2 Samuel 19:4

“De koning4428 nu had zijn aangezicht6440 toegewonden,3813 8804 en de koning4428 riep2199 8799 met luider1419 stem:6963 Mijn zoon1121 Absalom,53 Absalom,53 mijn zoon,1121 mijn zoon!1121”

2 Samuel 19:4 — Statenvertaling (1637)

Verse 4 of 43 in 2 Samuel chapter 19 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

2 Samuel 19 — full chapter (Statenvertaling (1637))

En 3097 werd aangezegd:5046 8714 ,2009 de koning4428 weent,1058 8802 en bedrijft rouw56 8691 over5921 .53 Toen werd1961 8799 de verlossing8668 te dienzelven193 dage3117 het ganse3605 volk5971 tot rouw;60 want3588 het volk5971 had te dienzelven1931 dage3117 horen8085 8804 zeggen:559 8800 smart6087 8738 den koning4428 over5921 zijn zoon.1121 En het volk5971 kwam935 8800 te dienzelven1931 dage3117 steelsgewijze1589 8691 in de stad,5892 gelijk als834 het volk5971 zich wegsteelt,1589 8691 dat beschaamd is,3637 8737 wanneer zij in den strijd4421 gevloden zijn.5127 8800 De koning4428 nu had zijn aangezicht6440 toegewonden,3813 8804 en de koning4428 riep2199 8799 met luider1419 stem:6963 zoon1121 ,53 ,53 mijn zoon,1121 mijn zoon!1121 Toen kwam935 8799 3097 tot413 den koning4428 in het huis,1004 en zeide:559 8799 hebt heden3117 beschaamd3001 8689 het aangezicht6440 van al3605 uw knechten,5650 die uw ziel,5315 en de ziel5315 uwer zonen1121 en uwer dochteren,1323 en de ziel5315 uwer vrouwen,802 en de ziel5315 uwer bijwijven6370 heden3117 hebben bevrijd;4422 8764 Liefhebbende157 8800 die u haten,8130 8802 en hatende8130 8800 die u liefhebben;157 8802 want3588 gij geeft5046 heden3117 te kennen,5046 8689 dat3588 oversten8269 en knechten5650 bij u niets369 zijn; want3588 ik merk3045 8804 heden,3117 dat3588 zo3863 53 leefde,2416 en wij heden3117 allen3605 dood waren,4191 8801 dat3588 het alsdan227 recht3477 zou zijn in uw ogen.5869 Zo sta6965 nu6258 op,6965 8798 ga uit,3318 8798 en spreek1696 8761 naar5921 het hart3820 uwer knechten;5650 want3588 ik zweer7650 8738 bij den HEERE,3068 als3588 gij niet369 uitgaat,3318 8802 zo518 er een man376 dezen nacht3915 bij854 u zal vernachten!3885 8799 En dit2063 zal u kwader zijn,7489 8804 4480 al3605 het kwaad,7451 dat834 over5921 u gekomen is935 8804 van4480 uw jeugd5271 af tot5704 nu6258 toe. Toen stond6965 de koning4428 op,6965 8799 en zette zich3427 8799 in de poort.8179 En zij lieten al3605 het volk5971 weten,5046 8689 zeggende:559 8800 ,2009 de koning4428 zit3427 8802 in de poort.8179 kwam935 8799 al3605 het volk5971 voor des konings4428 aangezicht,6440 maar 3478 was gevloden,5127 8804 een iegelijk376 naar zijn tenten.168 En al3605 het volk,5971 in alle3605 stammen7626 van ,3478 was1961 8799 onder zich twistende,1777 8737 zeggende:559 8800 De koning4428 heeft ons gered5337 8689 van4480 de hand3709 onzer vijanden341 8802 en hij1931 heeft ons bevrijd4422 8765 van4480 de hand3709 der ,6430 en nu6258 is hij uit4480 het land776 gevlucht1272 8804 voor4480 