1 Samuel 18:6

“Het geschiedde1961 8799 nu, toen zij kwamen,935 8800 en David1732 wederkeerde7725 8800 van4480 het slaan5221 8687 der Filistijnen,6430 dat de vrouwen802 uitgingen3318 8799 uit4480 al3605 de steden5892 van Israel,3478 met gezang7891 8800 en reien,4246 den koning4428 Saul7586 tegemoet,7125 8800 met trommelen,8596 met vreugde8057 en met muziekinstrumenten.7991”

1 Samuel 18:6 — Statenvertaling (1637)

Verse 6 of 30 in 1 Samuel chapter 18 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

1 Samuel 18 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Het geschiedde1961 8804 nu, als hij geeindigd had3615 8763 tot413 7586 te spreken,1696 8763 dat de ziel5315 van 3083 verbonden werd7194 8738 aan de ziel5315 van ;1732 en 3083 beminde157 8799 hem als zijn ziel.5315 En 7586 nam3947 8799 hem te dien1931 dage,3117 en liet5414 8804 hem niet3808 werderkeren7725 8800 tot zijns vaders1 huis.1004 3083 nu en 1732 maakten3772 8799 een verbond,1285 dewijl hij hem853 liefhad160 als zijn ziel.5315 En 3083 deed6584 zijn mantel4598 af,6584 8691 dien834 hij aan had,5921 en gaf5414 8799 hem aan ,1732 ook zijn klederen,4055 ja, tot5704 zijn zwaard2719 toe, en tot5704 zijn boog7198 toe, en tot5704 zijn gordel2289 toe. En 1732 toog uit,3318 8799 overal,3605 waar834 7586 hem zond;7971 8799 hij gedroeg zich voorzichtiglijk,7919 8686 en 7586 zette7760 8799 hem over5921 de krijgslieden;582 4421 en hij was aangenaam3190 8799 in de ogen5869 des gansen3605 volks,5971 en ook1571 in de ogen5869 der knechten7586 van .5650 Het geschiedde1961 8799 nu, toen zij kwamen,935 8800 en 1732 wederkeerde7725 8800 van4480 het slaan5221 8687 der ,6430 dat de vrouwen802 uitgingen3318 8799 uit4480 al3605 de steden5892 van ,3478 met gezang7891 8800 en reien,4246 den koning4428 7586 tegemoet,7125 8800 met trommelen,8596 met vreugde8057 en met muziekinstrumenten.7991 En de vrouwen,802 spelende,7832 8764 antwoordden6030 8799 [elkander] en zeiden:559 8799 7586 heeft zijn duizenden505 verslagen,5221 8689 maar 1732 zijn tienduizenden!7233 Toen ontstak2734 8799 7586 zeer,3966 en dat2088 woord1697 was kwaad3415 8799 in zijn ogen,5869 en hij zeide:559 8799 hebben 1732 tien duizend7233 gegeven,5414 8804 doch mij hebben zij [maar] duizend505 gegeven;5414 8804 en voorzeker389 zal het koninkrijk4410 nog5750 voor hem zijn. En 7586 had het oog1961 8799 5770 8802 op ,1732 van4480 dien1931 dag3117 af en voortaan.1973 En het geschiedde1961 8799 des4480 anderen daags,4283 dat de boze7451 geest7307 Gods430 over413 7586 vaardig werd,6743 8799 en hij profeteerde5012 8691 midden8432 in het huis,1004 en 1732 speelde op snarenspel5059 8764 met zijn hand,3027 als van dag3117 tot dag;3117 7586 nu had een spies2595 in zijn hand.3027 En 7586 schoot2904 8686 de spies,2595 en zeide:559 8799 Ik zal 1732 aan den wand7023 spitten;5221 8686 maar 1732 wendde zich5437 8735 tweemaal6471 van4480 zijn aangezicht6440 af. En 7586 vreesde3372 8799 voor4480 6440 ,1732 want3588 de HEERE3068 was1961 8804 met5973 hem, en was van4480 5973 7586 geweken.5493 8804 Daarom deed5493 hem 7586 van4480 5973 zich weg,5493 8686 en hij zette7760 8799 hem zich tot een overste8269 van duizend;505 en hij ging uit3318 8799 en hij ging in935 8799 voor het aangezicht6440 des volks.5971 En 1732 gedroeg zich voorzichtiglijk1961 8799 7919 8688 op al3605 zijn wegen;1870 en de HEERE3068 was met5973 hem. Toen nu 7586 zag,7200 8799 dat834 hij1931 zich zeer3966 voorzichtiglijk gedroeg,7919 8688 vreesde hij1481 8799 voor4480 zijn