Jeremiah 41:12

“Zo namen zij3947 8799 al de mannen,582 en togen henen,3212 8799 om met Ismael,3458 den zoon1121 van Nethanja,5418 te strijden;3898 8736 en zij vonden4672 8799 hem aan het grote7227 water,4325 dat bij Gibeon1391 is.”

Jeremiah 41:12 — Statenvertaling (1637)

Verse 12 of 18 in Jeremiah chapter 41 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Jeremiah 41 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Maar het geschiedde in de zevende7637 maand,2320 [dat] ,3458 de zoon1121 van ,5418 den zoon1121 van ,476 van koninklijken4410 zade,2233 en de oversten7227 des konings,4428 te weten tien6235 mannen,582 met hem kwamen935 8804 tot ,1436 den zoon1121 van ,296 te ;4709 en zij aten398 8799 aldaar brood3899 te zamen,3162 te .4708 En ,3458 de zoon1121 van ,5418 maakte zich op,6965 8799 mitsgaders de tien6235 mannen,582 die met hem waren, en zij sloegen5221 8686 ,1436 den zoon1121 van ,296 den zoon1121 van ,8227 met het zwaard;2719 alzo doodde hij4191 8686 hem, dien de koning4428 van 894 over het land776 gesteld had.6485 8689 Ook sloeg5221 8689 Ismael3458 al de ,3064 die met hem, [namelijk] met ,1436 te Mizpa4709 waren, en de ,3778 de krijgslieden,582 4421 die aldaar gevonden werden.4672 8738 Het geschiedde nu op den tweeden8145 dag,3117 nadat hij Gedalia1436 gedood had,4191 8687 en niemand376 [het] wist;3045 8804 Zo kwamen935 8799 er lieden582 van ,7927 van ,7887 en van ,8111 tachtig8084 man,376 hebbende den baard2206 afgeschoren,1548 8794 en de klederen899 gescheurd,7167 8803 en zichzelven gesneden;1413 8706 en spijsoffer4503 en wierook3828 waren in hun hand,3027 om ten huize1004 des HEEREN3068 te brengen.935 8687 En ,3458 de zoon1121 van ,5418 ging uit3318 8799 van Mizpa4709 hun tegemoet,7125 8800 al1980 8800 gaande1980 8802 en wenende;1058 8802 en het geschiedde, als hij hen aantrof6298 8800 dat hij zeide:559 8799 Komt935 8798 tot ,1436 den zoon1121 van !296 Maar het geschiedde, als zij in het midden8432 der stad5892 gekomen waren,935 8800 dat ,3458 de zoon1121 van ,5418 hen keelde,7819 8799 [en] [wierp] [hen] in het midden8432 des kuils,953 hij en de mannen,582 die met hem waren. Doch onder hen werden tien6235 mannen582 gevonden,4672 8738 die tot Ismael3458 zeiden:559 8799 Dood4191 8686 ons niet, want wij hebben3426 verborgen schatten4301 in het veld,7704 van tarwe,2406 en gerst,8184 en olie,8081 en honig.1706 Zo liet hij af,2308 8799 en doodde4191 8689 ze niet in het midden8432 hunner broederen.251 De kuil953 nu, waarin Ismael3458 al de dode lichamen6297 der mannen,582 die hij aan de zijde3027 van Gedalia1436 geslagen had,5221 8689 henenwierp,7993 8689 is dezelfde, dien de koning4428 609 maakte6213 8804 vanwege6440 ,1201 den koning4428 ;3478 dezen vulde4390 8765 ,3458 de zoon1121 van ,5418 met de verslagenen.2491 En Ismael3458 voerde7617 het ganse overblijfsel7611 des volks,5971 dat te Mizpa4709 was, gevankelijk,7617 8799 [te] [weten] des konings4428 dochteren,1323 en al het volk,5971 die te Mizpa4709 waren overgelaten,7604 8737 die ,5018 de overste7227 der trawanten,2876 aan ,1436 den zoon1121 van ,296 bevolen had;6485 8689 Ismael3458 , den zoon1121 van ,5418 voerde ze gevankelijk weg,7617 8799 en toog henen,3212 8799 om over te gaan5674 8800 tot de kinderen1121 .5983 Toen nu ,3110 de zoon1121 van ,7143 en al de oversten8269 der heiren,2428 die met hem waren, al het kwaad7451 hoorden,8085 8799 dat ,3458 de zoon1121 van ,5418 gedaan had;6213 8804 Zo namen zij3947 8799 al de mannen,582 en togen henen,3212 8799 om met ,3458 den zoon1121 van ,5418 te strijden;3898 8736 en zij vonden4672 8799 hem aan het grote7227 water,4325 dat bij 1391 is. En het geschiedde, als al het volk,5971 dat met Ismael3458 was, Johanan3110 zag,7200 8800 den zoon1121 van ,7143 en al de oversten8269 der heiren,2428 die met hem waren, zo werden zij verblijd.8055 8799 En al het volk,5971 dat Ismael3458 van Mizpa4709 gevankelijk had weggevoerd,7617 8804 wendde zich om;5437 8799 en zij keerden zich7725 8799 en gingen over3212 8799 tot ,3110 den zoon1121 van .7143 Doch ,3458 de zoon1121 van ,5418 ontkwam4422 8738 van Johanans3110 aangezicht,6440 met acht8083 mannen,582 en hij toog3212 8799 tot de kinderen1121 .5983 Toen nam3947 8799 ,3110 de zoon1121 van ,7143 mitsgaders al de oversten8269 der heiren,2428 die met hem waren, het ganse overblijfsel7611 des volks,5971 dat hij wedergebracht had7725 8689 van ,3458 den zoon1121 van ,5418 van ,4709 (nadat310 hij ,1436 den zoon1121 van ,296 geslagen had5221 8689) [te] [weten] de mannen,582 die krijgslieden1397 4421 waren, en de vrouwen,802 en kinderkens,2945 en kamerlingen,5631 die hij van 1391 had wedergebracht;7725 8689 En zij togen henen,3212 8799 en sloegen zich neder3427 8799 te -chimham,1628 3643 dat bij681 1035 is, om voort te trekken,3212 8800 dat zij in Egypte4714 kwamen.935 8800 Voor het aangezicht6440 der ;3778 want zij vreesden3372 8804 voor hunlieder aangezicht,6440 omdat ,3458 de zoon1121 van ,5418 ,1436 den zoon1121 van ,296 geslagen had,5221 8689 dien de koning4428 van 894 over het land776 gesteld had.6485 8689

Every verse in Jeremiah 41

Chapter navigation

0:000:00