5921 ;53 En ,53 die834 wij over5921 ons gezalfd hadden,4886 8804 is in den strijd4421 gestorven;4191 8804 nu ,6258 waarom4100 zwijgt2790 8688 gijlieden859 van den koning4428 weder te halen?7725 8687 Toen zond7971 8804 de koning4428 1732 tot413 Zadok6659 en tot413 ,54 de priesteren,3548 zeggende:559 8800 Spreekt1696 8761 tot413 de oudsten2205 van ,3063 zeggende:559 8800 Waarom4100 zoudt gijlieden de laatsten314 zijn,1961 8799 om den koning4428 weder te halen7725 8687 in413 zijn huis?1004 ( de rede1697 van het ganse3605 3478 was tot413 den koning4428 gekomen935 8804 in413 zijn huis.1004) Gij859 zijt mijn broederen;251 mijn been6106 en mijn vlees1320 zijt gij;859 waarom4100 zoudt gij de laatsten314 zijn,1961 8799 om den koning4428 weder te halen?7725 8687 En tot Amasa6021 zult gijlieden zeggen:559 8799 gij859 niet3808 mijn been6106 en mijn vlees?1320 God430 doe mij6213 8799 zo,3541 en doe er zo3541 toe,3254 8686 zo518 gij niet3808 krijgsoverste8269 6635 zult zijn1961 8799 voor mijn aangezicht,6440 te allen3605 dage,3117 in Joabs3097 plaats.8478 Alzo neigde hij5186 8686 het hart3824 aller3605 mannen376 van ,3063 als van een enigen259 man;376 en zij zonden henen7971 8799 tot413 den koning,4428 [zeggende]: Keer weder,7725 8798 gij859 en al3605 uw knechten.5650 Toen keerde7725 de koning4428 weder,7725 8799 en kwam935 8799 tot5704 aan de ;3383 en Juda3063 kwam935 8804 te ,1537 om den koning4428 tegemoet7125 8800 te gaan,3212 8800 dat zij den koning4428 over de Jordaan3383 voerden.5674 8687 En ,8096 de zoon1121 van ,1617 een zoon van ,1145 die834 van4480 Bahurim980 was, haastte zich,4116 8762 en kwam af3381 8799 met5973 de mannen376 van ,3063 den koning4428 1732 tegemoet;7125 8800 En duizend505 man376 van4480 1145 met5973 hem; ook ,6717 de knecht5288 van Sauls7586 huis,1004 en zijn vijftien2568 6240 zonen1121 en zijn twintig6242 knechten5650 met854 hem; en zij togen6743 8804 vaardiglijk over de ,3383 voor6440 den koning.4428 Als nu de pont5679 overvoer,5674 8804 om het huis1004 des konings4428 over te halen,5674 8687 en te doen,6213 8800 wat goed2896 was in zijn ogen,5869 zo viel5307 ,8096 de zoon1121 van ,1617 neder5307 8804 voor het aangezicht6440 des konings,4428 als hij over de Jordaan3383 voer;5674 8800 En hij zeide559 8799 tot413 den koning:4428 heer113 rekene2803 8799 mij niet408 toe de misdaad,5771 en gedenke2142 8799 niet,408 wat834 uw knecht5650 verkeerdelijk gedaan heeft,5753 8689 te dien dage,3117 als834 mijn heer113 de koning4428 uit4480 Jeruzalem3389 uitging,3318 8804 dat het de koning4428 zich ter413 harte3820 zoude nemen.7760 8800 Want3588 uw knecht5650 weet3045 8804 [het] zekerlijk,3588 ik589 heb gezondigd;2398 8804 doch zie,2009 ik ben heden3117 gekomen,935 8804 de eerste7223 van het ganse3605 huis1004 van ,3130 om mijn heer113 den koning4428 tegemoet7125 8800 af te komen.3381 8800 Toen antwoordde6030 8799 ,52 de zoon1121 van ,6870 en zeide:559 8799 