Deuteronomy 4:44
“Dit is nu de wet,8451 die Mozes4872 den kinderen1121 Israels3478 voorstelde:6440 7760 8804”
Deuteronomy 4:44 — Statenvertaling (1637)
Verse 44 of 49 in Deuteronomy chapter 4 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Deuteronomy 4 — full chapter (Statenvertaling (1637))
Nu , !3478 hoor8085 8798 naar de inzettingen2706 en naar de rechten,4941 die ik ulieden lere3925 8764 te doen;6213 8800 opdat gij leeft,2421 8799 en henen inkomt,935 8804 en erft3423 8804 het land,776 dat de HEERE,3068 uwer vaderen1 God,430 u geeft.5414 8802 Gij zult tot dit woord,1697 dat ik u gebiede,6680 8764 niet toedoen,3254 8686 ook daarvan niet afdoen;1639 8799 opdat gij bewaart8104 8800 de geboden4687 van den HEERE,3068 uw God,430 die ik u gebiede.6680 8764 Uw ogen5869 hebben gezien,7200 8802 wat God3068 om -peor1187 gedaan heeft;6213 8804 want alle man,376 die -peor1187 navolgde,310 1980 8804 dien heeft de HEERE,3068 uw God,430 uit het midden7130 van u verdaan.8045 8689 Gij daarentegen, die den HEERE,3068 uw God,430 aanhingt,1695 gij zijt heden3117 allen levende.2416 Ziet,7200 8798 ik heb u geleerd3925 8765 de inzettingen2706 en rechten,4941 gelijk als834 de HEERE,3068 mijn God,430 mij geboden heeft;6680 8765 opdat gij alzo doet6213 8800 in het midden7130 des lands,776 waar gij naar toe gaat,935 8802 om het te erven.3423 8800 Behoudt8104 8804 ze , en doet6213 8804 ze; want dat zal uw wijsheid2451 en uw verstand998 zijn voor de ogen5869 der volken,5971 die al deze inzettingen2706 horen zullen,8085 8799 en zeggen:559 8804 grote1419 volk1471 alleen is een wijs2450 en verstandig995 8737 volk!5971 Want wat groot1419 volk1471 is er, hetwelk de goden430 [zo] nabij7138 zijn als de HEERE,3068 onze God,430 zo dikwijls als wij aanroepen?7121 8800 En wat groot1419 volk1471 is er, dat [zo] rechtvaardige6662 inzettingen2706 en rechten4941 heeft, als deze ganse wet8451 is, die ik heden3117 voor uw aangezicht6440 geef?5414 8802 Alleenlijk wacht u,8104 8734 en bewaart8104 8798 uw ziel5315 wel,3966 dat gij niet vergeet7911 8799 de dingen,1697 die uw ogen5869 gezien hebben;7200 8804 en dat zij niet van uw hart3824 wijken,5493 8799 al de dagen3117 uws levens;2416 en gij zult ze aan uw kinderen1121 en uw kindskinderen1121 1121 bekend maken.3045 8689 Ten dage,3117 als gij voor het aangezicht6440 des HEEREN,3068 uws ,430 aan Horeb2722 stondt,5975 8804 als de HEERE3068 tot mij zeide:559 8800 Vergader6950 8685 dit volk,5971 en Ik zal hun woorden1697 doen horen,8085 8686 die zij zullen leren,3925 8799 om te vrezen3372 8800 al de dagen,3117 die zij op den aardbodem127 zullen leven,2416 en zij zullen ze hun kinderen1121 leren;3925 8762 En gijlieden naderdet7126 8799 en stondt5975 8799 beneden dien berg;2022 (die berg2022 nu brandde1197 8802 van vuur,784 tot aan het midden3820 des hemels;8064 er was duisternis,6205 wolken6051 en donkerheid2822). Zo sprak1696 8762 de HEERE3068 tot u uit het midden8432 des vuurs;784 gij hoordet8085 8802 de stem6963 der woorden;1697 maar gij zaagt7200 8802 geen gelijkenis,8544 behalve2108 de stem.6963 Toen verkondigde Hij5046 8686 u verbond,1285 dat u gebood6680 8765 te doen,6213 8800 de tien6235 woorden,1697 en schreef3789 8799 ze op twee8147 stenen68 tafelen.3871 Ook gebood6680 8765 mij de HEERE3068 ter zelver tijd,6256 dat ik u inzettingen2706 en rechten4941 leren zou;3925 8763 opdat gij die deedt6213 8800 in dat land,776 naar hetwelk gij doortrekt,5674 8802 om dat te erven.3423 8800 Wacht u8104 8738 wel3966 voor uw zielen;5315 want gij hebt geen gelijkenis8544 gezien,7200 8804 ten dage3117 als de HEERE3068 op Horeb2722 uit het midden8432 