Ezekiel 16:20
“Verder hebt gij uw zonen1121 en uw dochteren,1323 die gij Mij gebaard hadt,3205 8804 genomen,3947 8799 en hebt ze denzelven geofferd2076 8799 om te verteren;398 8800 is het wat kleins4592 van uw hoererijen,8457”
Ezekiel 16:20 — Statenvertaling (1637)
Verse 20 of 63 in Ezekiel chapter 16 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Ezekiel 16 — full chapter (Statenvertaling (1637))
Verder geschiedde des HEEREN3068 woord1697 tot mij, zeggende:559 8800 Mensenkind,1121 120 maak3045 Jeruzalem3389 haar gruwelen8441 bekend,3045 8685 En zeg:559 8804 zegt559 8804 de Heere136 HEERE3069 tot :3389 Uw handelingen4351 en uw geboorten4138 zijn uit het land776 der ;3669 uw vader1 was een Amoriet567 en uw moeder517 een .2850 En aangaande uw geboorten:4138 ten dage,3117 als gij geboren waart,3205 8715 werd uw navel8270 niet afgesneden;3772 8795 en gij waart niet met water4325 gewassen,7364 8795 toen Ik [u] aanschouwde;4935 gij waart ook geenszins4414 8715 met zout gewreven,4414 8717 noch in windselen2853 8715 gewonden.2853 8795 Geen oog5869 had medelijden2347 8804 over u, om u een259 van deze dingen te doen,6213 8800 om zich over u te erbarmen;2550 8800 maar gij zijt geworpen geweest7993 8714 op het vlakke6440 des velds,7704 om de walgelijkheid1604 van uw ziel,5315 ten dage,3117 toen gij geboren waart.3205 8715 Als Ik bij u voorbijging,5674 8799 zo zag Ik7200 8799 u, vertreden zijnde947 8711 in uw bloed,1818 en Ik zeide559 8799 tot u in uw bloed:1818 ;2421 8798 ja, Ik zeide559 8799 tot u in uw bloed:1818 !2421 8798 Ik heb u tot tien duizend,7233 als het gewas6780 des velds,7704 gemaakt;5414 8804 en gij zijt gegroeid,7235 8799 en groot geworden,1431 8799 en zijt gekomen935 8799 tot grote sierlijkheid;5716 [uw] borsten7699 zijn vast geworden,3559 8738 en uw haar8181 is gewassen,6779 8765 doch gij waart naakt5903 en bloot.6181 Als Ik nu bij u voorbijging,5674 8799 zag Ik7200 8799 u, en ziet, uw tijd6256 was de tijd6256 der minne;1730 zo breidde Ik6566 8799 vleugel3671 over u uit, en dekte3680 8762 uw naaktheid;6172 ja, Ik zwoer7650 8735 u, en kwam935 8799 met u in een verbond,1285 spreekt5002 8803 de Heere136 HEERE3069 en gij werdt de . Daarna wies Ik7364 8799 u met water,4325 en Ik spoelde7857 uw bloed1818 van u af,7857 8799 en zalfde5480 8799 u met olie.8081 Ik bekleedde3847 8686 u ook met gestikt werk,7553 en Ik schoeide5274 8799 u met dassenvellen,8476 en omgordde2280 8799 u met fijn linnen,8336 en bedekte3680 8762 u met zijde.4897 Ook versierde Ik5710 8799 u met sieraad,5716 en deed5414 8799 armringen6781 aan uw handen,3027 en een keten7242 aan uw hals.1627 Desgelijks deed Ik5414 8799 een voorhoofdsiersel5141 aan uw aangezicht,639 en oorringen5694 aan uw oren,241 en een kroon5850 der heerlijkheid8597 op uw hoofd.7218 Zo waart gij versierd5710 8799 met goud2091 en zilver,3701 en uw kleding4403 was fijn linnen,8336 8675 8336 en zijde,4897 en gestikt werk;7553 gij at398 8804 meelbloem,5560 en honig,1706 en olie,8081 en gij waart3302 gans zeer3966 schoon,3302 8799 en waart voorspoedig,6743 8799 dat gij een koninkrijk4410 werdt. Daartoe ging3318 van u een naam8034 uit3318 8799 onder de heidenen1471 om uw schoonheid;3308 want die was volmaakt3632 door heerlijkheid,1926 die Ik op u gelegd had,7760 8804 spreekt5002 8803 de Heere136 HEERE.3069 Maar gij hebt vertrouwd982 8799 op uw schoonheid,3308 en hebt gehoereerd2181 8799 vanwege uw naam;8034 