Isaiah 14:20

“Gij zult bij dezelve niet gevoegd worden3161 8799 in de begrafenis;6900 want gij hebt uw land776 verdorven,7843 8765 [en] uw volk5971 gedood;2026 8804 het zaad2233 der boosdoeners7489 8688 zal in der eeuwigheid5769 niet genoemd worden.7121 8735”

Isaiah 14:20 — Statenvertaling (1637)

Verse 20 of 32 in Isaiah chapter 14 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Isaiah 14 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Want de HEERE3068 zal over Jakob3290 ontfermen,7355 8762 en zal 3478 nog verkiezen,977 8804 en zal hen in hun land127 zetten;3240 8689 en de vreemdeling1616 zal zich tot hen vervoegen,3867 8738 en zij zullen het huis1004 van Jakob3290 aanhangen.5596 8738 En de volken5971 zullen hen aannemen,3947 8804 en in hun plaats4725 brengen;935 8689 en het huis1004 Israels3478 zal hen erfelijk bezitten5157 8694 in het land127 des HEEREN3068 tot knechten5650 en tot maagden;8198 en zij zullen gevangen houden7617 8802 degenen, die hen gevangen hielden,7617 8802 en zij zullen heersen7287 8804 over hun drijvers.5065 8802 En het zal geschieden ten dage,3117 wanneer u de HEERE3068 rust geven zal5117 8687 van uw smart,6090 en van uw beroering,7267 en van de harde7186 dienstbaarheid,5656 waarin men u heeft doen dienen;5647 8795 zult gij deze spreuk4912 opnemen5375 8804 tegen den koning4428 van ,894 en zeggen:559 8804 houdt7673 de drijver5065 8802 op?7673 8804 [] houdt7673 de goudene4062 op?7673 8804 De HEERE3068 heeft den stok4294 der goddelozen7563 gebroken,7665 8804 den scepter7626 der heersers.4910 8802 Die de volken5971 plaagde5221 8688 in verbolgenheid5678 met een plaag4347 zonder1115 ophouden,5627 die in toorn639 over de heidenen1471 heerste,7287 8802 die wordt vervolgd,4783 zonder dat het iemand1097 afweren kan.2820 8804 De ganse aarde776 rust,5117 8804 zij is stil;8252 8804 zij maken groot geschal6476 8804 met gejuich.7440 Ook verheugen zich8055 8804 de dennen1265 over u, [en] de cederen730 van ,3844 [zeggende]: Sinds dat gij daar nederligt,7901 8804 komt5927 niemand tegen ons op,5927 8799 die ons afhouwe.3772 8802 De hel7585 van onderen was beroerd7264 8804 om uwentwil, om [u] tegemoet te gaan,7125 8800 als gij kwaamt;935 8800 zij wekt5782 om uwentwil de doden7496 op,5782 8790 al de bokken6260 der aarde;776 zij doet al de koningen4428 der heidenen1471 van hun tronen3678 opstaan.6965 8689 Die altegader zullen antwoorden,6030 8799 en tot u zeggen:559 8799 zijt ook krank geworden,2470 8795 gelijk wij, gij zijt ons gelijk geworden.4911 8738 Uw hovaardij1347 is in de hel7585 nedergestort,3381 8717 [met] het geklank1998 uwer luiten;5035 de maden7415 zullen onder u gestrooid worden,3331 8714 en de wormen8438 zullen u bedekken.4374 Hoe zijt gij uit den hemel8064 gevallen,5307 8804 o morgenster,1966 gij zoon1121 des dageraads!7837 8676 3213 8685 [hoe] zijt gij ter aarde776 nedergehouwen,1438 8738 gij, die de heidenen1471 krenktet!2522 8802 En zeidet559 8804 in uw hart:3824 Ik zal ten hemel8064 opklimmen,5927 8799 ik zal mijn troon3678 boven4605 de sterren3556 Gods410 verhogen;7311 8686 en ik zal mij zetten3427 8799 op den berg2022 der samenkomst4150 aan de zijden3411 van het noorden.6828 Ik zal boven de hoogten1116 der wolken5645 klimmen,5927 8799 ik zal den Allerhoogste5945 gelijk worden.1819 8691 Ja, in de hel7585 zult gij nedergestoten worden,3381 8714 aan de zijden3411 van den kuil!953 Die u zien zullen,7200 8802 zullen u