Exodus 16:34
“Gelijk als de HEERE3068 aan Mozes4872 geboden had,6680 8765 alzo zette3240 8686 ze Aaron175 voor6440 de getuigenis5715 tot bewaring.4931”
Exodus 16:34 — Statenvertaling (1637)
Verse 34 of 36 in Exodus chapter 16 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Exodus 16 — full chapter (Statenvertaling (1637))
Toen zij van 362 gereisd waren,5265 8799 zo kwam935 8799 de ganse vergadering5712 der kinderen1121 Israels3478 in de woestijn4057 ,5512 welke is tussen 362 en tussen ,5514 aan den vijftienden2568 6240 dag3117 der tweede8145 maand,2320 nadat zij uit Egypteland776 4714 uitgegaan waren.3318 8800 En de ganse vergadering5712 der kinderen1121 Israels3478 murmureerde3885 8735 tegen Mozes4872 en tegen ,175 in de woestijn.4057 En de kinderen1121 Israels3478 zeiden559 8799 tot hen: Och, dat4310 5414 8799 wij in Egypteland776 4714 gestorven waren4191 8800 door de hand3027 des HEEREN,3068 toen wij bij de vleespotten1320 5518 zaten,3427 8800 toen wij tot verzadiging7648 brood3899 aten!398 8800 gijlieden hebt ons uitgeleid3318 8689 in deze woestijn,4057 om deze ganse gemeente6951 door den honger7458 te doden.4191 8687 Toen zeide559 8799 de HEERE3068 tot :4872 , Ik zal voor ulieden brood3899 uit den hemel8064 regenen;4305 8688 en het volk5971 zal uitgaan,3318 8804 en verzamelen3950 8804 elke dagmaat1697 3117 op haar dag;3117 opdat Ik het verzoeke,5254 8762 of het in wet8451 ga,3212 8799 of niet. En het zal geschieden op den zesden8345 dag,3117 dat zij bereiden zullen3559 8689 hetgeen834 zij ingebracht zullen hebben;935 8686 dat zal dubbel4932 zijn boven hetgeen zij dagelijks3117 zullen verzamelen.3950 8799 Toen zeiden559 8799 Mozes4872 en 175 tot al de kinderen1121 :3478 den avond,6153 zult gij weten,3045 8804 dat u de HEERE3068 uit Egypteland776 4714 uitgeleid heeft;3318 8689 En morgen,1242 zult gij des HEEREN3068 heerlijkheid3519 zien,7200 8804 dewijl uw murmureringen8519 tegen den HEERE3068 gehoord heeft;8085 8800 want wat zijn wij,5168 dat gij tegen ons murmureert?3885 8686 8675 3885 8735 Voorts zeide559 8799 :4872 de HEERE3068 ulieden aan den avond6153 vlees1320 te eten398 8800 zal geven,5414 8800 en aan den morgen1242 brood3899 tot verzadiging,7646 8800 het zal zijn, omdat de HEERE3068 uw murmureringen8519 gehoord heeft,8085 8800 die gij tegen murmureert;3885 8688 want wat zijn wij?5168 Uw murmureringen8519 zijn niet tegen ons, maar tegen den HEERE.3068 Daarna zeide559 8799 Mozes4872 tot :175 Zeg559 8798 tot de ganse vergadering5712 der kinderen1121 :3478 Nadert7126 8798 voor het aangezicht6440 des HEEREN,3068 want heeft uw murmureringen8519 gehoord.8085 8804 En het geschiedde, als 175 tot de ganse vergadering5712 der kinderen1121 Israels3478 sprak,1696 8763 en zij zich naar de woestijn4057 keerden,6437 8799 zo ziet, de heerlijkheid3519 des HEEREN3068 verscheen7200 8738 in de wolk.6051 Ook heeft de HEERE3068 tot Mozes4872 gesproken,1696 8762 zeggende:559 8800 Ik heb de murmureringen8519 van de kinderen1121 Israels3478 gehoord;8085 8804 spreek1696 8761 tot hen, zeggende:559 8800 Tussen996 de twee avonden6153 zult gij vlees1320 eten,398 8799 en aan den morgen1242 zult gij met brood3899 verzadigd worden;7646 8799 en gij zult weten,3045 8804 dat Ik de HEERE3068 uw God430 ben. En het geschiedde aan den avond,6153 dat er kwakkelen7958 opkwamen,5927 8799 en het leger4264 bedekten;3680 8762 en aan den morgen1242 lag7902 de dauw2919 rondom5439 het leger.4264 Als nu de liggende7902 dauw2919 opgevaren was,5927 8799 zo ziet, over6440 de woestijn4057 was een klein1851 rond ding,2636 8794 klein1851 als de rijm,3713 op de aarde.776 Toen het de kinderen1121 Israels3478 zagen,7200 8799 zo zeiden zij,559 8799 de een376 tot den ander:251 is ,4478 want zij wisten3045 8804 niet wat het was. Mozes4872 zeide559 8799 tot hen: Dit is het brood,3899 hetwelk de HEERE3068 ulieden te eten402 gegeven heeft.5414 8804 Dit is