aangezicht.6440 Doch gans3605 3478 en Juda3063 had157 1732 lief;157 8802 want3588 hij1931 ging uit3318 8802 en hij ging in935 8802 voor hun aangezicht.6440 Derhalve zeide559 8799 7586 tot413 :1732 ,2009 mijn grootste1419 dochter1323 Merab4764 zal ik u tot een vrouw802 geven;5414 8799 alleenlijk,389 wees1961 8798 mij een dapper2428 zoon,1121 en voer3898 8734 den krijg4421 des HEEREN.3068 7586 zeide:559 8804 mijn hand3027 niet408 tegen hem zij,1961 8799 maar dat de hand3027 der Filistijnen6430 tegen hem zij.1961 8799 Doch 1732 zeide559 8799 tot413 :7586 Wie4310 ben ik,595 en wat4310 is mijn leven,2416 [en] mijns vaders1 huisgezin4940 in ,3478 dat3588 ik des konings4428 schoonzoon2860 zou worden?1961 8799 Het geschiedde1961 8799 nu ten tijde6256 als men ,4764 de dochter1323 van ,7586 aan 1732 geven zou,5414 8800 zo is zij1931 aan ,5741 den ,4259 ter vrouw802 gegeven.5414 8738 Doch ,4324 de dochter1323 van ,7586 had157 1732 lief.157 8799 dat 7586 te kennen werd gegeven,5046 8686 zo was3474 die zaak1697 recht3474 8799 in zijn ogen.5869 En 7586 zeide:559 8799 Ik zal haar hem geven,5414 8799 dat zij hem tot een valstrik4170 zij,1961 8799 en dat de hand3027 der Filistijnen6430 tegen hem zij.1961 8799 zeide559 8799 7586 tot413 :1732 de andere8147 zult gij heden3117 mijn schoonzoon2859 8691 worden. En 7586 gebood6680 8762 zijn knechten:5650 Spreekt1696 8761 met413 1732 in het heimelijke,3909 zeggende:559 8800 ,2009 de koning4428 heeft lust2654 8804 aan u, en al3605 zijn knechten5650 hebben u lief;157 8804 word nu6258 des konings4428 schoonzoon.2859 8690 En de knechten5650 van 7586 spraken1696 8762 deze428 woorden1697 voor de oren241 van .1732 zeide559 8799 :1732 Is dat licht7043 8738 in ulieder ogen,5869 des konings4428 schoonzoon2859 8692 te worden, daar ik595 een arm7326 8802 en verachtzaam7034 8737 man376 ben? En de knechten5650 van 7586 boodschapten5046 8686 het hem, zeggende:559 8800 Zulke428 woorden1697 heeft 1732 gesproken.1696 8765 Toen zeide559 8799 :7586 Aldus3541 zult gijlieden tot 1732 zeggen:559 8799 De koning4428 heeft geen369 lust2656 aan den bruidschat,4119 maar3588 aan honderd3967 voorhuiden6190 der ,6430 opdat men zich wreke5358 8736 aan des konings4428 vijanden.341 8802 7586 dacht2803 8804 1732 te vellen5307 8687 door de hand3027 der .6430 Zijn knechten5650 nu boodschapten5046 8686 1732 deze428 woorden.1697 En die zaak1697 was recht3474 8799 in de ogen5869 van ,1732 dat hij des konings4428 schoonzoon2859 8692 zou worden; maar de dagen3117 waren nog niet3808 vervuld.4390 8804 Toen maakte zich6965 1732 op,6965 8799 en hij1931 en zijn mannen582 gingen heen,3212 8799 en zij sloegen5221 8686 onder de Filistijnen6430 tweehonderd3967 mannen,376 en 1732 bracht935 8686 hun voorhuiden,6190 en men leverde4390 ze den koning4428 volkomenlijk,4390 8762 opdat hij schoonzoon2859 8692 des konings4428 worden zou. Toen gaf5414 8799 7586 hem zijn dochter1323 4324 ter vrouw.802 En 7586 zag7200 8799 en merkte,3045 8799 dat3588 de HEERE3068 met5973 1732 was; en ,4324 de dochter1323 van ,7586 had hem lief.157 8804 Toen vreesde zich3372 8800 7586 nog5750 meer3254 8686 voor4480 6440 ;1732 en 7586 was1961 8799 1732 een vijand341 8802 al3605 [zijn] dagen.3117 Als de vorsten8269 der Filistijnen6430 uittogen,3318 8799 zo geschiedde het,1961 8799 als1767 zij uittogen,3318 8800 dat 1732 kloeker was,7919 8804 4480 al3605 de knechten5650 van ;7586 zodat zijn naam8034 zeer3966 geacht was.3365 8799

Every verse in 1 Samuel 18

Chapter navigation

0:000:00