1 Samuel 20:40

“Toen gaf5414 8799 Jonathan3083 zijn gereedschap3627 aan413 den jongen,5288 dien834 hij had; en hij zeide559 8799 tot hem: Ga heen,3212 8798 breng935 8685 het in de stad.5892”

1 Samuel 20:40 — Statenvertaling (1637)

Verse 40 of 42 in 1 Samuel chapter 20 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

1 Samuel 20 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Toen vluchtte1272 8799 1732 van4480 Najoth5121 bij ,7414 en hij kwam,935 8799 en zeide559 8799 voor het aangezicht6440 van :3083 Wat4100 heb ik gedaan,6213 8804 wat4100 is mijn misdaad,5771 en wat4100 is mijn zonde2403 voor het aangezicht6440 uws vaders,1 dat3588 hij mijn ziel5315 zoekt?1245 8764 Hij daarentegen zeide559 8799 tot hem: Dat zij verre,2486 gij zult niet3808 sterven.4191 8799 ,2009 mijn vader1 doet6213 8799 8675 6213 8804 geen grote1419 zaak,1697 en176 geen kleine6996 zaak, die hij voor mijn oor241 niet3808 openbaart;1540 8799 waarom4069 zou mijn vader1 deze2099 zaak1697 van4480 mij verbergen?5641 8686 Dat2063 is niet.369 Toen zwoer7650 8735 1732 verder,5750 en zeide:559 8799 Uw vader1 weet3045 8804 zeer wel,3045 8800 dat3588 ik genade2580 in uw ogen5869 gevonden heb;4672 8804 daarom heeft hij gezegd:559 8799 3083 dit2063 niet408 wete,3045 8799 opdat6435 hij zich niet6435 bekommere;6087 8735 en zekerlijk,199 [zo] [waarachtig] [als] de HEERE3068 leeft,2416 en uw ziel5315 leeft,2416 er is maar3588 als een schrede6587 tussen996 mij en tussen996 den dood!4194 3083 nu zeide559 8799 tot413 :1732 Wat4100 uw ziel5315 zegt,559 8799 dat zal ik u doen.6213 8799 En 1732 zeide559 8799 tot413 :3083 ,2009 morgen4279 is de nieuwe maan,2320 dat ik595 zekerlijk3427 8800 met5973 den koning4428 zou aanzitten3427 8799 om te eten;398 8800 zo laat mij gaan,7971 8765 dat ik mij op het veld7704 verberge5641 8738 tot5704 aan den derden7992 avond.6153 Indien518 uw vader1 mij gewisselijk6485 8800 mist,6485 8799 zo zult gij zeggen:559 8804 1732 heeft van4480 mij zeer7592 8736 begeerd,7592 8738 dat hij tot zijn stad5892 1035 mocht lopen;7323 8800 want3588 aldaar8033 is een jaarlijks3117 offer2077 voor het ganse3605 geslacht.4940 Indien518 hij aldus3541 zegt:559 8799 is goed,2896 zo heeft uw knecht5650 vrede;7965 maar indien518 hij gans2734 8800 ontstoken is,2734 8799 zo weet,3045 8789 dat3588 het kwaad7451 bij4480 5973 hem ten volle besloten is.3615 8804 Doe6213 8804 barmhartigheid2617 aan5921 uw knecht,5650 want3588 gij hebt uw knecht5650 in een verbond1285 des HEEREN3068 met5973 u gebracht;935 8689 518 maar is er3426 een misdaad5771 in mij, zo dood4191 8685 gij859 mij; waarom4100 2088 zoudt gij mij toch tot5704 uw vader1 brengen?935 8686 Toen zeide559 8799 :3083 zij verre2486 van u! Maar3588 indien518 ik zekerlijk3045 8800 merkte,3045 8799 dat3588 dit kwaad7451 bij4480 5973 mijn vader1 ten volle besloten ware,3615 8804 dat het u5921 zou overkomen,935 8800 zou ik dat853 u niet3808 te kennen geven?5046 8686 1732 nu zeide559 8799 tot413 :3083 Wie4310 zal het mij te kennen geven,5046 8686 indien176 uw vader1 u wat4100 hards7186 antwoordt?6030 8799 Toen zeide559 8799 3083 tot413 :1732 ,3212 8798 laat ons toch uitgaan3318 8799 in het veld;7704 en die beiden8147 gingen uit3318 8799 in het veld.7704 En 3083 zeide559 8799 tot413 :1732 De HEERE,3068 de God430 ,3478 indien3588 ik mijn vader1 onderzocht zal hebben2713 8799 omtrent dezen tijd,6256 morgen4279 [of] overmorgen,7992 en zie,2009 het is goed2895 8804 voor413 ,1732 en ik 227 tot413 u niet3808 zende,7971 8799 en [voor] uw