Daniel 11:7

“Doch uit de spruit5342 van haar wortelen8328 zal er een opstaan5975 8804 [in] zijn staat,3653 die zal met heirkracht2428 komen,935 8799 en hij zal komen935 8799 tegen die sterke plaatsen4581 des konings4428 van het Noorden,6828 en hij zal tegen dezelve doen,6213 8804 en hij zal ze bemachtigen.2388 8689”

Daniel 11:7 — Statenvertaling (1637)

Verse 7 of 45 in Daniel chapter 11 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Daniel 11 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Ik nu, ik stond5977 in het eerste259 jaar8141 van ,1867 den ,4075 om hem te versterken2388 8688 en te stijven.4581 En nu, ik zal u de waarheid571 te kennen geven;5046 8686 ziet, er zullen nog drie7969 koningen4428 in Perzie6539 staan,5975 8802 en de vierde7243 zal verrijkt worden6238 8686 met groten1419 rijkdom,6239 meer al [de] [anderen]; en nadat hij zich in zijn rijkdom6239 zal versterkt hebben,2393 zal hij ze allen verwekken5782 8686 tegen het koninkrijk4438 van .3120 Daarna zal er een geweldig1368 koning4428 opstaan,5975 8804 die met grote7227 heerschappij4474 heersen zal,4910 8804 en hij zal doen6213 8804 naar zijn welgevallen.7522 En als hij zal staan,5975 8800 zal zijn rijk4438 gebroken,7665 8735 en in de vier702 winden7307 des hemels8064 verdeeld worden,2673 8735 maar niet aan zijn nakomelingen,319 ook niet naar zijn heerschappij,4915 waarmede hij heerste;4910 8804 want zijn rijk4438 zal uitgerukt worden,5428 8735 en dat voor anderen,312 deze. En de koning4428 van het ,5045 die een van zijn vorsten8269 is, zal sterk worden;2388 8799 doch [een] [ander] zal sterker worden2388 8799 hij, en hij zal heersen;4910 8804 zijn heerschappij4475 zal een grote7227 heerschappij4474 zijn. Op het einde7093 nu van [sommige] jaren,8141 zullen zij zich met elkander bevrienden,2266 8691 en de dochter1323 des konings4428 van het Zuiden5045 zal komen935 8799 tot de koning4428 van het ,6828 om billijke voorwaarden4339 te maken;6213 8800 doch zij zal de macht3581 des arms2220 niet behouden,6113 8799 daarom zal hij, noch zijn arm,2220 niet bestaan;5975 8799 maar zij zal overgegeven worden,5414 8735 en die haar gebracht hebben,935 8688 en die haar gegenereerd heeft,3205 8802 en die haar gesterkt heeft2388 8688 in die tijden.6256 Doch uit de spruit5342 van haar wortelen8328 zal er een opstaan5975 8804 [in] zijn staat,3653 die zal met heirkracht2428 komen,935 8799 en hij zal komen935 8799 tegen die sterke plaatsen4581 des konings4428 van het ,6828 en hij zal tegen dezelve doen,6213 8804 en hij zal ze bemachtigen.2388 8689 Ook zal hij hun goden,430 met hun vorsten,5257 met hun gewenste2532 vaten3627 van zilver3701 en goud,2091 in de gevangenis7628 naar Egypte4714 brengen;935 8686 en hij zal [enige] jaren8141 staande blijven5975 8799 boven den koning4428 van het .6828 Alzo zal de koning4428 van het Zuiden5045 in het koninkrijk4438 komen,935 8804 en hij zal wederom7725 in zijn land127 trekken.7725 8804 Doch zijn zonen1121 zullen zich [in] [strijd] mengen,1624 8691 en zij zullen een menigte1995 van grote7227 heiren2428 verzamelen;622 8804 en [een] [van] [hen] zal snellijk935 8800 komen,935 8804 en als een vloed overstromen7857 8804 en doortrekken;5674 8804 en hij zal wederom komen,7725 8799 en zich [in] [den] [strijd] mengen,1624 8691 tot aan zijn sterke plaats4581 toe. En de koning4428 van het Zuiden5045 zal verbitterd worden,4843 8698 en hij zal uittrekken,3318 8804 en strijden3898 8738 tegen hem, tegen den koning4428 van het ,6828 die [ook] een grote7227 menigte1995 oprichten zal,5975 8689 doch die menigte1995 zal in zijn hand3027 gegeven worden.5414 8738 Als die menigte1995 zal weggenomen zijn,5375 8738 zal zijn hart3824 zich verheffen,7311 8804 8675 7311 8799 en hij zal er [enige] tien duizenden7239 nedervellen;5307 8689 evenwel zal hij niet gesterkt worden.5810 8799 Want de koning4428 van het Noorden6828 zal wederkeren,7725 8804 en hij zal een groter7227 menigte1995 de eerste7223 was, oprichten;5975 8689 en aan het einde7093 van de tijden6256 der jaren,8141 zal hij