Daniel 3:12

“Er zijn383 Joodse3062 mannen,1400 die3487 gij over5922 de bediening5673 van het landschap4083 van Babel895 gesteld hebt,4483 8745 Sadrach,7715 Mesach4336 en Abed-nego;5665 deze479 mannen1400 hebben, o koning!4430 op u5922 geen3809 acht2942 gesteld;7761 8754 uw goden426 eren zij6399 8750 niet,3809 en zij bidden5457 het gouden1722 beeld6755 niet3809 aan,5457 8750 hetwelk gij opgericht hebt.6966 8684”

Daniel 3:12 — Statenvertaling (1637)

Verse 12 of 30 in Daniel chapter 3 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Daniel 3 — full chapter (Statenvertaling (1637))

De koning4430 Nebukadnezar5020 maakte5648 8754 een beeld6755 van goud,1722 welks hoogte7314 was zestig8361 ellen,521 zijn breedte6613 zes8353 ellen;521 hij richtte het op6966 8684 in het dal1236 ,1757 in het landschap4083 van .895 En de koning4430 Nebukadnezar5020 zond henen,7972 8754 om te verzamelen,3673 8749 de stadhouders,324 de overheden,5460 en de landvoogden,6347 de wethouders,148 de schatmeesters,1411 de raadsheren,1884 de ambtlieden,8614 en al3606 de heerschappers7984 der landschappen,4083 dat zij komen zouden858 8749 tot de inwijding2597 van het beeld,6755 hetwelk de koning4430 Nebukadnezar5020 had opgericht.6966 8684 Toen116 verzamelden zich3673 8723 de stadhouders,324 de overheden,5460 de landvoogden,6347 de wethouders,148 de schatmeesters,1411 de raadsheren,1884 de ambtlieden,8614 en al3606 de heerschappers7984 der landschappen,4083 tot inwijding2597 van het beeld,6755 hetwelk de koning4430 Nebukadnezar5020 had opgericht;6966 8684 en zij stonden6966 8750 voor6903 het beeld,6755 dat Nebukadnezar5020 had opgericht.6966 8684 En een heraut3744 riep7123 8751 met kracht:2429 zegt u aan,560 8750 gij volken,5972 gij natien,524 en tongen!3961 Ten tijde5732 als gij horen zult8086 8748 het geluid7032 des hoorns,7162 der pijp,4953 der citer,7030 8675 7030 der vedel,5443 der psalteren,6460 des akkoordgezangs,5481 en allerlei3606 soorten2178 van muziek,2170 zo zult gijlieden nedervallen,5308 8748 en aanbidden5457 8748 het gouden1722 beeld,6755 hetwelk de koning4430 Nebukadnezar5020 heeft opgericht;6966 8684 En wie4479 niet3809 nedervalt5308 8748 en aanbidt,5457 8748 die zal te dierzelfder ure8160 in het midden1459 van den oven861 des brandenden3345 8751 vuurs5135 geworpen worden.7412 8729 Daarom6903 1836 te dier tijd,2166 als1768 al3606 die volken5972 hoorden8086 8750 het geluid7032 des hoorns,7162 der pijp,4953 der citer,7030 8675 7030 der vedel,5443 der psalteren,6460 en allerlei3606 soorten2178 der muziek,2170 alle3606 volken,5972 natien,524 en tongen3961 nedervallende,5308 8750 aanbaden5457 8750 het gouden1722 beeld,6755 hetwelk de koning4430 Nebukadnezar5020 had opgericht.6966 8684 Daarom6903 3606 naderden7127 8754 even ter zelfder1836 tijd2166 Chaldeeuwse3779 mannen,1400 die de Joden3062 openlijk399 8754 beschuldigden;7170 Zij antwoordden6032 8754 en zeiden560 8750 tot den koning4430 :5020 O koning!4430 leef2418 8747 in der eeuwigheid!5957 Gij,607 o koning!4430 hebt een bevel2942 gegeven,7761 8754 dat alle3606 mensen,606 die horen zouden8086 8748 het geluid7032 