2 Kings
2 Kings 6
Statenvertaling (1637) · tap any highlighted word for context
2 Kings 6 — Scripture text (Statenvertaling (1637))
En de kinderen1121 der profeten5030 zeiden559 8799 tot413 6440 :477 Zie2009 nu,4994 de plaats,4725 waar834 8033 wij587 wonen3427 8802 voor uw aangezicht,6440 is voor4480 ons te eng.6862 Laat ons toch4994 tot aan5704 de Jordaan3383 gaan,3212 8799 en elk376 van4480 daar8033 een259 timmerhout6982 halen,3947 8799 dat wij ons daar8033 een plaats4725 maken,6213 8799 om er8033 te wonen.3427 8800 En hij zeide:559 8799 heen.3212 8798 En er zeide559 8799 een:259 believe u2974 8685 toch4994 te gaan3212 8798 met uw knechten.5650 En hij zeide:559 8799 Ik589 zal gaan.3212 8799 Zo ging hij3212 8799 met854 hen. Als zij nu aan de Jordaan3383 gekomen waren,935 8799 hieuwen zij1504 8799 hout6086 af. En het geschiedde,1961 8799 als een259 het timmerhout6982 velde,5307 8688 dat het ijzer1270 in413 het water4325 viel;5307 8804 en hij riep,6817 8799 en zeide:559 8799 ,162 mijn heer,113 want het1931 was geleend.7592 8803 En de man376 Gods430 zeide:559 8799 Waar575 is het gevallen?5307 8804 En toen hij hem de plaats4725 gewezen had,7200 8686 sneed hij7094 8799 een hout6086 af, en wierp7993 8686 het daarhenen,8033 en deed het ijzer1270 boven zwemmen.6687 8686 En hij zeide:559 8799 Neem7311 8685 het tot u op. Toen stak hij7971 zijn hand3027 uit,7971 8799 en nam3947 8799 het, En de koning4428 van Syrie758 voerde krijg1961 8804 3898 8737 tegen ,3478 en beraadslaagde zich3289 8735 met413 zijn knechten,5650 zeggende:559 8800 legering8466 zal zijn in413 de plaats4725 van zulk6423 een.492 Maar de man376 Gods430 zond henen7971 8799 tot413 den koning4428 van ,3478 zeggende:559 8800 u,8104 8734 dat gij door die2088 plaats4725 niet4480 trekt,5674 8800 want3588 de Syriers758 zijn daarhenen8033 afgekomen.5185 Daarom zond7971 8799 de koning4428 van 3478 henen aan413 die plaats,4725 waarvan834 hem de man376 Gods430 gezegd559 8804 en hem gewaarschuwd had,2094 8689 en wachtte zich8104 8738 aldaar,8033 niet3808 eenmaal,259 noch3808 tweemaal.8147 Toen werd het hart3820 des konings4428 van Syrie758 onstuimig5590 8735 over5921 dezen2088 handel;1697 en hij riep7121 8799 413 zijn knechten,5650 en zeide559 8799 tot413 hen: Zult gij mij niet3808 te kennen geven,5046 8686 wie4310 van4480 681 de onzen zij voor413 den koning4428 van ?3478 En een259 van4480 zijn knechten5650 zeide:559 8799 ,3808 mijn heer113 koning!4428 Maar3588 ,477 de profeet,5030 die834 in 3478 is, geeft5046 den koning4428 van 3478 te kennen5046 8686 de woorden,1697 die834 gij in uw binnenste slaapkamer2315 4904 spreekt.1696 8762 En hij zeide:559 8799 heen,3212 8798 en ziet,7200 8798 waar351 hij1931 is, dat ik zende7971 8799 en hem halen late.3947 8799 En hem werd te kennen gegeven,5046 8714 zeggende:559 8800 ,2009 hij is te .1886 Toen zond hij7971 8799 daarhenen8033 paarden,5483 en wagenen,7393 en een zwaar3515 heir;2428 welke des nachts3915 kwamen,935 8799 en omsingelden5362 8686 5921 de stad.5892 En de dienaar8334 8764 van den man376 Gods430 stond6965 zeer vroeg7925 8686 op,6965 8800 en ging uit;3318 8799 en ziet,2009 een heir2428 omringde5437 8802 de stad5892 met paarden5483 en wagenen.7393 zeide559 8799 zijn jongen5288 tot413 hem: Ach,162 mijn heer,113 hoe349 zullen wij doen.6213 8799 En hij zeide:559 8799 Vrees3372 8799 niet;408 want3588 die834 bij853 ons zijn, zijn meer,7227 4480 die834 bij854 hen zijn. En Elisa477 bad,6419 8691 en zeide:559 8799 HEERE,3068 open6491 8798 toch4994 zijn ogen,5869 dat hij zie!7200 8799 En de HEERE3068 opende6491 8799 de ogen5869 van den jongen,5288 dat hij zag;7200 8799 en ziet,2009 de berg2022 was vol4390 8804 vurige784 paarden5483 en wagenen7393 rondom5439 .477 Als zij nu tot413 hem afkwamen,3381 8799 bad6419 8691 Elisa477 tot413 den HEERE,3068 en zeide:559 8799 Sla5221 8685 toch4994 dit2088 volk1471 met verblindheden.5575 En sloeg5221 8686 hen met verblindheden,5575 