Isaiah 13:10

“Want de sterren3556 des hemels8064 en zijn gesternten3685 zullen haar licht216 niet laten lichten;1984 8686 de zon8121 zal verduisterd worden,2821 8804 wanneer zij zal opgaan,3318 8800 en de maan3394 zal haar licht216 niet laten schijnen.5050 8686”

Isaiah 13:10 — Statenvertaling (1637)

Verse 10 of 22 in Isaiah chapter 13 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Isaiah 13 — full chapter (Statenvertaling (1637))

De last4853 van ,894 dien ,3470 de zoon1121 van ,531 gezien heeft.2372 8804 Heft op5375 8798 een banier,5251 op een hogen8192 8737 berg;2022 verheft7311 8685 een stem6963 tot hen; beweegt5130 8685 de hand3027 omhoog, dat zij intrekken935 8799 door de deuren6607 der prinsen.5081 Ik heb aan geheiligden6942 8794 bevel gegeven;6680 8765 ook heb Ik tot toorn639 geroepen7121 8804 helden,1368 de vrolijken5947 hoogheid.1346 Er is een ruisende1995 stem6963 op de bergen,2022 gelijk1823 eens groten7227 volks;5971 een stem6963 van gedruis7588 der koninkrijken,4467 der verzamelde622 8737 heidenen;1471 de HEERE3068 der heirscharen6635 monstert6485 8764 het krijgsheir.6635 4421 Zij komen935 8802 uit verren4801 lande,776 van het einde7097 des hemels;8064 de HEERE3068 en de instrumenten3627 gramschap,2195 om dat ganse land776 te verderven.2254 8763 Huilt gijlieden,3213 8685 want de dag3117 des HEEREN3068 is nabij;7138 hij komt935 8799 als een verwoesting7701 van den .7706 Daarom zullen alle handen3027 slap worden,7503 8799 en aller mensen582 hart3824 zal versmelten;4549 8735 En zij zullen verschrikt worden,926 8738 smarten6735 en weeen2256 zullen hen aangrijpen,270 8799 zij zullen bang zijn2342 8799 als een barende vrouw;3205 8802 een iegelijk376 zal over zijn naaste7453 verbaasd zijn;8539 8799 hun aangezichten6440 zullen vlammende3851 aangezichten zijn. Ziet, de dag3117 des HEEREN3068 komt,935 8804 gruwelijk,394 met verbolgenheid5678 en hittigen2740 toorn,639 om het land776 te stellen7760 8800 tot verwoesting,8047 en deszelfs zondaars2400 daaruit te verdelgen.8045 8686 Want de sterren3556 des hemels8064 en zijn gesternten3685 zullen haar licht216 niet laten lichten;1984 8686 de zon8121 zal verduisterd worden,2821 8804 wanneer zij zal opgaan,3318 8800 en de maan3394 zal haar licht216 niet laten schijnen.5050 8686 Want Ik zal over de wereld8398 de boosheid7451 bezoeken,6485 8804 en over de goddelozen7563 hun ongerechtigheid;5771 en Ik zal den hoogmoed1347 der stouten2086 doen ophouden,7673 8689 en de hovaardij1346 der tirannen6184 zal Ik vernederen.8213 8686 Ik zal maken, dat een man582 dierbaarder zal zijn3365 8686 dicht goud,6337 en een mens120 fijn goud3800 van .211 Daarom zal Ik den hemel8064 beroeren,7264 8686 en de aarde776 zal bewogen worden7493 8799 van haar plaats,4725 vanwege de verbolgenheid5678 des HEEREN3068 der heirscharen,6635 en vanwege den dag3117 hittigen2740 toorns.639 En [een] [iegelijk] zal zijn als een verjaagde5080 8716 ree,6643 en als een schaap,6629 dat niemand vergadert;6908 8764 een iegelijk376 zal naar zijn volk5971 omzien,6437 8799 en een iegelijk376 zal naar zijn land776 vluchten.5127 8799 Al wie gevonden wordt,4672 8737 zal doorstoken worden,1856 8735 en al wie daarbij gevoegd is,5595 8737 zal door het zwaard2719 vallen.5307 8799 Ook zullen hun kinderkens5768 voor hun ogen5869 verpletterd worden;7376 8792 hun huizen1004 zullen geplunderd,8155 8735 en hun vrouwen802 geschonden worden.7901 8735 8675 7693 8735 Ziet, Ik zal de Meden4074 tegen hen verwekken,5782 8688 die het zilver3701 niet zullen achten,2803 8799 en aan het goud2091 zullen zij geen lust hebben.2654 8799 Maar [hun] bogen7198 zullen de jongelingen5288 verpletteren,7376 8762 en zij zullen zich niet ontfermen7355 8762 over de vrucht6529 des buiks;990 hun oog5869 zal de kinderen1121 niet verschonen.2347 8799 Alzo zal ,894 het sieraad6643 der koninkrijken,4467 de heerlijkheid,8597 de hovaardigheid1347 der ,3778 zijn gelijk als God430 5467 en Gomorra6017 omgekeerd heeft.4114 Daar zal geen woonplaats zijn3427 8799 in der eeuwigheid,5331 en zij zal niet bewoond worden7931 8799 van geslacht1755 tot geslacht;1755 en de Arabier6163 zal daar geen tent spannen,167 8762 en de herders7462 8802 zullen er niet legeren.7257 8686 Maar daar zullen nederliggen7257 8804 de wilde dieren der woestijnen,6728 en hun huizen1004 zullen vervuld worden4390 8804 met schrikkelijke gedierten,255 en daar zullen de jonge1323 struisen3284 wonen,7931 8804 en de duivelen8163 zullen er huppelen.7540 8762 En wilde dieren der eilanden338 zullen in zijn verlaten plaatsen490 elkander toeroepen,6030 8804 mitsgaders de draken8577 in de wellustige6027 paleizen;1964 hun tijd6256 toch is nabij7138 om te komen,935 8800 en hun dagen3117 zullen niet vertogen worden.4900 8735

Every verse in Isaiah 13

Chapter navigation

0:000:00