des hoorns,7162 der pijp,4953 der citer,7030 8675 7030 der vedel,5443 der psalteren,6460 en des akkoordgezangs,5481 8675 5481 en allerlei3606 soorten2178 van muziek,2170 nedervallen,5308 8748 en het gouden1722 beeld6755 aanbidden zouden;5457 8748 En wie4479 niet3809 nederviel,5308 8748 en aanbad,5457 8748 die zou in het midden1459 van den oven861 des brandenden3345 8751 vuurs5135 geworpen worden.7412 8729 Er zijn383 Joodse3062 mannen,1400 die3487 gij over5922 de bediening5673 van het landschap4083 van 895 gesteld hebt,4483 8745 ,7715 Mesach4336 en -nego;5665 deze479 mannen1400 hebben, o koning!4430 op u5922 geen3809 acht2942 gesteld;7761 8754 uw goden426 eren zij6399 8750 niet,3809 en zij bidden5457 het gouden1722 beeld6755 niet3809 aan,5457 8750 hetwelk gij opgericht hebt.6966 8684 Toen116 zeide560 8754 Nebukadnezar5020 in toorn7266 en grimmigheid,2528 dat men ,7715 Mesach4336 en -nego5665 voorbrengen zou;858 8682 toen116 werden die479 mannen1400 voor6925 den koning4430 gebracht.858 8717 Nebukadnezar5020 antwoordde6032 8750 en zeide560 8750 tot hen: Is het met opzet,6656 ,7715 Mesach4336 en -nego,5665 dat gijlieden383 mijn goden426 niet3809 eert,6399 8750 en het gouden1722 beeld,6755 dat ik opgericht heb,6966 8684 niet3809 aanbidt?5457 8750 Nu ,3705 zo2006 gijlieden gereed6263 zijt,383 dat gij ten tijde,5732 als gij horen zult8086 8748 het geluid7032 des hoorns,7162 der pijp,4953 der citer,7030 8675 7030 der vedel,5443 der psalteren,6460 en des akkoordgezangs,5481 en allerlei3606 soort2178 der muziek,2170 nedervalt,5308 8748 en aanbidt5457 8748 het beeld,6755 dat ik gemaakt heb,5648 8754 [zo] [is] [het] [wel]; maar zo2006 gijlieden het niet3809 aanbidt;5457 8748 ter zelfder ure8160 zult gijlieden geworpen worden7412 8729 in het midden1459 van den oven861 des brandenden3345 8751 vuurs;5135 en wie4479 is de God,426 ulieden uit4481 mijn handen3028 verlossen zou?7804 8755 Sadrach,7715 Mesach4336 en -nego5665 antwoordden6032 8754 en zeiden560 8750 tot den koning4430 :5020 Wij586 hebben2818 niet3809 nodig2818 8750 u op5922 deze1836 zaak6600 te antwoorden.8421 8682 Zal het zo2006 zijn, onze God,426 wij586 eren,6399 8750 is383 machtig3202 8750 ons te verlossen7804 8756 uit4481 den oven861 des brandenden3345 8751 vuurs,5135 en zal [ons] uit4481 uw hand,3028 o koning!4430 verlossen.7804 8755 Maar zo2006 niet,3809 u zij1934 8748 bekend,3046 8752 o koning!4430 dat wij uw goden426 niet3809 zullen383 eren,6399 8750 noch3809 het gouden1722 beeld,6755 dat gij hebt opgericht,6966 8684 zullen aanbidden.5457 8748 Toen116 werd Nebukadnezar5020 vol4391 8728 grimmigheid,2528 en de gedaante6755 zijns aangezichts600 veranderde8133 8724 tegen5922 ,7715 Mesach4336 en -nego;5665 hij antwoordde6032 8750 en zeide,560 8750 dat men den oven861 zevenmaal2298 7655 meer5922 heet zou maken228 8749 1768 men dien pleegt2370 8752 heet te maken.228 8749 En tot de sterkste1401 mannen1400 van kracht,2429 die in zijn heir2429 waren, zeide hij,560 8754 dat zij ,7715 Mesach4336 en -nego5665 binden zouden,3729 8742 om te werpen7412 8749 in den oven861 des brandenden3345 8751 vuurs.5135 