1 Chronicles 17:13

“Ik589 zal hem tot een Vader1 zijn,1961 8799 en hij1931 zal Mij tot een zoon1121 zijn;1961 8799 en Mijn goedertierenheid2617 zal Ik van4480 5973 hem niet3808 wenden,5493 8686 gelijk als834 Ik [die] weggenomen heb5493 8689 van4480 dien, die834 voor6440 u geweest is;1961 8804”

1 Chronicles 17:13 — Statenvertaling (1637)

Verse 13 of 27 in 1 Chronicles chapter 17 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

1 Chronicles 17 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Het geschiedde1961 8799 nu, als834 1732 in zijn huis1004 woonde,3427 8804 dat 1732 tot413 ,5416 den profeet,5030 zeide:559 8799 ,2009 ik598 woon3427 8802 in een cederen730 huis,1004 maar de 727 des verbonds1285 des HEEREN3068 onder8478 gordijnen.3407 Toen zeide559 8799 5416 tot413 :1732 Doe6213 8798 alles,3605 wat834 in uw hart3824 is, want3588 God430 is met5973 u. Maar het geschiedde1961 8799 in denzelven1931 nacht,3915 dat het woord1697 Gods430 tot413 5416 kwam,1961 8799 zeggende:559 8800 Ga heen3212 8798 en zeg559 8804 tot413 ,1732 knecht:5650 Alzo3541 zegt559 8804 de HEERE:3068 Gij859 zult geen3808 huis1004 bouwen,1129 8799 om in te wonen.3427 8800 Want3588 Ik heb in geen3808 huis1004 gewoond3427 8804 van4480 dien dag3117 af, dat834 Ik 3478 heb opgevoerd5927 8689 tot5704 dezen2088 dag3117 toe; maar Ik ben gegaan1961 8799 van4480 tent168 tot413 tent,168 en van4480 tabernakel4908 [tot] [tabernakel]. Overal,3605 waar834 Ik gewandeld heb1980 8694 met geheel3605 ,3478 heb Ik wel een woord1697 gesproken1696 8765 tot een259 van de richters8199 8802 van ,3478 denwelken834 Ik gebood6680 8765 volk5971 te weiden,7462 8800 zeggende:559 8800 Waarom4100 bouwt gijlieden1129 8804 geen3808 cederen730 huis?1004 Nu ,6258 alzo3541 zult gij zeggen559 8799 tot knecht,5650 tot :1732 Zo3541 zegt559 8804 de HEERE3068 der heirscharen:6635 Ik589 heb u van4480 de schaapskooi5116 genomen,3947 8804 van4480 achter310 de schapen,6629 opdat gij een voorganger5057 over5921 volk5971 3478 zoudt zijn;1961 8800 En Ik ben met5973 u geweest1961 8799 overal,3605 waar834 gij heengegaan zijt,1980 8804 en Ik heb al3605 uw vijanden341 8802 uitgeroeid3772 8686 van voor4480 uw aangezicht;6440 en Ik heb u een naam8034 gemaakt,6213 8804 gelijk de naam8034 is der groten,1419 die834 op de aarde776 zijn. En Ik heb voor volk5971 3478 een plaats4725 besteld,7760 8804 en hem geplant,5193 8804 dat hij aan zijn plaats8478 wone,7931 8804 en niet3808 meer5750 heen en weder gedreven worde;7264 8799 en de kinderen1121 der verkeerdheid5766 zullen hem niet3808 meer3254 8686 krenken,1086 8763 gelijk als834 in het eerst.7223 En van4480 die dagen3117 af, dat834 Ik geboden heb6680 8765 richters8199 8802 te wezen over5921 volk5971 ;3478 en heb al3605 uw vijanden341 8802 vernederd;3665 8689 ook heb Ik u te kennen gegeven,5046 8686 dat u de HEERE3068 een huis1004 bouwen zal.1129 8799 En het zal geschieden,1961 8804 als3588 uw dagen3117 zullen vervuld zijn,4390 8804 dat gij heengaat3212 8800 tot5973 uw vaderen,1 zo zal Ik uw zaad2233 na310 u doen opstaan,6965 8689 hetwelk834 uit4480 uw zonen1121 zijn zal,1961 8799 en Ik zal zijn koninkrijk4438 bevestigen.3559 8689 Die1931 zal een huis1004 bouwen,1129 8799 en Ik zal zijn stoel3678 bevestigen3559 8790 tot in5704 