2 Chronicles 26:6

“Want hij toog uit,3318 8799 en krijgde3898 8735 tegen de Filistijnen,6430 en brak6555 8799 den muur2346 van Gath,1661 en den muur2346 van Jabne,2996 en den muur2346 van Asdod;795 daartoe bouwde hij1129 8799 steden5892 in Asdod,795 en onder de Filistijnen.6430”

2 Chronicles 26:6 — Statenvertaling (1637)

Verse 6 of 23 in 2 Chronicles chapter 26 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

2 Chronicles 26 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Toen nam3947 8799 het ganse3605 volk5971 van Juda3063 Uzzia5818 (die1931 nu zestien8337 6240 jaren8141 oud1121 was), en maakte4427 hem853 koning4427 8686 in de plaats8478 van zijn vader1 .558 Dezelve1931 bouwde1129 8804 ,359 en bracht ze weder7725 8686 aan ,3063 nadat310 de koning4428 met5973 zijn vaderen1 ontslapen was.7901 8800 Zestien8337 6240 jaren8141 was Uzzia5818 oud,1121 toen hij koning werd,4427 8800 en hij regeerde4427 8804 twee8147 en vijftig2572 jaren8141 te ;3389 en de naam8034 zijner moeder517 was ,3203 van4480 .3389 En hij deed6213 8799 dat recht3477 was in de ogen5869 des HEEREN,3068 naar alles,3605 wat834 zijn vader1 Amazia558 gedaan had.6213 8804 Want hij begaf zich1961 8799 om God430 te zoeken,1875 8800 in de dagen3117 van ,2148 die verstandig was995 8688 in de gezichten7200 8800 ;430 in de dagen3117 nu, dat hij den HEERE3068 zocht,1875 8800 maakte6743 hem God430 voorspoedig.6743 8689 Want hij toog uit,3318 8799 en krijgde3898 8735 tegen de ,6430 en brak6555 8799 den muur2346 van ,1661 en den muur2346 van ,2996 en den muur2346 van ;795 daartoe bouwde hij1129 8799 steden5892 in ,795 en onder de .6430 En God430 hielp5826 8799 hem tegen5921 de ,6430 en tegen5921 de ,6163 die te -baal1485 woonden,3427 8802 en [tegen] de .4586 En de Ammonieten5984 gaven5414 8799 Uzzia5818 geschenken;4503 en zijn naam8034 ging3212 8799 tot5704 den ingang935 8800 van ,4714 want3588 hij sterkte zich2388 8689 ten5704 hoogste.4605 Daartoe bouwde1129 8799 Uzzia5818 torens4026 te ,3389 aan5921 de Hoekpoort6438 8179 en aan5921 de ,1516 8179 en aan5921 de hoeken;4740 en hij sterkte2388 8762 ze. Hij bouwde1129 8799 ook torens4026 in de woestijn,4057 en hieuw2672 vele7227 putten953 uit,2672 8799 overmits3588 hij veel7227 vee4735 had,1961 8804 beide in de laagten8219 en in de effene velden;4334 akkerlieden406 en wijngaardeniers3755 op de bergen2022 en op de vruchtbare velden;3760 want3588 hij was1961 8804 een liefhebber157 8802 van den land127 [bouw]. Verder had1961 8799 Uzzia5818 een heirkracht2428 van geoefenden6213 8802 ten oorlog,4421 uittrekkende3318 8802 ten heire6635 bij benden,1416 naar het getal4557 hunner monstering,6486 daar de hand3027 van ,3273 den schrijver,5608 8802 en ,4641 den ambtman;7860 8802 onder5921 de hand3027 van ,2608 [een] van4480 de vorsten8269 des konings.4428 Het gehele3605 getal4557 van de hoofden7218 der vaderen,1 der strijdbare2428 helden,1368 was twee duizend505 en zeshonderd.8337 3967 En onder5921 hun hand3027 was een krijgsheir2428 6635 van driehonderd7969 3967 505 zeven7651 duizend505 en vijfhonderd,2568 3967 die met strijdbare2428 kracht3581 