aanschouwen,7688 8686 zij zullen op u letten,995 8709 [en] [zeggen]: Is dat die man,376 die de aarde776 beroerde,7264 8688 die de koninkrijken4467 deed beven?7493 8688 Die de wereld8398 als een woestijn4057 stelde,7760 8804 en derzelver steden5892 verstoorde,2040 8804 die zijn gevangenen615 niet liet los6605 8804 [gaan] naar huis1004 toe? Al de koningen4428 der heidenen,1471 zij allen liggen neder7901 8804 met eer,3519 een iegelijk376 in zijn huis;1004 Maar gij zijt verworpen7993 8717 van uw graf,6913 als een gruwelijke8581 8737 scheut,5342 [als] een kleed3830 der gedoden,2026 8803 die met het zwaard2719 doorstoken zijn;2944 8794 [als] die nederdalen3381 8802 in een steenkuil,68 953 als een vertreden947 8716 dood lichaam.6297 Gij zult bij dezelve niet gevoegd worden3161 8799 in de begrafenis;6900 want gij hebt uw land776 verdorven,7843 8765 [en] uw volk5971 gedood;2026 8804 het zaad2233 der boosdoeners7489 8688 zal in der eeuwigheid5769 niet genoemd worden.7121 8735 Maakt3559 de slachting4293 voor zijn kinderen1121 gereed,3559 8685 om hunner vaderen1 ongerechtigheid5771 wil; dat zij niet1077 opstaan,6965 8799 en de aarde776 erven,3423 8804 en de wereld6440 8398 vervullen4390 8804 met steden;6145 8676 5892 Want Ik zal tegen hen opstaan,6965 8804 spreekt5002 8803 de HEERE3068 der heirscharen,6635 en Ik zal van 894 uitroeien3772 8689 den naam8034 en het overblijfsel,7605 en den zoon5209 en den zoonszoon,5220 spreekt5002 8803 de HEERE.3068 En Ik zal hen stellen7760 8804 tot een erve4180 der nachtuilen,7090 en [tot] waterpoelen;98 4325 en Ik zal hen met een bezem4292 des verderfs8045 8687 uitvagen,2894 8773 spreekt5002 8803 de HEERE3068 der heirscharen.6635 De HEERE3068 der heirscharen6635 heeft gezworen,7650 8738 zeggende:559 8800 niet, gelijk Ik gedacht heb,1819 8765 het alzo geschiede, en gelijk Ik beraadslaagd heb,3289 8804 het bestaan zal!6965 8799 Dat Ik Assur804 in land776 zal verbreken,7665 8800 en hem op bergen2022 vertreden;947 8799 opdat zijn juk5923 van hen afwijke,5493 8804 en zijn last5448 van hun schouder7926 wijke.5493 8799 Dit is de raadslag,6098 die beraadslaagd is3289 8803 over dat ganse land;776 en dit is de hand,3027 die uitgestrekt is5186 8803 over alle volken.1471 Want de HEERE3068 der heirscharen6635 heeft het in raad besloten,3289 8804 wie zal het verbreken?6565 8686 en hand3027 is uitgestrekt,5186 8803 wie zal ze keren?7725 8686 In het jaar,8141 toen de koning4428 Achaz271 stierf,4194 geschiedde deze last.4853 Verheug u8055 8799 niet, gij gans !6429 dat de roede7626 die u sloeg,5221 8688 gebroken is;7665 8738 want uit de wortel8328 der slang5175 zal een basilisk6848 voortkomen,3318 8799 en haar vrucht6529 zal een vurige vliegende5774 8789 draak8314 zijn. En de eerstgeborenen1060 der armen1800 zullen weiden,7462 8804 en de nooddruftigen34 zullen zeker983 nederliggen;7257 8799 uw wortel8328 daarentegen zal Ik door den honger7458 doden,4191 8689 en uw overblijfsel7611 zal hij ombrengen.2026 8799 Huil,3213 8685 gij poort,8179 schreeuw,2199 8798 gij stad!5892 gij zijt gesmolten,4127 8738 gij gans !6429 want van het noorden6828 komt935 8804 een rook,6227 en er is geen eenzame909 8802 in zijn samenkomsten.4151 Wat zal men antwoorden6030 8799 den boden4397 des volks?1471 de HEERE3068 Sion6726 gegrond heeft,3245 8765 opdat de bedrukten6041 volks5971 een toevlucht daarin hebben zouden.2620 8799

Every verse in Isaiah 14

Chapter navigation

0:000:00