Exodus 1:8

“Daarna stond6965 een nieuwe2319 koning4428 op6965 8799 over Egypte,4714 die Jozef3130 niet gekend had;3045 8804”

Exodus 1:8 — Statenvertaling (1637)

Verse 8 of 22 in Exodus chapter 1 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Exodus 1 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Dit nu zijn de namen8034 der zonen1121 van ,3478 die in Egypte4714 gekomen zijn,935 8802 met ;3290 zij kwamen935 8804 er in, elk376 met zijn huis.1004 Ruben,7205 ,8095 ,3878 en ;3063 Issaschar,3485 ,2074 en ;1144 1835 en ,5321 1410 en .836 Al de zielen5315 nu, die uit Jakobs3290 heup3409 voortgekomen zijn,3318 8802 waren zeventig7657 zielen;5315 doch Jozef3130 was in .4714 Toen nu Jozef3130 gestorven was,4191 8799 en al zijn broeders,251 en al dat geslacht,1755 Zo werden de kinderen1121 Israels3478 vruchtbaar6509 8804 en wiesen overvloedig,8317 8799 en zij vermeerderden,7235 8799 en werden gans3966 zeer3966 machtig,6105 8799 zodat het land776 met hen vervuld werd.4390 8735 Daarna stond6965 een nieuwe2319 koning4428 op6965 8799 over ,4714 die Jozef3130 niet gekend had;3045 8804 Die zeide559 8799 tot zijn volk:5971 , het volk5971 der kinderen1121 Israels3478 is veel,7227 ja, machtiger6099 wij. Komt aan,3051 8798 laat ons wijselijk tegen hetzelve handelen,2449 8691 opdat het niet vermenigvuldige,7235 8799 en het geschiede, als er enige krijg4421 voorvalt,7122 8799 dat het1931 zich ook niet vervoege3254 8738 tot onze vijanden,8130 8802 en tegen ons strijde,3898 8738 en uit het land776 optrekke.5927 8804 En zij zetten7760 8799 oversten8269 der schattingen4522 over hetzelve, om het te verdrukken6031 8763 met hun lasten;5450 want men bouwde1129 8799 voor Farao6547 schatsteden,4543 5892 Pitom6619 en .7486 Maar hoe meer zij het verdrukten,6031 8762 hoe meer3651 het vermeerderde,7235 8799 en hoe meer3651 het wies;6555 8799 zodat zij verdrietig waren6973 8799 vanwege6440 de kinderen1121 .3478 En de Egyptenaars4714 deden de kinderen1121 Israels3478 dienen5647 8686 met hardigheid;6531 Zodat zij hun het leven2416 bitter maakten4843 8762 met harden7186 dienst,5656 in leem2563 en in tichelstenen,3843 en met allen dienst5656 op het veld,7704 met al hun dienst,5656 dien zij hen deden dienen5647 8804 met hardigheid.6531 Daarenboven sprak559 8799 de koning4428 van Egypte4714 tot de vroedvrouwen3205 8764 der ,5680 welker ener259 naam8034 ,8236 en de naam8034 der andere8145 Pua6326 was; En zeide:559 8799 gij de Hebreinnen5680 in het baren helpt,3205 8763 en ziet7200 8804 haar op de stoelen;70 is het een zoon,1121 zo doodt4191 8689 hem; maar is het een dochter,1323 zo laat haar leven!2425 8804 Doch de vroedvrouwen3205 8764 vreesden3372 8799 God,430 en deden6213 8804 niet, gelijk als de koning4428 van Egypte4714 tot haar gesproken had,1696 8765 maar zij behielden2421 de knechtjes3206 in het leven.2421 8762 Toen riep7121 8799 de koning4428 van Egypte4714 de vroedvrouwen,3205 8764 en zeide559 8799 tot haar: Waarom4069 hebt gijlieden deze zaak1697 gedaan,6213 8804 dat gij de knechtjes3206 in het leven behouden hebt?2421 8762 En de vroedvrouwen3205 8764 zeiden559 8799 tot :6547 de Hebreinnen5680 802 niet zijn gelijk de Egyptische4713 vrouwen; want zij zijn sterk;2422 eer2962 de vroedvrouw3205 8764 tot haar komt,935 8799 zo hebben zij gebaard.3205 8804 Daarom deed3190 God430 aan de vroedvrouwen3205 8764 goed;3190 8686 en dat volk5971 vermeerderde,7235 8799 en het werd zeer3966 machtig.6105 8799 En het geschiedde, dewijl de vroedvrouwen3205 8764 God430 vreesden,3372 8804 zo bouwde Hij6213 8799 haar huizen.1004 Toen gebood6680 8762 Farao6547 aan al zijn volk,5971 zeggende:559 8800 zonen,1121 die geboren worden,3209 zult gij in de rivier2975 werpen,7993 8686 maar al de dochteren1323 in het leven behouden.2421 8762

Every verse in Exodus 1

Chapter navigation

0:000:00