zich ten oorlog4421 oefenden,6213 8802 om den koning4428 tegen5921 den vijand341 8802 te helpen.5826 8800 En Uzzia5818 bereidde3559 8686 voor hen, voor het ganse3605 heir,6635 schilden,4043 en spiesen,7420 en helmen,3553 en pantsieren,8302 en bogen,7198 zelfs tot de slingerstenen7050 68 toe. Hij maakte6213 8799 ook te Jeruzalem3389 kunstige werken,2810 bedenking4284 van kunstige werkmeesters,2803 8802 dat zij op5921 de torens4026 en op5921 de hoeken6438 zijn zouden,1961 8800 om met pijlen2671 en met grote1419 stenen,68 te schieten;3384 8800 zo ging3318 zijn naam8034 tot5704 verre toe4480 7350 uit,3318 8799 want3588 hij werd wonderlijk6381 8689 geholpen,5826 8736 totdat5704 3588 hij sterk was.2388 8804 Maar als hij sterk geworden was,2393 verhief zich1361 8804 zijn hart3820 tot5704 verdervens7843 8687 toe, en hij overtrad4603 8799 tegen den HEERE,3068 zijn God;430 want hij ging935 8799 in413 den tempel1964 des HEEREN,3068 om te roken6999 8687 op5921 het reukaltaar.4196 7004 Doch ,5838 de priester,3548 ging935 8799 hem na,310 en met5973 hem des HEEREN3068 priesters,3548 tachtig8084 kloeke2428 mannen.1121 En zij wederstonden5975 8799 5921 den koning4428 ,5818 en zeiden559 8799 tot hem: Het komt u niet3808 toe, Uzzia,5818 den HEERE3068 te roken,6999 8687 maar3588 den priesteren,3548 Aarons175 zonen,1121 die geheiligd zijn,6942 8794 om te roken;6999 8687 ga uit3318 8798 4480 het heiligdom,4720 want3588 gij hebt overtreden,4603 8804 en het zal u niet3808 tot eer3519 zijn van4480 den HEERE3068 God.430 Toen werd2196 Uzzia5818 toornig,2196 8799 en het reukwerk4730 was in zijn hand,3027 om te roken;6999 8687 als hij nu toornig werd2196 8800 tegen5973 de priesteren,3548 rees2224 de melaatsheid6883 op2224 8804 aan zijn voorhoofd,4696 voor het aangezicht6440 der priesteren3548 in het huis1004 des HEEREN,3068 van4480 boven5921 het reukaltaar.7004 4196 Alstoen zag6437 8799 de hoofdpriester7218 3548 Azaria5838 op413 hem, en al3605 de priesteren3548 en ziet,2009 hij1931 was melaats6879 8794 aan zijn voorhoofd,4696 en zij stieten926 8686 hem met der haast van4480 daar,8033 ja hij zelf1931 werd ook1571 gedreven1765 8738 uit te gaan,3318 8800 omdat3588 de HEERE3068 hem geplaagd had.5060 8765 Alzo was1961 8799 de koning4428 Uzzia5818 melaats6879 8794 tot aan5704 den dag3117 zijns doods;4194 en melaats zijnde,6879 8794 woonde hij3427 8799 in een afgezonderd2669 8675 2669 huis,1004 want3588 hij was van4480 het huis1004 des HEEREN3068 afgesneden;1504 8738 3147 nu, zijn zoon,1121 was over5921 het huis1004 des konings,4428 richtende8199 8802 het volk5971 des lands.776 Het overige3499 nu der geschiedenissen1697 van ,5818 de eerste7223 en de laatste,314 heeft de profeet5030 ,3470 de zoon1121 van ,531 beschreven.3789 8804 En Uzzia5818 ontsliep7901 8799 met5973 zijn vaderen,1 en zij begroeven6912 8799 hem853 bij5973 zijn vaderen,1 in het veld7704 van de begrafenis,6900 die834 van de koningen4428 was; want3588 zij zeiden:559 8804 hij1931 is melaats;6879 8794 en zijn zoon1121 3147 werd koning4427 8799 in zijn plaats.8478

Every verse in 2 Chronicles 26

Chapter navigation

0:000:00