ja, hebt uw hoererijen8457 uitgestort8210 8799 aan een ieder, die voorbijging;5674 8802 voor hem was zij. En gij hebt van uw klederen899 genomen,3947 8799 en u gemaakt6213 8799 geplekte2921 8803 hoogten,1116 en hebt daarop gehoereerd;2181 8799 [zulks] is niet gekomen,935 8802 en zal niet geschieden. Daartoe hebt gij genomen3947 8799 de vaten3627 uws sieraads8597 van goud2091 en van zilver,3701 dat Ik u gegeven had,5414 8804 en gij hebt u mansbeelden6754 2145 gemaakt,6213 8799 en gij hebt met dezelve gehoereerd.2181 8799 En gij hebt uw gestikte7553 klederen899 genomen,3947 8799 en hebt ze bedekt;3680 8762 en gij hebt olie8081 en reukwerk7004 voor hun aangezichten6440 gesteld.5414 8804 En brood,3899 hetwelk Ik u gaf,5414 8804 meelbloem5560 en olie,8081 en honig,1706 [waarmede] Ik u spijsde,398 8689 dat hebt gij ook voor hun aangezichten6440 gesteld5414 8804 tot een liefelijken5207 reuk;7381 zo is het geschied, spreekt5002 8803 de Heere136 HEERE.3069 Verder hebt gij uw zonen1121 en uw dochteren,1323 die gij gebaard hadt,3205 8804 genomen,3947 8799 en hebt ze denzelven geofferd2076 8799 om te verteren;398 8800 is het wat kleins4592 van uw hoererijen,8457 Dat gij kinderen1121 geslacht hebt,7819 8799 en hebt ze overgegeven,5414 8799 als gij dezelve voor hen door [het] [vuur] hebt doen gaan?5674 8687 Ook hebt gij bij al uw gruwelen8441 en uw hoererijen8457 niet gedacht2142 8804 aan de dagen3117 uwer jonkheid,5271 als gij naakt5903 en bloot6181 waart, [als] gij vertreden waart947 8711 in uw bloed.1818 Het is ook geschied na310 al uw boosheid,7451 (wee,188 wee188 u, spreekt5002 8803 de Heere136 HEERE3069), Dat gij u een verwelfsel1354 gebouwd hebt,1129 8799 en u een hoge plaats7413 gemaakt hebt6213 8799 in elke straat.7339 Aan elk hoofd7218 des wegs1870 hebt gij uw hoge plaatsen7413 gebouwd,1129 8804 en hebt uw schoonheid3308 gruwelijk gemaakt,8581 8762 en hebt met uw benen7272 geschreden6589 8762 voor een ieder, die voorbijging,5674 8802 en hebt uw hoererijen8457 vermenigvuldigd.7235 8686 Gij hebt ook gehoereerd2181 8799 met de kinderen1121 van ,4714 uw naburen,7934 die groot1432 van vlees1320 zijn; en gij hebt uw hoererij8457 vermenigvuldigd,7235 8686 om tot toorn te verwekken.3707 8687 Ziet, daarom strekte Ik5186 hand3027 over u uit,5186 8804 en verminderde1639 8799 uw bescheiden deel;2706 en Ik gaf5414 8799 u over in den lust5315 dergenen, die u haten,8130 8802 der dochteren1323 der ,6430 die vanwege uw schandelijken2154 weg1870 beschaamd waren.3637 8737 Verder hebt gij gehoereerd2181 8799 met de kinderen1121 van ,804 omdat1115 gij onverzadelijk waart;7646 8804 ja, als gij met hen gehoereerd hebt,2181 8799 zijt gij ook niet verzadigd geworden.7654 Maar gij hebt uw hoererij8457 vermenigvuldigd7235 8686 in het land776 van Kanaan3667 tot in ;3778 en daarmede2063 ook zijt gij niet verzadigd geworden.7646 8804 Hoe zwak535 8802 is uw hart3826 (spreekt5002 8803 de Heere136 HEERE3069) als gij al deze dingen doet,6213 8800 [zijnde] het werk4639 van een heersende7986 hoerachtige2181 8803 vrouw!802 Als gij uw verwelfsel1354 bouwt1129 8800 aan het hoofd7218 van iederen weg,1870 en uw hoge plaats7413 maakt6213 8804 in elke straat,7339 en niet zijt geweest als een hoer,2181 8802 het hoerenloon868 beschimpende.7046 8763 O, die overspelige5003 8764 vrouw,802 zij neemt3947 8799 in plaats van haar man376 de vreemden2114 8801 aan. Men geeft5414 8799 loon5078 