oor241 openbare;1540 8804 Alzo3541 doe6213 8799 de HEERE3068 aan ,3083 en alzo3541 doe daartoe!3254 8686 Als3588 mijn413 vader1 het kwaad7451 over5921 u behaagt,3190 8686 zo zal ik het voor uw oor241 ontdekken,1540 8804 en ik zal u trekken laten,7971 8765 dat gij in vrede7965 heengaat;1980 8804 en de HEERE3068 zij1961 8799 met5973 u, gelijk als834 met5973 mijn vader1 geweest is.1961 8804 En zult gij niet,3808 indien518 ik nog5750 leve,2416 ja, zult gij niet3808 de weldadigheid2617 des HEEREN3068 aan5978 mij doen,6213 8799 dat ik niet3808 sterve?4191 8799 Ook zult gij uw weldadigheid2617 niet3808 afsnijden3772 8686 van4480 5973 mijn huis1004 tot in5704 eeuwigheid;5769 ook niet3808 wanneer de HEERE3068 een iegelijk376 der vijanden341 8802 van 1732 van4480 5921 den aardbodem6440 127 zal afgesneden hebben.3772 8687 Alzo maakte3772 8799 3083 [een] [verbond] met5973 het huis1004 van ,1732 [zeggende]: Dat het de HEERE3068 eise1245 8765 van4480 de hand3027 der vijanden341 8802 !1732 En 3083 voer voort,3254 8686 met 1732 te doen zweren,7650 8687 omdat hij hem853 liefhad;160 want3588 hij had hem lief157 8804 met de liefde160 zijner ziel.5315 Daarna zeide559 8799 3083 tot hem: Morgen4279 is de nieuwe maan;2320 zal men u missen,6485 8738 want3588 uw zitplaats4186 zal ledig gevonden worden.6485 8735 En als gij de drie dagen zult uitgebleven zijn,8027 8765 kom3381 haastig3966 af,3381 8799 en ga935 8804 tot413 die plaats,4725 waar834 8033 gij u verborgen hadt5641 8738 ten dage3117 dezer handeling;4639 en blijf3427 8804 bij681 den steen68 .237 Zo zal589 ik drie7969 pijlen2671 ter zijde6654 schieten,3384 8686 als of ik naar een teken4307 schoot.7971 8763 En zie,2009 ik zal den jongen5288 zenden,7971 8799 [zeggende]: Ga heen,3212 8798 zoek4672 8798 de pijlen,2671 indien518 ik uitdrukkelijk559 8800 tot den jongen5288 zeg:559 8799 ,2009 de pijlen2671 zijn van4480 u af en herwaarts,2008 neem3947 8798 hem; en kom gij,935 8798 want3588 er is vrede7965 voor u, en er is geen369 ding,1697 [zo] [waarlijk] de HEERE3068 leeft!2416 Maar indien518 ik tot den jongen5958 alzo3541 zeg:559 8799 ,2009 de pijlen2671 zijn van u af4480 en verder;1973 ga heen,3212 8798 want3588 de HEERE3068 heeft u laten gaan.7971 8765 En aangaande de zaak,1697 waarvan834 ik589 en gij859 gesproken hebben,1696 8765 zie,2009 de HEERE3068 zij tussen996 mij en tussen996 u, tot in5704 eeuwigheid!5769 1732 nu verborg zich5641 8735 in het veld;7704 en als het nieuwe maan2320 was,1961 8799 zat3427 8799 de koning4428 bij413 de spijze,3899 om te eten.398 8800 Toen zich de koning4428 gezet had3427 8799 op5921 zijn zitplaats,4186 op dit maal6471 gelijk de andere maal,6471 aan413 de stede4186 bij den wand,7023 zo stond6965 3083 op,6965 8799 en 74 zat3427 8799 aan4480 Sauls7586 zijde,6654 en Davids1732 plaats4725 werd ledig gevonden.6485 8735 En 7586 sprak1696 8765 te dien1931 dage3117 niets,3808 3972 want3588 hij zeide:559 8804 Hem1931 is wat voorgevallen,4745 dat hij1931 niet1115 rein2889 is; voorzeker,3588 hij is niet3808 rein.2889 Het geschiedde1961 8799 nu des4480 anderen daags,4283 den tweeden8145 der nieuwe maan,2320 als Davids1732 plaats4725 ledig gevonden werd,6485 8735 zo zeide559 8799 7586 tot413 zijn zoon1121 :3083 Waarom4069 is de zoon1121 van Isai3448 noch3808 1571 gisteren8543 noch1571 heden3117 tot413 de spijze3899 gekomen?935 8804 En 3083 antwoordde6030 8799 :7586 1732 begeerde7592 8738 van4480 mij5978 ernstelijk7592 8736 naar5704 1035 te mogen gaan. En hij zeide:559 8799 mij toch4994 gaan;7971 