Jeremiah 13:24
“Daarom zal Ik hen verstrooien6327 8686 als een stoppel,7179 die doorgaat,5674 8802 door een wind7307 der woestijn.4057”
Jeremiah 13:24 — Statenvertaling (1637)
Verse 24 of 27 in Jeremiah chapter 13 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Jeremiah 13 — full chapter (Statenvertaling (1637))
Alzo heeft de HEERE3068 tot mij gezegd:559 8804 Ga henen,1980 8800 en koop7069 8804 u een linnen6593 gordel,232 en doe7760 8804 dien aan uw lenden,4975 maar breng935 8686 hem niet in het water.4325 En ik kocht7069 8799 een gordel232 naar het woord1697 des HEEREN,3068 en ik deed7760 8799 dien aan mijn lenden.4975 Toen geschiedde des HEEREN3068 woord1697 ten tweeden8145 male tot mij, zeggende:559 8800 Neem3947 8798 den gordel,232 dien gij gekocht hebt,7069 8804 die aan uw lenden4975 is, en maak u op,6965 8798 [en] ga henen3212 8798 naar den ,6578 en versteek2934 8798 dien aldaar in de klove5357 ener steenrots.5553 Zo ging ik henen,3212 8799 en verstak2934 8799 dien bij den ,6578 gelijk als de HEERE3068 mij geboden had.6680 8765 Het geschiedde nu ten einde7093 van vele7227 dagen,3117 dat de HEERE3068 tot mij zeide:559 8799 u op,6965 8798 ga henen3212 8798 naar den ,6578 en neem3947 8798 den gordel232 van daar, dien Ik u geboden heb6680 8765 aldaar te versteken.2934 8800 Zo ging ik3212 8799 naar den ,6578 en groef,2658 8799 en nam3947 8799 den gordel232 van de plaats,4725 alwaar ik dien verstoken had;2934 8804 en ziet, de gordel232 was verdorven7843 8738 en deugde6743 8799 nergens toe. Toen geschiedde des HEEREN3068 woord1697 tot mij, zeggende:559 8800 Zo zegt559 8804 de HEERE:3068 zal Ik verderven7843 8686 de hovaardij1347 van ,3063 en die grote7227 hovaardij1347 van .3389 Ditzelve boze7451 volk,5971 dat woorden1697 weigert3987 te horen,8085 8800 dat in het goeddunken8307 zijns harten3820 wandelt,1980 8802 en andere312 goden430 navolgt,3212 8799 310 om die te dienen,5647 8800 en voor die zich neder te buigen;7812 8692 dat zal worden gelijk deze gordel,232 die nergens toe deugt.6743 8799 Want gelijk als een gordel232 kleeft1692 8799 aan de lenden4975 eens mans,376 alzo heb Ik het ganse huis1004 Israels3478 en het ganse huis1004 van Juda3063 aan doen kleven,1692 8689 spreekt5002 8803 de HEERE,3068 om te zijn tot een volk,5971 en tot een naam,8034 en tot lof,8416 en tot heerlijkheid;8597 maar zij hebben niet gehoord.8085 8804 Daarom zeg559 8804 dit woord1697 tot hen: Zo zegt559 8804 de HEERE,3068 de God430 :3478 flessen5035 zullen met wijn3196 gevuld worden.4390 8735 zullen zij tot u zeggen:559 8804 wij3045 8799 niet zeer wel,3045 8800 dat alle flessen5035 met wijn3196 gevuld zullen worden?4390 8735 Maar gij zult tot hen zeggen:559 8804 Zo zegt559 8804 de HEERE:3068 , Ik zal alle inwoners3427 8802 deze lands,776 zelfs de koningen,4428 die op Davids1732 troon3678 zitten,3427 8802 en de priesters,3548 en de profeten,5030 en alle inwoners3427 8802 van ,3389 opvullen4390 8764 met dronkenschap.7943 En Ik zal hen in stukken slaan,5310 8765 den een376 tegen den ander,251 zo de vaders1 als de kinderen1121 te zamen,3162 spreekt5002 8803 de HEERE;3068 Ik zal niet verschonen2550 8799 noch sparen,2347 8799 noch ontfermen,7355 8762 dat Ik hen niet zou verderven.7843 8687 Hoort8085 8798 en neemt ter ore,238 8685 verheft u1361 8799 niet; want de HEERE3068 heeft het gesproken.1696 8765 Geeft5414 8798 eer3519 den HEERE,3068 uw God,430 eer dat het duister maakt,2821 8686 en eer uw voeten7272 zich stoten5062 8691 aan de schemerende5399 bergen;2022 dat gij naar licht216 wacht,6960 8765 en datzelve tot een schaduw des doods6757 stelle,7760 8804 en tot een donkerheid6205 zette.7896 8798 8675 7896 8799 Zult gijlieden dat nog niet horen,8085 8799 zo zal mijn ziel5315 in verborgene plaatsen4565 wenen1058 8799 vanwege6440 den hoogmoed,1466 en mijn oog5869 zal bitterlijk1830 8800 tranen,1830 8799 ja, van tranen1832 nederdalen,3381 8799 omdat des HEEREN3068 kudde5739 gevankelijk is weggevoerd.7617 8738 Zeg559 8798 tot den koning4428 en tot de koningin:1377 u,8213 8685 zet u neder;3427 8798 want uw ganse hoofdsieraad,4761 de kroon5850 uwer heerlijkheid,8597 is nedergedaald.3381 8804 De steden5892 van het zuiden5045 zijn toegesloten,5462 8795 en er is niemand, die ze opent;6605 8802 het ganse Juda3063 is weggevoerd,1540 8717 het is geheel en al7965 weggevoerd.1540 8717 Hef5375 uw ogen5869 op,5375 8798 en zie,7200 8798 die daar van het noorden6828 komen!935 8802 waar is de kudde,5739 die u gegeven was,5414 8738 de schapen6629 uwer heerlijkheid?8597 Wat zult gij zeggen,559 8799 wanneer bezoeking over u doen zal,6485 8799 daar gij hem geleerd hebt3925 8765 [tot] vorsten,441 tot een hoofd7218 over u te zijn; zullen u de smarten2256 niet aangrijpen,270 8799 als een barende3205 8800 vrouw?802 Wanneer gij in uw hart3824 zult zeggen:559 8799 zijn mij deze dingen bejegend?7122 8804 Om de veelheid7230 uwer ongerechtigheid,5771 zijn uw zomen7757 ontdekt,1540 8738 [en] uw hielen6119 hebben geweld geleden.2554 8738 Zal ook een Moorman3569 zijn huid5785 veranderen?2015 8799 of een luipaard5246 zijn vlekken?2272 [Zo] zult gijlieden ook kunnen3201 8799 goed doen,3190 8687 die geleerd zijt3928 kwaad te doen.7489 8687 Daarom zal Ik hen verstrooien6327 8686 als een stoppel,7179 die doorgaat,5674 8802 door een wind7307 der woestijn.4057 Dit zal uw ,1486 het deel4490 uwer maten4055 zijn van , spreekt5002 8803 de HEERE;3068 gij, die hebt vergeten,7911 8804 en op leugen8267 vertrouwt.982 8799 Zo zal Ik ook uw zomen7757 ontbloten2834 8804 boven uw aangezicht,6440 en uw schande7036 zal gezien worden.7200 8738 Uw overspelen5004 en uw hunkeringen,4684 de schandelijkheid2154 uws hoerdoms,2184 op heuvelen,1389 in het veld;7704 Ik heb uw verfoeiselen8251 gezien;7200 8804 wee188 u, Jeruzalem!3389 zult gij niet rein worden?2891 8799 lang nog5750 na310 dezen?