2 Samuel 6:4

“Toen zij hem nu uit4480 het huis1004 van Abinadab,41 dat834 op den heuvel1390 is, met5973 de ark727 Gods,430 wegvoerden,5375 8799 zo ging1980 8802 Ahio283 voor6440 de ark727 henen.”

2 Samuel 6:4 — Statenvertaling (1637)

Verse 4 of 23 in 2 Samuel chapter 6 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

2 Samuel 6 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Daarna verzamelde622 8799 8676 1732 wederom3254 8686 5750 alle uitgelezenen977 8803 in ,3478 dertig7970 duizend.505 En 1732 maakte zich op,6965 8799 en ging heen3212 8799 met al3605 het volk,5971 dat834 bij854 hem was, van4480 -juda,1184 om van4480 daar8033 op te brengen5927 8687 de 727 ,430 bij834 dewelke de Naam8034 wordt aangeroepen,7121 8738 de Naam8034 van den HEERE3068 der heirscharen,6635 daarop5921 woont3427 8802 tussen de .3742 En zij voerden7392 8686 de 727 Gods430 op413 een nieuwen2319 wagen,5699 en haalden5375 8799 ze uit4480 het huis1004 van ,41 dat834 op een heuvel1390 is; en Uza5798 en ,283 zonen1121 van ,41 leidden5090 8802 den nieuwen2319 wagen.5699 Toen zij hem nu uit4480 het huis1004 van ,41 dat834 op den heuvel1390 is, met5973 de 727 ,430 wegvoerden,5375 8799 zo ging1980 8802 Ahio283 voor6440 de 727 henen. En 1732 en het ganse3605 huis1004 Israels3478 speelden7832 8764 voor het aangezicht6440 des HEEREN,3068 met allerlei3605 [snarenspel] van dennenhout,1265 6086 als met harpen,3658 en met luiten,5035 en met trommelen,8596 ook met schellen,4517 en met cimbalen.6767 Als zij nu kwamen935 8799 tot aan5704 Nachons5225 dorsvloer,1637 zo strekte7971 8799 Uza5798 [zijn] [hand] uit aan413 de 727 ,430 en hield270 8799 ze, want3588 de runderen1241 struikelden.8058 8804 Toen ontstak2734 8799 de toorn639 des HEEREN3068 tegen ,5798 en God430 sloeg5221 8686 hem aldaar,8033 om5921 deze onbedachtzaamheid;7944 en hij stierf4191 8799 aldaar8033 bij5973 de 727 .430 En 1732 ontstak,2734 8799 omdat5921 834 de HEERE3068 een scheur6556 gescheurd6555 8804 had aan ;5798 en hij noemde7121 8799 dezelve1931 plaats4725 -uza,6560 tot op5704 dezen2088 dag.3117 En 1732 vreesde3372 8799 den HEERE3068 ten zelven1931 dage;3117 en hij zeide:559 8799 Hoe349 zal de 727 des HEEREN3068 tot413 mij komen?935 8799 1732 wilde14 8804 de 727 des HEEREN3068 niet3808 tot413 zich [laten] overbrengen5493 8687 in5921 de stad5892 ;1732 maar 1732 deed ze afwijken5186 8686 in het huis1004 van -,5654 den .1663 En de 727 des HEEREN3068 bleef3427 8799 in het huis1004 van -,5654 den ,1663 drie7969 maanden;2320 en de HEERE3068 zegende1288 8762 -5654 en zijn ganse3605 huis.1004 Toen boodschapte men5046 8714 den koning4428 ,1732 zeggende:559 8800 De HEERE3068 heeft het huis1004 van -,5654 en al3605 wat834 hij heeft, gezegend1288 8765 om5668 der 727 Gods430 wil; zo ging3212 8799 1732 heen en haalde5927 de 727 Gods430 uit4480 het huis1004 van -5654 opwaarts5927 8686 in de stad5892 ,1732 met vreugde.8057 En het geschiedde,1961 8799 als3588 zij, die de 727 des HEEREN3068 droegen,5375 8802 zes8337 treden6806 voortgetreden waren,6805 8804 dat hij ossen7794 en gemest4806 [vee] offerde.2076 8799 En 1732 huppelde3769 8772 met alle3605 macht5797 voor het aangezicht6440 des HEEREN;3068 en 1732 was omgord2296 8803 met een linnen906 lijfrok.646 Alzo brachten5927 1732 en het ganse3605 huis1004 Israels3478 de 727 des HEEREN3068 op,5927 8688 met gejuich8643 en met geluid6963 der bazuinen.7782 En het geschiedde,1961 8804 als de 727 des HEEREN3068 in de stad5892 Davids1732 kwam,935 8802 dat ,4324 Sauls7586 dochter,1323 door1157 het venster2474 uitzag.8259 8738 zij nu den koning4428 1732 zag,7200 8799 springende6339 8764 en huppelende3769 8772 voor het aangezicht6440 des HEEREN,3068 verachtte zij959 8799 hem in haar hart.3820 Toen zij nu de 727 des HEEREN3068 inbrachten,935 8686 stelden3322 8686 zij die853 in haar plaats,4725 in het midden8432 der tent,168 die834 1732 voor haar gespannen had;5186 8804 en 1732 offerde5927 8686 brandofferen5930 voor des HEEREN3068 aangezicht,6440 en dankofferen.8002 Als 1732 geeindigd had3615 8762 het brandoffer5930 en de dankofferen8002 te offeren,4480 5927 8687 zo zegende hij1288 8762 het volk5971 in den Naam8034 des HEEREN3068 der heirscharen.6635 En hij deelde uit2505 8762 aan het ganse3605 volk,5971 aan de ganse3605 menigte1995 van ,3478 van4480 de mannen376 tot5704 de vrouwen802 toe, aan een iegelijk376 een259 broodkoek,2471 3899 en een schoon stuk829 [vlees], en een fles809 [wijn]. Toen ging3212 al3605 dat volk5971 heen,3212 8799 een iegelijk376 naar zijn huis.1004 Als nu 1732 wederkwam,7725 8799 om zijn huis1004 te zegenen,1288 8763 ging3318 ,4324 Sauls7586 dochter,1323 uit,3318 8799 1732 tegemoet,7125 8800 en zeide:559 8799 Hoe4100 is heden3117 de koning4428 van 3478 verheerlijkt,3513 8738 die834 zich heden3117 voor de ogen5869 van de dienstmaagden519 zijner dienstknechten5650 heeft ontbloot,1540 8738 gelijk een259 van de ijdele lieden7386 zich onbeschaamdelijk1540 8736 ontbloot?1540 8736 Maar 1732 zeide559 8799 tot413 :4324 het aangezicht6440 des HEEREN,3068 Die834 mij verkoren heeft977 8804 voor4480 uw vader1 en voor4480 zijn ganse3605 huis,1004 mij853 instellende6680 8763 tot een voorganger5057 over5921 het volk5971 des HEEREN,3068 over5921 ;3478 ja, ik zal spelen7832 8765 voor het aangezicht6440 des HEEREN.3068 Ook zal ik mij nog5750 geringer houden7043 8738 4480 alzo,2063 en zal nederig8217 zijn1961 8804 in mijn ogen,5869 en met5973 de dienstmaagden,519 waarvan834 gij gezegd hebt,559 8804 met5973 dezelve zal ik verheerlijkt worden.3513 8735 4324 nu, Sauls7586 dochter,1323 had1961 8804 geen3808 kind,2056 8675 3206 tot5704 den dag3117 van haar dood4194 toe.

Every verse in 2 Samuel 6

Chapter navigation

0:000:00