der eeuwigheid.5769 Ik589 zal hem tot een Vader1 zijn,1961 8799 en hij1931 zal tot een zoon1121 zijn;1961 8799 en goedertierenheid2617 zal Ik van4480 5973 hem niet3808 wenden,5493 8686 gelijk als834 Ik [die] weggenomen heb5493 8689 van4480 dien, die834 voor6440 u geweest is;1961 8804 Maar Ik zal hem in huis1004 bestendig maken,5975 8689 en in Koninkrijk4438 tot in5704 eeuwigheid;5769 en zijn stoel3678 zal vast3559 8737 zijn1961 8799 tot in5704 eeuwigheid.5769 Naar al3605 deze428 woorden,1697 en naar dit2088 ganse3605 gezicht,2377 alzo3651 sprak1696 8765 5416 tot413 .1732 Toen kwam935 8799 de koning4428 1732 in, en bleef3427 8799 voor het aangezicht6440 des HEEREN,3068 en hij zeide:559 8799 Wie4310 ben ik,589 HEERE3068 God,430 en wat4310 is mijn huis,1004 dat3588 mij tot5704 hiertoe1988 gebracht hebt?935 8689 En dit2063 is klein6994 in Uw ogen5869 geweest,6994 8799 o God!430 daarom hebt van5921 het huis1004 knechts5650 tot van4480 verre heen7350 gesproken,1696 8762 en hebt mij naar menselijke120 wijze8448 voorzien7200 8804 met deze verhoging,4609 o HEERE3068 God!430 Wat4100 zal 1732 meer5750 bij413 U daartoe voegen,3254 8686 vanwege de eer3519 aan Uw knecht?5650 Gij859 kent3045 8804 Uw knecht5650 wel. HEERE,3068 om5668 knechts5650 wil, en naar Uw hart,3820 hebt al3605 deze2063 grote dingen1420 gedaan,6213 8804 om al3605 deze grote dingen1420 bekend te maken.3045 8687 HEERE,3068 er is niemand369 gelijk3644 , en er is geen369 God430 behalve2108 , naar alles,3605 wat834 wij met onze oren241 gehoord hebben.8085 8804 En wie4310 is als Uw volk5971 ,3478 een enig259 volk1471 op de aarde,776 hetwelk834 God430 heengegaan is1980 8804 tot een volk5971 te verlossen,6299 8800 dat U een Naam8034 maaktet7760 8800 van grote1420 en verschrikkelijke dingen,3372 8737 met de heidenen1471 uit te stoten1644 8763 van4480 het aangezicht6440 volks,5971 hetwelk834 uit4480 Egypte4714 verlost hebt?6299 8804 En hebt Uw volk5971 3478 U ten volk5971 gemaakt5414 8799 tot in5704 der eeuwigheid;5769 en ,859 HEERE,3068 zijt1961 8804 hun tot een God430 geworden. Nu ,6258 HEERE,3068 het woord,1697 dat834 over5921 Uw knecht5650 gesproken hebt,1696 8765 en over5921 zijn huis,1004 dat worde waar539 8735 tot in5704 eeuwigheid;5769 en doe,6213 8798 gelijk als834 gesproken hebt.1696 8765 Ja, het worde waar,539 8735 en Uw Naam8034 worde groot gemaakt1431 8799 tot in5704 eeuwigheid,5769 dat men zegge:559 8800 De HEERE3068 der heirscharen,6635 de God430 van ,3478 is Israels3478 God;430 en het huis1004 van ,1732 Uw knecht,5650 zij bestendig3559 8737 voor Uw aangezicht.6440 Want3588 ,859 mijn God,430 hebt voor het oor241 knechts5650 geopenbaard,1540 8804 dat hem een huis1004 bouwen zoudt;1129 8800 daarom5921 3651 heeft Uw knecht5650 [in] [zijn] [hart] gevonden,4672 8804 om voor Uw aangezicht6440 te bidden.6419 8692 Nu ,6258 HEERE,3068 Gij859 zijt die1931 God;430 en hebt dit2063 goede2896 over5921 Uw knecht5650 gesproken.1696 8762 Nu ,6258 het heeft U beliefd2974 8689 te zegenen1288 8763 het huis1004 knechts,5650 dat het in eeuwigheid5769 voor Uw aangezicht6440 zij;1961 8800 want3588 ,859 HEERE,3068 hebt het gezegend,1288 8765 en het zal gezegend zijn1288 8794 in eeuwigheid.5769

Every verse in 1 Chronicles 17

Chapter navigation

0:000:00