snellijk935 8800 komen935 8799 met een grote1419 heirkracht,2428 en met groot7227 goed.7399 Ook zullen er in die tijden6256 velen7227 opstaan5975 8799 tegen den koning4428 van het ;5045 en de scheurmakers1121 6530 uws volks5971 zullen verheven worden,5375 8691 om het gezicht2377 te bevestigen,5975 8687 doch zij zullen vallen.3782 8738 En de koning4428 van het Noorden6828 zal komen,935 8799 en een wal5550 opwerpen,8210 8799 en vaste4013 steden5892 innemen;3920 8804 en de armen2220 van het Zuiden5045 zullen niet bestaan,5975 8799 noch zijn uitgelezen4005 volk,5971 ja, er zal geen kracht3581 zijn om te bestaan.5975 8800 Maar hij, die tegen hem komt,935 8802 zal doen6213 8799 naar zijn welgevallen,7522 en niemand zal voor zijn aangezicht6440 bestaan;5975 8802 hij zal ook staan5975 8799 in het land776 des sieraads,6643 en de verderving3617 zal in zijn hand3027 wezen. En hij zal zijn aangezicht6440 stellen,7760 8799 om met de kracht8633 zijns gansen rijks4438 te komen,935 8800 en hij zal billijke voorwaarden3477 medebrengen, en hij zal het doen;6213 8804 want hij zal hem een dochter1323 der vrouwen802 geven,5414 8799 om haar te verderven,7843 8687 maar zij zal niet vast staan,5975 8799 en zij zal voor hem niet zijn. Daarna zal hij zijn aangezicht6440 tot de eilanden339 keren,7760 8799 8675 7725 8686 en hij zal er vele7227 innemen;3920 8804 doch een overste7101 zal zijn smaad2781 tegen hem doen ophouden,7673 8689 behalve dat1115 hij zijn smaad2781 op hem zal doen wederkeren.7725 8686 En hij zal zijn aangezicht6440 keren7725 8686 naar de sterkten4581 zijns lands,776 en hij zal aanstoten,3782 8738 en vallen,5307 8804 en niet gevonden worden.4672 8735 En in zijn staat3653 zal er een opstaan,5975 8804 doende een geldeiser5065 8802 doortrekken,5674 8688 in koninklijke4438 heerlijkheid;1925 maar hij zal in enige259 dagen3117 gebroken worden,7665 8735 nochtans niet door toornigheden,639 noch door oorlog.4421 Daarna zal er een verachte959 8737 in zijn staat3653 staan,5975 8804 denwelken men de koninklijke4438 waardigheid1935 niet zal geven;5414 8804 doch hij zal in stilheid7962 komen,935 8804 en het koninkrijk4438 door vleierijen2519 bemachtigen.2388 8689 En de armen2220 der overstroming7858 zullen overstroomd worden7857 8735 van voor zijn aangezicht,6440 en zij zullen gebroken worden,7665 8735 en ook de vorst5057 des verbonds.1285 En na de vereniging2266 8692 met hem zal hij bedrog4820 plegen,6213 8799 en hij zal optrekken,5927 8804 en hij zal met weinig4592 volks1471 gesterkt worden.6105 8804 Met stilheid7962 zal hij ook in de vette plaatsen4924 des landschaps4082 komen,935 8799 en hij zal doen,6213 8804 dat zijn vaders,1 of de vaders1 zijner vaderen,1 niet gedaan hebben;6213 8804 roof,961 en buit,7998 en goederen,7399 zal hij onder hen uitstrooien,967 8799 en hij zal tegen de vastigheden4013 zijn gedachten4284 denken,2803 8762 doch tot een [zekeren] tijd6256 toe. En hij zal zijn kracht3581 en zijn hart3824 verwekken5782 8686 tegen den koning4428 van het ,5045 met een grote1419 heirkracht;2428 en de koning4428 van het Zuiden5045 zal zich in den strijd4421 mengen1624 8691 met een grote1419 en zeer3966 machtige6099 heirkracht;2428 doch hij zal niet bestaan,5975 8799 want zij zullen gedachten4284 tegen hem denken.2803 8799 En die de stukken zijner spijze6598 zullen eten,398 8802 zullen hem breken,7665 8799 en de heirkracht2428 deszelven zal overstromen,7857 8799 en vele7227 verslagenen2491 zullen vallen.5307 8804 En het hart3824 van beide8147 deze koningen4428 zal wezen om kwaad4827 8688 7451 te doen, en aan een259 tafel7979 zullen zij leugen3577 spreken;1696 8762 en het zal niet gelukken,6743 8799 want het zal nog een einde7093 hebben ter bestemder tijd.4150 En hij zal [in] zijn land776 wederkeren7725 8804 met groot1419 goed,7399 en zijn hart3824 zal zijn tegen het heilig6944 verbond;1285 en hij zal het doen,6213 8804 en wederkeren7725 8799 in zijn land.776 Ter bestemder tijd4150 zal hij wederkeren,7725 8799 en tegen het Zuiden5045 komen,935 8804 doch het zal niet zijn