Psalms 81:7
“[081:8] In de benauwdheid6869 riept gij,7121 8804 en Ik hielp u uit;2502 8762 Ik antwoordde6030 8799 u uit de schuilplaats5643 des donders;7482 Ik beproefde974 8799 u aan de wateren4325 van Meriba.4809 Sela.5542”
Psalms 81:7 — Statenvertaling (1637)
Verse 7 of 16 in Psalms chapter 81 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Psalms 81 — full chapter (Statenvertaling (1637))
Voor den opperzangmeester,5329 8764 op de ,1665 [een] [psalm] van .623 [081:2] vrolijk7442 8685 ,430 onze ;5797 juicht7321 8685 den God430 van .3290 [081:3] Heft5375 een psalm2172 op,5375 8798 en geeft5414 8798 de trommel;8596 de liefelijke5273 3658 met de luit.5035 [081:4] Blaast8628 8798 de bazuin7782 in de nieuwe maan,2320 ter bestemder tijd,3677 op onzen feestdag.2282 3117 [081:5] dat is een inzetting2706 in ,3478 een recht4941 van den God430 .3290 [081:6] heeft het gezet7760 8804 tot een getuigenis5715 in ,3084 als uitgetogen was3318 8800 tegen ;776 4714 [alwaar] ik gehoord heb8085 8799 een spraak,8193 die ik niet verstond;3045 8804 [081:7] Ik heb zijn schouder7926 van den last5447 onttrokken;5493 8689 zijn handen3709 zijn van de potten1731 ontslagen.5674 8799 [081:8] In de benauwdheid6869 riept gij,7121 8804 en Ik hielp u uit;2502 8762 Ik antwoordde6030 8799 u uit de schuilplaats5643 des donders;7482 Ik beproefde974 8799 u aan de wateren4325 van .4809 .5542 [081:9] volk,5971 [zeide] [Ik] hoor toe,8085 8798 en Ik zal onder u betuigen,5749 8686 ,3478 of gij naar hoordet!8085 8799 [081:10] Er zal onder u geen uitlands2114 8801 god410 wezen, en gij zult u voor geen vreemden5236 god410 nederbuigen.7812 8691 [081:11] Ik ben de ,3068 uw God,430 u heb opgevoerd5927 8688 uit het land776 van ;4714 doe uw mond6310 wijd open,7337 8685 en Ik zal hem vervullen.4390 8762 [081:12] volk5971 heeft stem6963 niet gehoord;8085 8804 en 3478 heeft niet gewild.14 8804 [081:13] heb Ik het overgegeven7971 8762 in het goeddunken8307 huns harten,3820 dat zij wandelden3212 8799 in hun raadslagen.4156 [081:14] ,3863 dat volk5971 naar gehoord had,8085 8802 dat 3478 in wegen1870 gewandeld had!1980 8762 [081:15] In kort4592 zou Ik hun vijanden341 8802 gedempt hebben,3665 8686 en hand3027 gewend hebben7725 8686 tegen hun wederpartijders.6862 [081:16] den HEERE3068 haten,8130 8764 zouden zich geveinsdelijk onderworpen hebben,3584 8762 maar hunlieder tijd6256 zou eeuwig5769 geweest zijn. [081:17] En zou het gespijsd hebben398 8686 met het vette2459 der tarwe;2406 ja, Ik zou u verzadigd hebben7646 8686 met honig1706 uit de rotsstenen.6697