2 Chronicles 13:20
“En Jerobeam3379 behield6113 8804 geen3808 kracht3581 meer5750 in de dagen3117 van Abia;29 maar de HEERE3068 sloeg5062 8799 hem, dat hij stierf.4191 8799”
2 Chronicles 13:20 — Statenvertaling (1637)
Verse 20 of 22 in 2 Chronicles chapter 13 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
2 Chronicles 13 — full chapter (Statenvertaling (1637))
In het achttiende8083 6240 jaar8141 van den koning4428 ,3379 zo werd4427 Abia29 koning4427 8799 over5921 .3063 Hij regeerde4427 8804 drie7969 jaren8141 te ;3389 en de naam8034 zijner moeder517 was ,4322 de dochter1323 van ,222 van4480 ;1390 en er was1961 8804 krijg4421 tussen996 Abia29 en tussen996 .3379 En Abia29 bond631 den strijd4421 aan631 8799 met een heir2428 van strijdbare4421 helden,1368 vierhonderd702 3967 duizend505 uitgelezen977 8803 mannen;376 en Jerobeam3379 stelde6186 8804 tegen5973 hem de slagorde,4421 met achthonderd8083 3967 duizend505 uitgelezen977 8803 mannen,376 kloeke2428 helden.1368 En Abia29 maakte zich op6965 8799 van4480 boven5921 den berg2022 ,6787 dewelke834 is in het gebergte2022 van ;669 en hij zeide:559 8799 Hoort8085 8798 mij toe, Jerobeam,3379 en gans3605 !3478 Staat het u niet3808 toe te weten,3045 8800 dat3588 de HEERE,3068 de God430 ,3478 het koninkrijk4467 over5921 3478 aan 1732 gegeven heeft,5414 8804 tot in eeuwigheid,5769 hem en zijn zonen,1121 met een zoutverbond?1285 4417 Evenwel is ,3379 de zoon1121 van ,5028 de knecht5650 van ,8010 den zoon1121 van ,1732 opgestaan,6965 8799 en heeft gerebelleerd4775 8799 tegen5921 zijn heer.113 Daartoe hebben zich ijdele7386 mannen,582 kinderen1121 ,1100 tot5921 hem vergaderd,6908 8735 en hebben zich sterk gemaakt553 8691 tegen5921 ,7346 den zoon1121 van ,8010 als Rehabeam7346 jong5288 was1961 8804 en teder7390 van hart,3824 dat hij zich tegen6440 hen niet3808 kon versterken.2388 8694 En nu,6258 gij859 denkt559 8802 u te versterken2388 8692 tegen6440 het koninkrijk4467 des HEEREN,3068 [hetwelk] in de hand3027 is der zonen1121 van ;1732 gij859 zijt wel een grote7227 menigte,1995 maar gij hebt gouden2091 kalveren5695 bij5973 u, die834 u Jerobeam3379 tot goden430 gemaakt heeft.6213 8804 Hebt gij niet3808 de priesteren3548 des HEEREN,3068 de zonen1121 van ,175 en de Levieten3881 uitgedreven,5080 8689 en hebt u priesteren3548 gemaakt,6213 8799 gelijk de volken5971 der landen?776 iegelijk,3605 die komt935 8802 om zijn hand3027 te vullen4390 8763 met een jong1121 1241 rund6499 en zeven7651 rammen,352 die wordt1961 8804 priester3548 dergenen, die geen3808 goden430 zijn. Maar ons587 aangaande, de HEERE3068 is onze God,430 en wij hebben niet3808 verlaten;5800 8804 en de priesters,3548 die den HEERE3068 dienen,8334 8764 zijn de zonen1121 van ,175 en de Levieten3881 zijn in het werk.4399 En zij steken aan6999 8688 voor den HEERE3068 brandofferen,5930 op elken1242 morgen1242 en op elken6153 avond,6153 ook reukwerk7004 van welriekende specerijen,5561 nevens de toerichting4635 des broods3899 op5921 de reine2889 tafel,7979 en den gouden2091 kandelaar4501 en zijn lampen,5216 om [die] op elken6153 avond6153 te doen branden;1197 8763 want3588 wij587 nemen waar8104 8802 de wacht4931 des HEEREN,3068 onzes ;430 maar gij859 hebt Hem853 verlaten.5800 8804 Daarom ziet,2009 God430 is met5973 ons aan de spitse,7218 en priesteren3548 met de trompetten2689 des geklanks,8643 om tegen u alarmgeklank te maken;7321 8687 o kinderen1121 ,3478 strijdt3898 8735 niet408 tegen5973 den HEERE,3068 den God430 uwer vaderen,1 want3588 gij zult geen3808 voorspoed hebben.6743 8686 Maar Jerobeam3379 deed een achterlage3993 omwenden,5437 8689 om van4480 achter310 hen te komen;935 8800 zo waren zij1961 8799 voor het aangezicht6440 van ,3063 en de achterlage3993 was achter4480 310 hen. Toen nu Juda3063 omzag,6437 8799 ziet,2009 zo hadden zij den strijd4421 voor6440 en achter;268 en zij riepen6817 8799 tot den HEERE,3068 en de priesters3548 trompetten2690 8688 8675 2690 8764 met de trompetten.2689 En de mannen376 van Juda3063 maakten een alarmgeschrei;7321 8686 en het geschiedde,1961 8799 als de mannen376 van Juda3063 een alarmgeschrei maakten,7321 8687 dat God430 Jerobeam3379 en het ganse3605 3478 sloeg5062 8804 voor6440 Abia29 en .3063 En de kinderen1121 Israels3478 vloden5127 8799 voor4480 het aangezicht6440 van ;3063 en God430 gaf5414 8799 hen in hun hand.3027 Abia29 , en zijn volk,5971 sloeg5221 8686 hen met een groten7227 slag;4347 want uit4480 3478 vielen5307 8799 verslagen2491 vijfhonderd2568 3967 duizend505 uitgelezen977 8803 mannen.376 Alzo werden de kinderen1121 Israels3478 vernederd3665 8735 te dier1931 tijd;6256 maar de kinderen1121 van Juda3063 werden machtig,553 8799 dewijl3588 zij op5921 den HEERE,3068 hunner vaderen1 God,430 gesteund hadden.8172 8738 En Abia29 jaagde7291 8799 Jerobeam3379 achterna,310 en nam3920 8799 van4480 hem de steden,5892 -el1008 met haar onderhorige plaatsen,1323 en Jesana3466 met haar onderhorige plaatsen,1323 en Efron6085 met haar onderhorige plaatsen.1323 En Jerobeam3379 behield6113 8804 geen3808 kracht3581 meer5750 in de dagen3117 van ;29 maar de HEERE3068 sloeg5062 8799 hem, dat hij stierf.4191 8799 Zo versterkte zich2388 8691 ;29 en hij nam zich5375 8799 veertien702 6240 vrouwen,802 en gewon3205 8686 twee8147 en twintig6242 zonen1121 en zestien8337 6240 dochteren.1323 Het overige3499 nu der geschiedenissen1697 van ,29 zo zijn wegen1870 als zijn woorden,1697 zijn beschreven3789 8803 in de historie4097 van den profeet5030 .5714