Simei8096 hiervoor8478 2063 niet3808 gedood worden?4191 8714 Zo hij toch3588 den gezalfde4899 des HEEREN3068 gevloekt heeft.7043 8765 Maar 1732 zeide:559 8799 Wat4100 heb ik met ulieden te doen, gij zonen1121 van !6870 Dat3588 gij mij heden3117 ten 7854 zoudt zijn?1961 8799 heden3117 iemand376 gedood worden4191 8714 in ?3478 Want3588 weet ik3045 8804 niet,3808 dat3588 ik589 heden3117 koning4428 geworden ben over5921 ?3478 En de koning4428 zeide559 8799 tot413 :8096 zult niet3808 sterven.4191 8799 En de koning4428 zwoer7650 8735 hem. Mefiboseth,4648 Sauls7586 zoon,1121 kwam ook af3381 8804 den koning4428 tegemoet;7125 8800 en hij had zijn voeten7272 niet3808 schoon gemaakt,6213 8804 noch zijn knevelbaard8222 beschoren,6213 8804 noch3808 zijn klederen899 gewassen,3526 8765 van4480 dien dag3117 af, dat de koning4428 was weggegaan,3212 8800 tot5704 dien dag3117 toe, dat834 hij met vrede7965 wederkwam.935 8804 En het geschiedde,1961 8799 als3588 hij te Jeruzalem3389 den koning4428 tegemoet7125 8800 kwam,935 8804 dat de koning4428 tot hem zeide:559 8799 Waarom4100 zijt gij niet3808 met5973 mij getogen,1980 8804 ?4648 En hij zeide:559 8799 heer113 koning,4428 mijn knecht5650 heeft mij bedrogen;7411 8765 want3588 uw knecht5650 zeide:559 8804 Ik zal mij een ezel2543 zadelen,2280 8799 en daarop5921 rijden,7392 8799 en tot den koning4428 trekken,3212 8799 want3588 uw knecht5650 is kreupel.6455 Daartoe heeft hij uw knecht5650 bij413 mijn heer113 den koning4428 valselijk aangedragen;7270 8762 doch mijn heer113 de koning4428 is als een engel4397 ;430 doe6213 8798 , wat goed2896 is in uw ogen.5869 Want3588 al3605 mijns vaders1 huis1004 is niet3808 geweest,1961 8804 3588 maar518 lieden582 des doods4194 voor mijn heer113 den koning;4428 nochtans hebt gij uw knecht5650 gezet7896 8799 onder degenen, die aan uw tafel7979 eten;398 8802 wat4100 heb ik3426 meer5750 voor gerechtigheid,6666 en meer5750 te roepen2199 8800 aan413 den koning?4428 Toen zeide559 8799 de koning4428 tot hem: Waarom4100 spreekt gij1696 8762 meer5750 [van] uw zaken?1697 Ik heb gezegd:559 8804 Gij859 en ,6717 deelt2505 8799 het land.7704 En Mefiboseth4648 zeide559 8799 tot413 den koning:4428 neme3947 8799 het ook1571 gans3605 weg, naardien310 834 mijn heer113 de koning4428 met vrede7965 in413 zijn huis1004 is gekomen.935 8804 Barzillai,1271 de ,1569 kwam ook af3381 8804 van4480 ;7274 en hij toog5674 8799 met den koning4428 over de ,3383 om hem over de Jordaan3383 te geleiden.7971 8763 Barzillai1271 nu was zeer3966 oud,2204 8804 een man1121 van tachtig8084 jaren;8141 en hij1931 had den koning4428 onderhouden,3557 8773 toen hij te 4266 zijn verblijf had;7871 want3588 hij1931 was een zeer3966 groot1419 man.376 En de koning4428 zeide559 8799 tot413 :1271 Trekt5674 gij859 met854 mij over,5674 8798 en ik zal u853 bij5978 mij te Jeruzalem3389 onderhouden.3557 8773 Maar Barzillai1271 zeide559 8799 tot413 den koning:4428 