gelijk de eerste,7223 noch gelijk de laatste314 [reize]. Want er zullen schepen6716 van Chittim3794 tegen hem komen,935 8804 daarom zal hij met smart bevangen worden,3512 8738 en hij zal wederkeren,7725 8804 en gram worden2194 8804 tegen het heilig6944 verbond,1285 en hij zal het doen;6213 8804 want wederkerende7725 8804 zal hij acht geven995 8799 op de verlaters5800 8802 des heiligen6944 verbonds.1285 En er zullen armen2220 uit hem ontstaan,5975 8799 en zij zullen het heiligdom4720 ontheiligen,2490 8765 [en] de sterkte,4581 en zij zullen het gedurige8548 [offer] wegnemen,5493 8689 en een verwoestenden8074 8789 gruwel8251 stellen.5414 8804 En die goddelooslijk handelen7561 8688 tegen het verbond,1285 zal hij doen huichelen2610 8686 door vleierijen;2514 maar het volk,5971 die hun God430 kennen,3045 8802 zullen zij grijpen,2388 8686 en zullen het doen.6213 8804 En de leraars7919 8688 des volks5971 zullen er velen7227 onderwijzen,995 8799 en zij zullen vallen3782 8738 door het zwaard2719 en door vlam,3852 door gevangenis7628 en door beroving,961 [vele] dagen.3117 Als zij nu zullen vallen,3782 8736 zullen zij met een kleine4592 hulp5828 geholpen worden;5826 8735 doch velen7227 zullen zich door vleierijen2519 tot hen vervoegen.3867 8738 En van de leraars7919 8688 zullen er [sommigen] vallen,3782 8735 om hen te louteren6884 8800 en te reinigen,1305 8763 en wit te maken,3835 8687 tot den tijd6256 van het einde7093 toe; want het zal nog zijn voor een bestemden tijd.4150 En die koning4428 zal doen6213 8804 naar zijn welgevallen,7522 en hij zal zichzelven verheffen,7311 8709 en groot maken1431 8691 boven allen God,410 en hij zal tegen den God410 der goden410 wonderlijke dingen6381 8737 spreken;1696 8762 en hij zal voorspoedig zijn,6743 8689 totdat de gramschap2195 voleind zij,3615 8804 want het is vastelijk besloten,2782 8737 het zal geschieden.6213 8738 En op de goden430 zijner vaderen1 zal hij geen acht geven,995 8799 noch op de begeerte2532 der vrouwen;802 hij zal ook op geen God433 acht geven,995 8799 maar hij zal zich boven alles groot maken.1431 8691 En hij zal den god433 Mauzzim4581 in zijn standplaats3653 eren;3513 8762 namelijk den god,433 welken zijn vaders1 niet gekend hebben,3045 8804 zal hij eren3513 8762 met goud,2091 en met zilver,3701 en met kostelijk3368 gesteente,68 en met gewenste dingen.2532 En hij zal de vastigheden4581 der sterkten4013 maken6213 8804 met den vreemden5236 god;433 dengenen, die hij kennen zal,5234 8686 8675 5234 8689 zal hij de eer3519 vermenigvuldigen,7235 8686 en hij zal ze doen heersen4910 8689 over velen,7227 en hij zal het land127 uitdelen2505 8762 om prijs.4242 En op den tijd6256 van het einde,7093 zal de koning4428 van het Zuiden5045 tegen hem met hoornen stoten;5055 8691 en de koning4428 van het Noorden6828 zal tegen hem aanstormen,8175 8691 met wagenen,7393 en met ruiteren,6571 en met vele7227 schepen;591 en hij zal in de landen776 komen,935 8804 en hij zal ze overstromen7857 8804 en doortrekken.5674 8804 En hij zal komen935 8804 in het land776 des sieraads,6643 en vele7227 [landen] zullen ter nedergeworpen worden;3782 8735 doch deze zullen zijn hand3027 ontkomen,4422 8735 123 en ,4124 en de eerstelingen7225 der kinderen1121 .5983 En hij zal zijn hand3027 aan de landen776 leggen,7971 8799 ook zal het land776 van Egypte4714 niet ontkomen.6413 En hij zal heersen4910 8804 over de verborgen schatten4362 des gouds2091 en des zilvers,3701 en over al de gewenste2532 dingen van ;4714 en die van ,3864 en de Moren3569 zullen in zijn gangen4703 wezen. Maar de geruchten8052 van het Oosten4217 en van het Noorden6828 zullen hem verschrikken;926 8762 daarom zal hij uittrekken3318 8804 met grote1419 grimmigheid2534 om velen7227 te verdelgen8045 8687 en te verbannen.2763 8687 En hij zal de tenten168 van zijn paleis643 planten5193 8799 tussen de zeeen3220 aan den berg2022 des heiligen6944 sieraads;6643 en hij zal tot zijn einde7093 komen,935 8804 en zal geen helper5826 8802 hebben.

Every verse in Daniel 11

Chapter navigation

0:000:00