aan alle hoeren;2181 8802 maar gij geeft5414 8804 uw loon5083 aan al uw boelen,157 8764 en gij beschenkt7809 8799 ze, opdat zij tot u van rondom5439 zouden ingaan935 8800 om uw hoererijen.8457 Zo geschiedt met u in uw hoererijen8457 het tegendeel2016 van de vrouwen,802 dewijl men u niet naloopt,310 om te hoereren;2181 8795 want als gij hoerenloon868 geeft,5414 8800 en het hoerenloon868 u niet gegeven wordt;5414 8738 zo zijt gij tot een tegendeel2016 geworden.1961 8799 Daarom, o hoer,2181 8802 hoor8085 8798 des HEEREN3068 woord.1697 Alzo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 uw vergif5178 uitgestort is,8210 8736 en uw schaamte6172 door uw hoererijen8457 met uw boelen157 8764 ontdekt is,1540 8735 en met al de drekgoden1544 uwer gruwelen,8441 en na het bloed1818 uwer kinderen,1121 dat gij hun gegeven hebt;5414 8804 Daarom, zie, Ik zal al uw boelen157 8764 vergaderen,6908 8764 met dewelke gij vermengd zijt geweest,6149 8804 en allen, die gij liefgehad hebt,157 8804 met allen, die gij gehaat hebt;8130 8804 en Ik zal hen van rondom5439 vergaderen6908 8765 tegen u, en Ik zal voor hen uw naaktheid6172 ontdekken,1540 8765 dat zij uw ganse naaktheid6172 zien zullen.7200 8804 Daartoe zal Ik u [naar] de rechten4941 der overspeelsters5003 8802 en der bloedvergietsters8210 8802 1818 richten;8199 8804 en Ik zal u overgeven5414 8804 aan het bloed1818 der grimmigheid2534 en des ijvers.7068 En Ik zal u in hun hand3027 overgeven,5414 8804 en zij zullen uw verwelfsel1354 afbreken,2040 8804 en uw hoge plaatsen7413 omwerpen,5422 8765 en uw klederen899 u uittrekken,6584 8689 en uw sierlijke8597 juwelen3627 nemen,3947 8804 en u naakt5903 en bloot6181 laten.3240 8689 Daarna zullen zij tegen u een vergadering6951 doen opkomen,5927 8689 en zullen u met stenen68 stenigen,7275 8804 en u met hun zwaarden2719 doorsteken.1333 8765 Zij zullen ook uw huizen1004 met vuur784 verbranden,8313 8804 en oordelen8201 tegen u uitvoeren6213 8804 voor veler7227 vrouwen802 ogen;5869 en Ik zal u doen ophouden7673 8689 van een hoer te zijn,2181 8802 en gij zult ook niet meer hoerenloon868 geven.5414 8799 Zo zal Ik grimmigheid2534 op u doen rusten,5117 8689 en ijver7068 zal van u afwijken;5493 8804 en Ik zal stil zijn,8252 8804 en niet meer toornig wezen.3707 8799 Daarom dat gij niet gedacht hebt2142 8804 aan de dagen3117 uwer jonkheid,5271 en tot beroering geweest zijt7264 8799 met dit alles, zie,1887 zo zal Ik ook uw weg1870 op [uw] hoofd7218 geven,5414 8804 spreekt5002 8803 de Heere136 HEERE;3069 en gij zult die schandelijke daad2154 niet doen6213 8804 boven al uw gruwelen.8441 Zie, een ieder, die spreekwoorden gebruikt,4911 8802 zal van u een spreekwoord gebruiken,4911 8799 zeggende:559 8800 Zo de moeder517 is, is haar dochter.1323 Gij zijt de dochter1323 uwer moeder,517 die de walg had1602 8802 van haar man376 en van haar kinderen;1121 en gij zijt de zuster269 uwer zusteren,269 die de walg gehad hebben1602 8804 van haar mannen582 en van haar kinderen;1121 uw moeder517 was een ,2850 en uw vader1 een .567 Uw grote1419 zuster269 nu is ,8111 zij en haar dochteren,1323 dewelke woont3427 8802 aan uw linkerhand;8040 maar uw zuster,269 die kleiner6996 is gij, die tegen uw rechterhand3225 woont,3427 8802 is 5467 en haar dochteren.1323 Doch gij hebt in haar wegen1870 niet gewandeld,1980 8804 noch naar haar gruwelen8441 gedaan;6213 8804 het was wat6985 gerings,4592 een verdriet;6962 