Toen116 werden die479 mannen1400 gebonden3729 8760 in hun mantels,5622 hun broeken,6361 8675 6361 en hun hoeden,3737 en hun [andere] klederen,3831 en zij wierpen7412 8752 hen in het midden1459 van den oven861 des brandenden3345 8751 vuurs.5135 Daarom3606 6903 , dewijl4481 1836 het woord4406 des konings4430 aandreef,2685 8683 en de oven861 zeer3493 heet was,228 8752 zo hebben de vonken7631 des vuurs5135 die479 mannen,1400 1994 die ,7715 Mesach4336 en -nego5665 opgeheven hadden,5267 8684 gedood.6992 8745 Maar [als] die479 drie8532 mannen,1400 ,7715 Mesach4336 en -nego,5665 in het midden1459 van den oven861 des brandenden3345 8751 vuurs,5135 gebonden zijnde,3729 8743 gevallen waren,5308 8754 Toen116 ontzette zich8429 8754 de koning4430 ,5020 en hij stond op6966 8754 in der haast,927 8726 antwoordde6032 8750 en zeide560 8750 tot zijn raadsheren:1907 wij niet3809 drie8532 mannen1400 in het midden1459 des vuurs,5135 gebonden zijnde,3729 8743 geworpen?7412 8754 antwoordden6032 8750 en zeiden560 8750 tot den koning:4430 is gewis,3330 o koning!4430 Hij antwoordde6032 8750 en zeide:560 8750 ,1888 ik576 zie2370 8751 vier703 mannen,1400 los8271 8750 wandelende1981 8683 in het midden1459 des vuurs,5135 en er is383 geen3809 verderf2257 aan hen; en de gedaante7299 des vierden7244 is gelijk1821 8751 eens zoons1247 der goden.426 Toen116 naderde7127 8754 Nebukadnezar5020 tot de deur8651 van den oven861 des brandenden3345 8751 vuurs,5135 antwoordde6032 8750 en sprak:560 8750 ,7715 Mesach4336 en -nego,5665 gij knechten5649 des allerhoogsten5943 !426 gaat uit5312 8747 en komt858 8747 hier! Toen116 gingen7715 ,4336 Mesach5665 en -nego5312 8750 uit4481 het midden1459 des vuurs.5135 Toen vergaderden3673 8723 de stadhouders,324 de overheden,5460 en de landvoogden,6347 en de raadsheren1907 des konings,4430 deze479 mannen1400 beziende,2370 8751 omdat het vuur5135 over hun lichamen1655 niet3809 geheerst had,7981 8754 en dat het haar8177 huns hoofds7217 niet3809 verbrand was,2761 8724 en hun mantels5622 niet3809 veranderd waren,8133 8754 ja, dat de reuk7382 des vuurs5135 daardoor niet3809 gegaan was.5709 8754 Nebukadnezar5020 antwoordde6032 8750 en zeide:560 8750 Geloofd1289 8752 zij de God426 van ,7715 Mesach4336 en -nego,5665 engel4398 gezonden,7972 8754 en knechten5649 verlost heeft,7804 8758 die op Hem5922 vertrouwd hebben,7365 8702 en des konings4430 woord4406 veranderd,8133 8745 en hun lichamen1655 overgegeven hebben,3052 8754 opdat zij geen3809 3606 god426 eerden6399 8748 noch3809 aanbaden,5457 8748 3861 hun God.426 Daarom wordt van mij4481 een bevel2942 gegeven,7761 8752 dat alle3606 volk,5972 natie524 en tong,3961 die lastering7960 8675 7955 spreekt560 8748 tegen5922 den God426 van ,7715 Mesach4336 en -nego,5665 in stukken1917 gehouwen worde,5648 8725 en zijn huis1005 tot een drekhoop5122 gesteld worde;7739 8721 want6903 3606 er is383 geen3809 ander321 God,426 alzo1836 verlossen5338 8682 kan.3202 8748 Toen116 maakte6744 de koning4430 ,7715 Mesach4336 en -nego5665 voorspoedig6744 8684 in het landschap4083 van .895

Every verse in Daniel 3

Chapter navigation

0:000:00