des vuurs784 tot u sprak;1696 8763 Opdat gij u niet verderft,7843 8686 en maakt6213 8804 u iets gesnedens,6459 de gelijkenis8544 van enig beeld,5566 de gedaante8403 van man2145 of vrouw,5347 De gedaante8403 van enig beest,929 dat op de aarde776 is; de gedaante8403 van enigen gevleugelden3671 vogel,6833 die door den hemel8064 vliegt;5774 8799 De gedaante8403 van iets, dat op den aardbodem127 kruipt;7430 8802 de gedaante8403 van enigen vis,1710 die in het water4325 is onder8478 de aarde;776 Dat gij ook uw ogen5869 niet opheft5375 8799 naar den hemel,8064 en aanziet7200 8804 de zon,8121 en de maan,3394 en de sterren,3556 des hemels8064 ganse heir;6635 en wordt aangedreven,5080 8738 dat gij u voor die buigt,7812 8694 en hen dient;5647 8804 dewelke de HEERE,3068 uw God,430 aan alle volken5971 onder den gansen hemel8064 heeft uitgedeeld.2505 8804 Maar ulieden heeft de HEERE3068 aangenomen,3947 8804 en uit den ijzeroven,1270 3564 uit ,4714 uitgevoerd;3318 8686 opdat gij tot een erfvolk5971 5159 zoudt zijn, gelijk het te dezen dage3117 is. Ook vertoornde Zich599 8694 de HEERE3068 over mij, om ulieder woorden;1697 en zwoer,7650 8735 dat ik over de Jordaan3383 niet zou gaan,5674 8800 en dat ik niet zou komen935 8800 in dat goede2896 land,776 dat de HEERE,3068 uw God,430 u ter erfenis5159 geven zal.5414 8802 Want ik zal in dit land776 sterven;4191 8801 ik zal over de Jordaan3383 niet gaan;5674 8802 maar gij zult er overgaan,5674 8802 en datzelve goede2896 land776 erven.3423 8804 Wacht u,8104 8734 dat gij het verbond1285 des HEEREN,3068 uws ,430 hetwelk met u gemaakt heeft,3772 8804 niet vergeet,7911 8799 dat gij u een gesneden beeld6459 zoudt maken,6213 8804 de gelijkenis8544 van iets,3605 dat de HEERE,3068 uw God,430 u verboden heeft.6680 8765 Want de HEERE,3068 uw God,430 is een verterend398 8802 vuur,784 een ijverig7067 God.410 Wanneer gij nu kinderen1121 en kindskinderen1121 1121 gewonnen zult hebben,3205 8686 en in het land776 oud geworden zult zijn,3462 8738 en u zult verderven,7843 8689 dat gij gesneden beelden6459 maakt,6213 8804 de gelijkenis8544 van enig ding, en doet,6213 8804 wat kwaad7451 is in de ogen5869 des HEEREN,3068 uws ,430 om tot toorn te verwekken;3707 8687 Zo roep ik5749 heden3117 den hemel8064 en de aarde776 tot getuige5749 8689 tegen ulieden, dat gij voorzeker6 8800 haast4118 zult omkomen6 8799 van dat land,776 waar gij over de Jordaan3383 naar toe trekt,5674 8802 om dat te erven;3423 8800 gij zult uw dagen3117 daarin niet verlengen,748 8686 maar ganselijk8045 8736 verdelgd worden.8045 8735 En de HEERE3068 zal u verstrooien6327 8689 onder de volken;5971 en gij zult een klein volksken4962 in getal4557 overblijven7604 8738 onder de heidenen,1471 waar de HEERE3068 u henen leiden zal.5090 8762 En aldaar zult gij goden430 dienen,5647 8804 die des mensen120 handenwerk4639 3027 zijn, hout6086 en steen,68 die niet zien,7200 8799 noch horen,8085 8799 noch eten,398 8799 noch rieken.7306 8686 zult gij van daar den HEERE,3068 uw God,430 zoeken,1245 8765 en vinden;4672 8804 als gij zoeken zult1875 8799 met uw ganse hart3824 en met uw ganse ziel.5315 Wanneer gij in angst6862 zult zijn, en u al deze dingen1697 zullen treffen;4672 8804 in het laatste319 der dagen,3117 zult gij wederkeren7725 8804 tot den HEERE,3068 uw God,430 en stem6963 gehoorzaam zijn.8085 8804 Want de HEERE,3068 uw God,430 is een barmhartig7349 God;410 zal u niet verlaten,7503 8686 noch u verderven;7843 8686 en zal het verbond1285 uwer vaderen,1 dat hun gezworen heeft,7650 8738 niet vergeten.7911 8799 Want, vraag7592 8798 toch naar de vorige7223 dagen,3117 die voor6440 u