8761 want3588 ons geslacht4940 heeft een offer2077 in de stad,5892 en mijn broeder251 heeft het mij zelfs1931 geboden;6680 8765 518 heb ik nu6258 genade2580 in uw ogen5869 gevonden,4672 8804 laat mij toch4994 ontslagen zijn,4422 8735 dat ik mijn broeders251 zie;7200 8799 hierom5921 3651 is hij aan413 des konings4428 tafel7979 niet3808 gekomen.935 8804 Toen ontstak2734 8799 de toorn639 van 7586 tegen ,3083 en hij zeide559 8799 tot hem: Gij, zoon1121 der verkeerde5753 8737 in wederspannigheid,4780 weet ik3045 8804 het niet,3808 dat3588 gij859 den zoon1121 van Isai3448 verkoren hebt977 8802 tot uw schande,1322 en tot schande1322 van de naaktheid6172 uwer moeder?517 Want3588 al3605 de dagen,3117 die834 de zoon1121 van Isai3448 op5921 den aardbodem127 leven zal,2425 8804 zo zult gij859 noch uw koninkrijk4438 bevestigd worden;3559 8735 nu ,6258 schik heen,7971 8798 en haal3947 8798 hem853 tot413 mij, want3588 hij1931 is een kind1121 des doods.4194 Toen antwoordde6030 8799 3083 ,7586 zijn vader,1 en zeide559 8799 tot413 hem: Waarom4100 zal hij gedood worden?4191 8714 Wat4100 heeft hij gedaan?6213 8804 Toen schoot2904 8686 7586 de spies2595 op5921 hem, om hem te slaan.5221 8687 merkte3045 8799 ,3083 dat3588 dit1931 ten volle bij4480 5973 zijn vader1 besloten was,3617 1732 te doden.4191 8687 Daarom stond6965 3083 van4480 5973 de tafel7979 op6965 8799 in hittigheid2750 des toorns;639 en hij at398 8804 op den tweeden8145 dag3117 der nieuwe maan2320 geen3808 brood,3899 want3588 hij was bekommerd6087 8738 om413 ,1732 omdat3588 zijn vader1 hem gesmaad had.3637 8689 En het geschiedde1961 8799 des morgens,1242 dat 3083 in het veld7704 ging,3318 8799 op den tijd4150 , die 1732 bestemd was;4150 en er was een kleine6996 jongen5288 bij5973 hem. En hij zeide559 8799 tot zijn jongen:5288 ,7323 8798 zoek4672 8798 nu4994 de pijlen,2671 die834 ik595 schieten zal.3384 8688 De jongen5288 liep heen,7323 8801 en hij1931 schoot3384 8804 een pijl,2678 dien hij deed over hem vliegen.5674 8687 Toen de jongen5288 tot5704 aan de plaats4725 des pijls,2678 dien834 3083 geschoten had,3384 8804 gekomen was,935 8799 zo riep7121 8799 3083 den jongen5288 na,310 en zeide:559 8799 Is niet3808 de pijl2678 van u af4480 en verder?1973 Wederom riep7121 8799 3083 den jongen5288 na:310 u,4120 spoed u,2363 8798 sta5975 niet408 stil!5975 8799 De jongen5288 van 3083 nu raapte3950 den pijl2671 8675 2678 op,3950 8762 en hij kwam935 8799 tot413 zijn heer.113 Doch de jongen5288 wist3045 8804 er niets3808 3972 van; 3083 en 1732 alleen389 wisten3045 8804 van de zaak.1697 Toen gaf5414 8799 3083 zijn gereedschap3627 aan413 den jongen,5288 dien834 hij had; en hij zeide559 8799 tot hem: Ga heen,3212 8798 breng935 8685 het in de stad.5892 Als de jongen5288 heenging,935 8802 zo stond6965 1732 op6965 8804 van4480 681 de zuidzijde,5045 en hij viel5307 8799 op zijn aangezicht639 ter aarde,776 en hij boog zich7812 8691 driemaal;7969 6471 en zij kusten5401 8799 elkander,376 7453 en weenden1058 8799 met elkander,376 7453 totdat5704 het 1732 gans veel maakte.1431 8689 Toen zeide559 8799 3083 tot :1732 Ga3212 8798 in vrede;7965 hetgeen834 wij587 beiden8147 in den Naam8034 des HEEREN3068 gezworen hebben,7650 8738 zeggende:559 8800 De HEERE3068 zij1961 8799 tussen996 mij en tussen996 u, en tussen996 mijn zaad2233 en tussen996 uw zaad,2233 zij tot in5704 eeuwigheid!5769 stond hij op,6965 8799 en ging heen;3212 8799 en 3083 kwam935 8802 in de stad.5892

Every verse in 1 Samuel 20

Chapter navigation

0:000:00