 geweld te bedrijven.6206 8800

Every verse in Psalms 10

Chapter navigation

0:000:00