8804 maar gij hebt het meer verdorven7843 8686 zij,2004 in al uw wegen.1870 [Zo] [waarachtig] [als] Ik leef,2416 spreekt5002 8803 de Heere136 HEERE,3069 indien ,5467 uw zuster,269 zij met haar dochteren,1323 gedaan heeft,6213 8804 gelijk gij gedaan hebt6213 8804 en uw dochteren!1323 Ziet, dit was de ongerechtigheid5771 uwer zuster269 ;5467 hoogmoed,1347 zatheid7653 van brood3899 en stille8252 8687 gerustheid7962 had zij en haar dochteren;1323 maar zij sterkte2388 8689 de hand3027 des armen6041 en nooddruftigen34 niet. En zij verhieven zich,1361 8799 en deden6213 8799 gruwelijkheid8441 voor aangezicht;6440 daarom deed Ik ze weg,5493 8686 nadat Ik het gezien had.7200 8804 8111 ook heeft naar de helft2677 uwer zonden2403 niet gezondigd;2398 8804 en gij hebt uw gruwelen8441 meer zij2007 vermenigvuldigd,7235 8686 en hebt uw zusters269 gerechtvaardigd6663 8762 door al uw gruwelen,8441 die gij gedaan hebt.6213 8804 Draag gij5375 8798 [] ook uw schande,3639 gij, die voor uw zusteren269 geoordeeld hebt6419 8765 door uw zonden,2403 die gij gruwelijker gemaakt hebt8581 8689 zij;2004 zij zijn rechtvaardiger6663 8799 gij; wees gij ook beschaamd,954 8798 en draag5375 8798 uw schande,3639 omdat gij uw zusters269 gerechtvaardigd hebt.6663 8763 Als Ik haar gevangenen7622 8675 7622 wederbrengen zal,7725 8804 [namelijk] de gevangenen7622 8675 7622 van 5467 en haar dochteren,1323 en de gevangenen7622 8676 7622 van 8111 en haar dochteren,1323 [zal] [Ik] [wederbrengen] de gevangenen7622 8675 7622 uwer gevangenis7622 in het midden8432 van haar. Opdat gij uw schande3639 draagt,5375 8799 en te schande gemaakt wordt,3637 8738 om al hetgeen gij gedaan hebt,6213 8804 als gij haar troosten zult.5162 8763 Als uw zusters,269 5467 en haar dochteren,1323 zullen wederkeren7725 8799 tot haar vorigen staat,6927 mitsgaders 8111 en haar dochteren1323 zullen wederkeren7725 8799 tot haar vorigen staat,6927 zult gij ook en uw dochteren1323 wederkeren7725 8799 tot uw vorigen staat.6927 Ja, uw zuster269 5467 is in uw mond6310 niet gehoord geweest,8052 ten dage3117 uws groten hoogmoeds,1347 Aleer uw boosheid7451 ontdekt was.1540 8735 de tijd6256 was der versmading2781 van de dochteren1323 van ,758 en van al degenen, die rondom5439 datzelve waren, de dochteren1323 der ,6430 die u verachten7590 8801 van rondom,5439 Hebt gij uw schandelijke daden2154 en uw gruwelen8441 gedragen,5375 8804 spreekt5002 8803 de HEERE.3068 Want alzo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 Ik zal u ook doen,6213 8804 gelijk als gij gedaan hebt,6213 8804 die den eed423 veracht hebt,959 8804 brekende6565 8687 het verbond.1285 Evenwel zal Ik gedachtig wezen2142 8804 aan verbond1285 met u, in de dagen3117 uwer jonkheid,5271 en Ik zal met u een eeuwig5769 verbond1285 oprichten.6965 8689 zult gij uwer wegen1870 gedenken2142 8804 en beschaamd zijn,3637 8738 als gij uw zusteren,269 die groter1419 zijn gij, met degenen, die kleiner6996 zijn gij, aannemen zult;3947 8800 want Ik zal u dezelve geven5414 8804 tot dochteren,1323 maar niet uit uw verbond.1285 Want Ik zal verbond1285 met u oprichten,6965 8689 en gij zult weten,3045 8804 dat Ik de HEERE3068 ben; Opdat gij het gedachtig zijt,2142 8799 en u schaamt,954 8804 en niet meer uw mond6310 opent6610 vanwege6440 uw schande,3639 wanneer Ik voor u verzoening doen zal3722 8763 over al hetgeen gij gedaan hebt,6213 8804 spreekt5002 8803 de Heere136 HEERE.3069