het woord,1697 dat834 de HEERE3068 geboden heeft:6680 8765 Verzamelt3950 8798 daarvan een ieder376 naar6310 dat hij eten mag,400 een 6016 voor een hoofd,1538 naar het getal4557 van uw zielen;5315 ieder376 zal nemen3947 8799 voor degenen, die in zijn tent168 zijn. En de kinderen1121 Israels3478 deden6213 8799 alzo, en verzamelden,3950 8799 de een veel7235 8688 en de ander weinig.4591 8688 Doch als zij het met den 6016 maten,4058 8799 zo had hij, die veel verzameld had,7235 8688 niets over,5736 8689 en dien, die weinig verzameld had,4591 8688 ontbrak niet;2637 8689 een iegelijk376 verzamelde3950 8804 zoveel, als6310 hij eten400 mocht. En Mozes4872 zeide559 8799 tot hen: Niemand376 late3498 8686 daarvan over tot den morgen.1242 Doch zij hoorden8085 8804 niet naar ,4872 maar sommige mannen582 lieten3498 8686 daarvan over tot den morgen.1242 wiesen7311 8799 er wormen8438 in, en het werd stinkende;887 8799 dies werd Mozes4872 zeer toornig7107 8799 op hen. Zij nu verzamelden3950 8799 het allen morgen,1242 een iegelijk376 naardat6310 hij eten400 mocht; want als de zon8121 heet werd,2552 8804 zo versmolt het.4549 8738 En het geschiedde op den zesden8345 dag,3117 dat zij dubbel4932 brood3899 verzamelden,3950 8804 twee8147 gomers6016 voor een;259 en al de oversten5387 der vergadering5712 kwamen935 8799 en verkondigden5046 8686 het aan .4872 Hij zeide559 8799 tot hen: Dit is het, dat de HEERE3068 gesproken heeft:1696 8765 Morgen4279 is de rust,7677 de heilige6944 sabbat7676 des HEEREN!3068 wat gij bakken zoudt,644 8798 bakt644 8799 dat, en ziedt,1310 8761 wat gij zieden zoudt;1310 8762 en al3605 wat over blijft,5736 8802 legt het op3240 8685 voor u in bewaring4931 tot den morgen.1242 En zij leiden het op3240 8686 tot den morgen,1242 gelijk als Mozes4872 geboden had;6680 8765 en het stonk887 8689 niet, en er was geen worm7415 in. Toen zeide559 8799 :4872 Eet398 8798 dat heden,3117 want het is heden3117 de sabbat7676 des HEEREN;3068 gij zult het heden3117 op het veld7704 niet vinden.4672 8799 Zes8337 dagen3117 zult gij het verzamelen;3950 8799 doch op den zevenden7637 dag3117 is het sabbat,7676 op denzelven zal het niet zijn. En het geschiedde aan den zevenden7637 dag,3117 dat sommigen van het volk5971 uitgingen,3318 8804 om te verzamelen;3950 8800 doch zij vonden4672 8804 niet. Toen zeide559 8799 de HEERE3068 tot :4872 lang weigert gijlieden3985 8765 te houden8104 8800 geboden4687 en wetten?8451 Ziet,7200 8798 omdat de HEERE3068 ulieden den sabbat7676 gegeven heeft,5414 8804 daarom geeft Hij5414 8802 u aan den zesden8345 dag3117 voor twee dagen3117 brood;3899 een ieder376 blijve3427 8798 in zijn plaats! dat niemand376 uit zijn plaats4725 ga3318 8799 op den zevenden7637 dag!3117 Alzo rustte7673 8799 het volk5971 op den zevenden7637 dag.3117 En het huis1004 Israels3478 noemde7121 8799 deszelfs naam8034 ;4478 en het was als korianderzaad,1407 2233 wit,3836 en de smaak2940 daarvan was als honigkoeken.6838 1706 Voorts zeide559 8799 :4872 is het woord,1697 hetwelk de HEERE3068 bevolen heeft:6680 8765 Vul4393 een 6016 daarvan tot bewaring4931 voor uw geslachten,1755 opdat zij zien7200 8799 het brood,3899 dat Ik ulieden heb te eten gegeven398 8689 in deze woestijn,4057 toen Ik u uit Egypteland776 4714 uitleidde.3318 8687 Ook zeide559 8799 Mozes4872 tot :175 Neem3947 8798 een259 kruik,6803 en doe5414 8798 een 6016 vol4393 Man4478 daarin; en zet3240 8685 die voor het aangezicht6440 des HEEREN,3068 tot bewaring4931 voor uw geslachten.1755 Gelijk als de HEERE3068 aan Mozes4872 geboden had,6680 8765 alzo zette3240 8686 ze 175 voor6440 de getuigenis5715 tot bewaring.4931 En de kinderen1121 Israels3478 aten398 8804 Man4478 veertig705 jaren,8141 totdat zij in een bewoond3427 8737 land776 kwamen;935 8800 zij aten398 8804 ,4478 totdat zij kwamen935 8800 aan de pale7097 van het land776 .3667 Een 6016 nu is het tiende6224 [deel] van een efa.374