Ezra 1:11
“Alle3605 vaten3627 van goud2091 en van zilver3701 waren vijf2568 duizend505 en vierhonderd;702 3967 deze alle3605 voerde5927 Sesbazar8339 op,5927 8689 met5973 degenen, die van de gevangenis1473 opgevoerd werden,5927 8736 van4480 Babel894 naar Jeruzalem.3389”
Ezra 1:11 — Statenvertaling (1637)
Verse 11 of 11 in Ezra chapter 1 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Ezra 1 — full chapter (Statenvertaling (1637))
In het eerste259 jaar8141 nu van ,3566 koning4428 van ,6539 opdat volbracht wierd3615 8800 het woord1697 des HEEREN,3068 uit4480 den mond6310 van ,3414 verwekte5782 8689 de HEERE3068 den geest7307 van ,3566 koning4428 van ,6539 dat hij een stem6963 liet doorgaan5674 8686 door zijn ganse3605 koninkrijk,4438 zelfs ook1571 in geschrift,4385 zeggende:559 8800 Zo3541 zegt559 8804 ,3566 koning4428 van :6539 De HEERE,3068 de God430 des hemels,8064 heeft mij alle3605 koninkrijken4467 der aarde776 gegeven;5414 8804 en Hij1931 heeft mij bevolen6485 8804 5921 een huis1004 te bouwen1129 8800 te ,3389 hetwelk834 in Juda3063 is. Wie4310 is onder ulieden van4480 al3605 volk?5971 God430 zij1961 8799 met5973 hem, en hij trekke op5927 8799 naar ,3389 dat834 in Juda3063 is, en hij bouwe1129 8799 het huis1004 des HEEREN,3068 des Gods430 van ;3478 Hij1931 is de God,430 Die834 te Jeruzalem3389 [woont]. En al3605 wie achterblijven zou7604 8737 in4480 enige3605 plaatsen,4725 waar834 8033 hij1931 als vreemdeling verkeert,1481 8802 dien zullen de lieden582 zijner plaats4725 bevorderlijk zijn5375 8762 met zilver,3701 en met goud,2091 en met have,7399 en met beesten;929 benevens5973 een vrijwillige gave,5071 voor het huis1004 ,430 Die834 te Jeruzalem3389 [woont]. Toen maakten zich op6965 8799 de hoofden7218 der vaderen1 van Juda3063 en ,1144 en de priesteren3548 en de ,3881 benevens een iegelijk,3605 wiens geest7307 God430 verwekte,5782 8689 dat zij optrokken5927 8800 om te bouwen1129 8800 het huis1004 des HEEREN,3068 die834 te Jeruzalem3389 [woont]. Allen3605 nu, die rondom5439 hen waren, sterkten2388 8765 hunlieder handen3027 met zilveren3701 vaten,3627 met goud,2091 met have,7399 en met beesten,929 en met kostelijkheden;4030 behalve905 5921 alles,3605 wat vrijwillig gegeven werd.5068 8692 Ook bracht3318 de koning4428 Kores3566 uit,3318 8689 de vaten3627 van het huis1004 des HEEREN,3068 die834 Nebukadnezar5019 uit4480 Jeruzalem3389 had uitgevoerd,3318 8689 en had gesteld5414 8799 in het huis1004 zijns gods.430 En ,3566 de koning4428 van ,6539 bracht ze uit3318 8686 door5921 de hand3027 van ,4990 den schatmeester,1489 die ze aan ,8339 den vorst5387 van ,3063 toetelde.5608 8799 En dit428 is hun getal:4557 dertig7970 gouden2091 bekkens,105 duizend505 zilveren3701 bekkens,105 negen8672 en twintig6242 messen;4252 Dertig7970 gouden2091 bekers,3713 vierhonderd702 3967 en tien6235 andere4932 zilveren3701 bekers;3713 andere312 vaten,3627 duizend.505 Alle3605 vaten3627 van goud2091 en van zilver3701 waren vijf2568 duizend505 en vierhonderd;702 3967 deze alle3605 voerde5927 Sesbazar8339 op,5927 8689 met5973 degenen, die van de gevangenis1473 opgevoerd werden,5927 8736 van4480 894 naar .3389