veel4100 zullen de dagen3117 der jaren8141 mijns levens2416 zijn, dat3588 ik met den koning4428 zou optrekken5927 8799 naar ?3389 Ik595 ben heden3117 tachtig8084 jaren8141 oud;1121 zou ik kunnen onderscheiden3045 8799 tussen996 goed2896 en kwaad?7451 518 uw knecht5650 kunnen smaken,2938 8799 wat834 ik eet398 8799 en wat834 ik drink?8354 8799 518 ik meer5750 kunnen horen8085 8799 naar de stem6963 der zangers7891 8802 en zangeressen?7891 8802 En waarom4100 zou uw knecht5650 mijn413 heer113 den koning4428 verder5750 tot een last4853 zijn?1961 8799 Uw knecht5650 zal maar een weinig4592 met den koning4428 over de Jordaan3383 gaan;5674 8799 waarom4100 toch zou mij de koning4428 zulk2063 een vergelding1578 doen?1580 8799 Laat toch4994 uw knecht5650 wederkeren,7725 8799 dat ik sterve4191 8799 in mijn stad,5892 bij5973 het graf6913 mijns vaders1 en mijner moeder;517 maar zie,2009 daar is uw knecht5650 ,3643 laat dien met5973 mijn heer113 den koning4428 overtrekken,5674 8799 en doe6213 8798 hem, wat834 goed2896 is in uw ogen.5869 Toen zeide559 8799 de koning:4428 Chimham3643 zal met854 mij overtrekken,5674 8799 en ik589 zal hem doen,6213 8799 wat goed2896 is in uw ogen;5869 ja, alles,3605 wat834 gij op5921 mij begeren zult,977 8799 zal ik u doen.6213 8799 Toen nu al3605 het volk5971 over de Jordaan3383 gegaan was,5674 8799 en de koning4428 [ook] was overgegaan,5674 8804 kuste5401 8799 de koning4428 ,1271 en zegende1288 8762 hem; alzo keerde hij weder7725 8799 naar zijn plaats.4725 En de koning4428 toog voort5674 8799 naar ,1537 en Chimham3643 toog5674 met5973 hem voort;5674 8804 en al3605 het volk5971 van Juda3063 had den koning4428 overgevoerd,5674 8689 8675 5674 8686 als ook1571 een gedeelte2677 van het volk5971 .3478 En ziet,2009 alle3605 mannen376 van 3478 kwamen935 8802 tot413 den koning;4428 en zij zeiden559 8799 tot413 den koning:4428 Waarom4069 hebben u onze broeders,251 de mannen376 van ,3063 gestolen,1589 8804 en hebben den koning4428 en zijn huis1004 over de Jordaan3383 gevoerd,5674 8686 en alle3605 mannen582 Davids1732 met5973 hem? Toen antwoordden6030 8799 alle3605 mannen376 van Juda3063 tegen5921 de mannen376 van :3478 Omdat3588 de koning4428 ons na5921 verwant7138 is; en waarom4100 2088 zijt gij nu toornig2734 8804 over5921 deze2088 zaak?1697 wij enigszins398 8800 gegeten398 8804 van4480 des konings4428 [kost], of518 heeft hij ons een geschenk5379 geschonken?5375 8765 En de mannen376 van 3478 antwoordden6030 8799 den mannen376 van ,3063 en zeiden:559 8799 hebben tien6235 delen3027 aan den koning,4428 en ook1571 aan ,1732 wij,589 meer 4480 gij; waarom4069 hebt gij ons gering geacht,7043 8689 dat ons woord1697 niet3808 het eerste7223 geweest is,1961 8804 om onzen koning4428 weder te halen?7725 8687 het woord1697 der mannen376 van Juda3063 was harder7185 8799 4480 het woord1697 der mannen376 van .3478

Every verse in 2 Samuel 19

Chapter navigation

0:000:00