naar het woord1697 van .477 Toen zeide559 8799 Elisa477 tot413 hen: Dit2088 is de weg1870 niet,3808 en dit2090 is de stad5892 niet;3808 volgt3212 8798 mij na,310 en ik zal u853 leiden3212 8686 tot413 den man,376 dien834 gij zoekt;1245 8762 en hij leidde3212 8686 hen853 naar .8111 En het geschiedde,1961 8799 als zij te 8111 gekomen waren,935 8800 dat Elisa477 zeide:559 8799 HEERE,3068 open6491 8798 de ogen5869 van dezen,428 dat zij zien!7200 8799 En de HEERE3068 opende6491 8799 hun ogen,5869 dat zij zagen;7200 8799 en ziet,2009 zij waren in het midden8432 van .8111 En de koning4428 van 3478 zeide559 8799 tot413 ,477 als hij hen853 zag:7200 8800 ik hen slaan?5221 8686 ik hen slaan,5221 8686 mijn vader?1 Doch hij zeide:559 8799 zult hen niet3808 slaan;5221 8686 zoudt gij ook slaan,5221 8688 die834 gij859 met uw zwaard2719 en met uw boog7198 gevangen hadt?7617 8804 Zet7760 8798 hun brood3899 en water4325 voor,6440 dat zij eten398 8799 en drinken,8354 8799 en tot413 hun heer113 trekken.3212 8799 En hij bereidde3739 8799 hun een grote1419 maaltijd,3740 dat zij aten398 8799 en dronken;8354 8799 daarna liet hij hen gaan,7971 8762 en zij trokken3212 8799 tot hun heer.113 Zo kwamen935 8800 de benden1416 der Syriers758 niet3808 meer5750 3254 8804 in het land776 van .3478 En het geschiedde1961 8799 daarna,310 3651 dat ,1130 de koning4428 van ,758 zijn gehele3605 leger4264 verzamelde,6908 8799 en optoog,5927 8799 en5921 8111 belegerde.6696 8799 En er werd1961 8799 grote1419 honger7458 in ;8111 want ziet,2099 zij belegerden6696 8802 5921 ze, totdat5704 een ezelskop2543 7218 voor tachtig8084 zilverlingen3701 was1961 800 [verkocht], en een vierendeel7255 van een kab6894 duivenmest1686 8675 3123 2755 voor vijf2568 zilverlingen.3701 En het geschiedde,1961 8700 als de koning4428 3478 op5921 den muur2346 voorbijging,5674 8802 dat een vrouw802 tot413 hem riep,6817 8804 zeggende:559 8800 Help3467 8685 mij, heer113 koning!4428 En hij zeide:559 8799 De HEERE3068 helpt3467 8686 u niet;408 waarvan4480 370 zou ik u helpen?3467 8686 Van4480 den dorsvloer1637 of176 van4480 de wijnpers?3342 Verder zeide559 8799 de koning4428 tot haar: Wat4100 is u? En zij zeide:559 8799 Deze2063 vrouw802 heeft tot413 mij gezegd:559 8804 Geef5414 8798 uw zoon,1121 dat wij hem heden3117 eten,398 8799 en morgen4279 zullen wij mijn zoon1121 eten.398 8799 Zo hebben wij mijn zoon1121 gezoden,1310 8762 en hebben hem gegeten;398 8799 maar als ik des anderen312 daags3117 tot413 haar zeide:559 8799 Geef5414 8798 uw zoon,1121 dat wij hem eten,398 8799 zo heeft zij haar zoon1121 verstoken.2244 8686 En het geschiedde,1961 8799 als de koning4428 de woorden1697 dezer vrouw802 gehoord had,8085 8800 dat hij zijn klederen899 scheurde,7167 8799 alzo hij1931 op5921 den muur2346 voortging;5674 8802 en het volk5971 zag,7200 8799 dat, ziet,2009 een zak8242 van4480 binnen1004 over5921 zijn vlees1320 was. En hij zeide:559 8799 Zo3541 doe6213 8799 mij God,430 en doe zo3541 daartoe,3254 8686 indien518 het hoofd7218 van Elisa477 den zoon1121 van ,8202 heden3117 op5921 hem zal blijven staan!5975 8799 (Elisa477 nu zat3427 8802 in zijn huis,1004 en de oudsten2205 zaten3427 8802 bij854 hem.) En hij zond7971 8799 een man376 van4480 voor zijn aangezicht;6440 maar eer2962 de bode4397 tot413 hem gekomen was,935 8799 had hij1931 gezegd559 8804 tot413 de oudsten:2205 gijlieden gezien,7200 8804 hoe3588 die2088 zoon1121 des moordenaars7523 8764 gezonden heeft,7971 8804 om mijn hoofd7218 af te nemen?5493 8687 toe,7200 8798 als die bode4397 komt,935 8800 sluit5462 8798 de deur1817 toe, en dringt3905 hem853 uit3905 8804 met de deur;1817 is niet3808 het geruis6963 der voeten7272 van zijn heer113 achter310 hem? Als hij nog5750 met5973 hen sprak,1696 8764 ziet,2009 zo kwam3381 de bode4397 tot413 hem af;3381 8802 en hij zeide:559 8799 ,2009 dat2063 kwaad7451 is van4480 den HEERE;3068 wat4100 zou ik verder5750 op den HEERE3068 wachten?3176 8686