2 Kings 6:32
“(Elisa477 nu zat3427 8802 in zijn huis,1004 en de oudsten2205 zaten3427 8802 bij854 hem.) En hij zond7971 8799 een man376 van4480 voor zijn aangezicht;6440 maar eer2962 de bode4397 tot413 hem gekomen was,935 8799 had hij1931 gezegd559 8804 tot413 de oudsten:2205 Hebt gijlieden gezien,7200 8804 hoe3588 die2088 zoon1121 des moordenaars7523 8764 gezonden heeft,7971 8804 om mijn hoofd7218 af te nemen?5493 8687 Ziet toe,7200 8798 als die bode4397 komt,935 8800 sluit5462 8798 de deur1817 toe, en dringt3905 hem853 uit3905 8804 met de deur;1817 is niet3808 het geruis6963 der voeten7272 van zijn heer113 achter310 hem?”
2 Kings 6:32 — Statenvertaling (1637)
Verse 32 of 33 in 2 Kings chapter 6 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.