geweest zijn,1961 8738 van dien dag3117 af, dat God430 den mens120 op de aarde776 geschapen heeft,1254 8804 van het [ene] einde7097 des hemels8064 tot aan het [andere] einde des hemels, of zulk een groot1419 ding1697 geschied of gehoord zij,8085 8738 als dit: Of een volk5971 gehoord hebbe8085 8804 de stem6963 van God,430 sprekende1696 8764 uit het midden8432 des vuurs,784 gelijk als gij gehoord hebt,8085 8804 en levend zij gebleven?2421 8799 Of: of God430 verzocht heeft5254 8765 te gaan,935 8800 om een volk1471 uit het midden7130 eens volks1471 aan te nemen,3947 8800 door verzoekingen,4531 door tekenen,226 en door wonderen,4159 en door strijd,4421 en door een sterke2389 hand,3027 en door een uitgestrekten5186 8803 arm,2220 en met grote1419 verschrikkingen;4172 naar al hetgeen de HEERE,3068 uw God,430 ulieden voor uw ogen5869 in Egypte4714 gedaan heeft?6213 8804 U is het getoond,7200 8717 opdat gij wetet,3045 8800 dat de HEERE3068 die God430 is; er is niemand meer5750 alleen!905 Van den hemel8064 heeft u stem6963 laten horen,8085 8689 om u te onderwijzen;3256 8763 en op de aarde776 heeft u groot1419 vuur784 doen zien;7200 8689 en gij hebt woorden1697 uit het midden8432 des vuurs784 gehoord.8085 8804 En omdat uw vaderen1 liefhad,157 8804 en hun zaad2233 na310 hen verkoren had,977 8799 zo heeft u voor aangezicht6440 door grote1419 kracht3581 uit Egypte4714 uitgevoerd;3318 8686 Om volken,1471 die groter1419 en machtiger6099 waren gij, voor uw aangezicht6440 uit de bezitting te verdrijven;3423 8687 om u in te brengen,935 8687 dat u hunlieder land776 ter erfenis5159 gave,5414 8800 als het te dezen dage3117 is. Zo zult gij heden3117 weten,3045 8804 en in uw hart3824 hervatten,7725 8689 dat de HEERE3068 die God430 is, boven4605 in den hemel,8064 en onder op de aarde,776 niemand meer! En gij zult houden8104 8804 inzettingen2706 en geboden,4687 die ik u heden3117 gebiede,6680 8764 opdat het u en uw kinderen1121 na310 u welga,3190 8799 en opdat gij de dagen3117 verlengt748 8686 in het land,127 dat de HEERE,3068 uw God,430 u geeft,5414 8802 voor altoos. Toen scheidde914 Mozes4872 drie7969 steden5892 uit,914 8686 aan deze zijde5676 van de ,3383 tegen den opgang4217 der zon;8121 Opdat daarheen vlood5127 8800 de doodslager,7523 8802 die zijn naaste7453 onwetende1097 1847 doodslaat,7523 8799 dien hij van gisteren8543 [en] eergisteren8032 niet haatte;8130 8802 dat hij in een259 van deze411 steden5892 vlood5127 8804 en levend bleef;2425 8804 Bezer1221 in de woestijn,4057 in het effen4334 land,776 voor de ;7206 en Ramoth7216 in ,1568 voor de ;1425 en Golan1474 in ,1316 voor de .4520 Dit is nu de wet,8451 die Mozes4872 den kinderen1121 Israels3478 voorstelde:6440 7760 8804 Dit zijn de getuigenissen,5713 en de inzettingen,2706 en de rechten,4941 die Mozes4872 sprak1696 8765 tot de kinderen1121 ,3478 als zij uit Egypte4714 waren uitgetogen;3318 8800 Aan deze zijde5676 van de ,3383 in het dal1516 tegenover4136 -peor,1047 in het land776 van ,5511 den koning4428 der ,567 die te Hesbon2809 woonde;3427 8802 welken Mozes4872 sloeg,5221 8689 en de kinderen1121 ,3478 als zij uit Egypte4714 waren uitgetogen,3318 8800 En zijn land776 in bezitting genomen hadden;3423 8799 daartoe het land776 van Og,5747 koning4428 van ;1316 twee8147 koningen4428 der ,567 die aan deze zijde5676 van de Jordaan3383 waren, tegen den opgang4217 der zon;8121 Van Aroer6177 af, dat aan den oever8193 der beek5158 769 is, tot aan den berg2022 ,7865 welke is ;2768 En al het vlakke veld,6160 aan deze zijde5676 van de ,3383 naar het oosten,4217 tot aan de zee3220 des vlakken velds,6160 onder -pisga.794 6449