Job 15:3

“Bestraffende3198 8687 door woorden,1697 [die] niet3808 baten,5532 8799 en door redenen,4405 met dewelke hij geen3808 voordeel doet?3276 8686”

Job 15:3 — Statenvertaling (1637)

Verse 3 of 35 in Job chapter 15 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Job 15 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Toen antwoordde6030 8799 ,464 de ,8489 en zeide:559 8799 Zal een wijs man2450 winderige7307 wetenschap1847 voor antwoord geven,6030 8799 en zal hij zijn buik990 vullen4390 8762 met oostenwind?6921 Bestraffende3198 8687 door woorden,1697 [die] niet3808 baten,5532 8799 en door redenen,4405 met dewelke hij geen3808 voordeel doet?3276 8686 Ja,637 gij859 vernietigt6565 8686 de vreze,3374 en neemt1639 het gebed7881 voor het aangezicht6440 Gods410 weg.1639 8799 Want3588 uw mond6310 leert502 8762 uw ongerechtigheid,5771 en gij hebt de tong3956 der arglistigen6175 verkoren.977 8799 Uw mond6310 verdoemt7561 8686 u, en niet3808 ik;859 en uw lippen8193 getuigen6030 8799 tegen u. Zijt gij de eerste7223 8675 7223 een mens120 geboren?3205 8735 Of zijt gij voor6440 de heuvelen1389 voortgebracht?2342 8797 Hebt gij den verborgen raad5475 Gods433 gehoord,8085 8799 en hebt gij de wijsheid2451 naar413 u getrokken?1639 8799 Wat4100 weet gij,3045 8804 dat wij niet3808 weten?3045 8799 [] verstaat gij,995 8799 dat1931 bij5978 ons niet3808 is? Onder ons is ook1571 een grijze,7867 8802 ja,1571 een stokoude,3453 meerder3524 van dagen3117 4480 uw vader.1 Zijn de vertroostingen8575 Gods410 u4480 te klein,4592 en schuilt er enige328 zaak1697 bij5973 u? Waarom4100 rukt3947 uw hart3820 u weg,3947 8799 en waarom4100 wenken7335 8799 uw ogen?5869 Dat3588 gij uw geest7307 keert7725 8686 tegen God,410 en [zulke] redenen4405 uit4480 uw mond6310 laat uitgaan.3318 8689 Wat4100 is de mens,582 dat3588 hij zuiver zou zijn,2135 8799 en die geboren is3205 8803 van een vrouw,802 dat3588 hij rechtvaardig zou zijn?6663 8799 Zie,2005 op heiligen6918 zou niet3808 vertrouwen,539 8686 en de hemelen8064 zijn2141 niet3808 zuiver2141 8804 in ogen.5869 Hoeveel637 te meer3588 is een man376 gruwelijk8581 8737 en stinkende,444 8737 die het onrecht5766 8675 5766 indrinkt8354 8802 als water?4325 Ik zal u wijzen,2331 8762 hoor mij aan,8085 8798 en hetgeen2088 ik gezien heb,2372 8804 dat zal ik vertellen;5608 8762 Hetwelk834 de wijzen2450 verkondigd hebben,5046 8686 en men voor4480 hun vaderen1 niet3808 verborgen heeft;3582 8765 Denwelken alleen909 het land776 gegeven was,5414 8738 en door welker midden8432 niemand3808 vreemds2114 8801 doorging.5674 8804 Te allen3605 dage3117 doet de goddeloze7563 zichzelven1931 weedom aan;2342 8711 en [weinige] jaren8141 in getal4557 zijn voor den tiran6184 weggelegd.6845 8738 Het geluid6963 der verschrikkingen6343 is in zijn oren;241 in den vrede7965 zelven komt935 8799 de verwoester7703 8802 hem over. Hij gelooft539 8686 niet3808 uit4480 de duisternis2822 weder te keren,7725 8800 maar dat hij1931 beloerd wordt6822 8803 ten413 zwaarde.2719 Hij1931 zwerft heen en weder5074 8802 om brood,3899 waar645 het zijn mag; hij weet,3045 8804 dat3588 bij zijn hand3027 gereed is3559 8737 de dag3117 der duisternis.2822 Angst6862 en benauwdheid4691 verschrikken1204 8762 hem; zij overweldigt8630 8799 hem, gelijk een koning,4428 bereid6264 ten strijde.3593 Want3588 hij strekt5186 tegen413 God410 zijn hand3027 uit,5186 8804 en tegen413 den Almachtige7706 stelt hij zich geweldiglijk aan.1396 8691 Hij loopt7323 tegen413 aan7323 8799 met den hals,6677 met zijn dikke,5672 hoog verhevene1354 schilden;4043 Omdat3588 hij zijn aangezicht6440 met zijn vet2459 bedekt heeft,3680 8765 en rimpelen6371 gemaakt6213 8799 om413 de weekdarmen;3689 En heeft bewoond7931 8799 verdelgde3582 8737 steden,5892 [en] huizen,1004 die men niet3808 bewoonde,3427 8799 3926 die834 gereed waren6257 8694 tot [steen] hopen1530 te worden. Hij zal niet3808 rijk worden,6238 8799 en zijn vermogen2428 zal niet3808 bestaan;6965 8799 en hun volmaaktheid4512 zal zich niet3808 uitbreiden5186 8799 op de aarde.776 Hij zal van4480 de duisternis2822 niet3808 ontwijken,5493 8799 de vlam7957 zal zijn scheut3127 verdrogen;3001 8762 hij zal wijken5493 8799 door het geblaas7307 zijns monds.6310 Hij betrouwe539 8686 niet408 op ijdelheid,7723 [waardoor] hij verleid wordt;8582 8738 want3588 ijdelheid7723 zal zijn vergelding8545 wezen.1961 8799 Als zijn dag3117 nog niet3808 is, zal hij vervuld worden;4390 8735 want zijn tak3712 zal niet3808 groenen.7488 Men zal zijn onrijpe druiven1154 afrukken,2554 8799 als van een wijnstok,1612 en zijn bloeisel5328 afwerpen,7993 8686 als van een olijfboom.2132 Want3588 de vergadering5712 der huichelaren2611 wordt eenzaam,1565 en het vuur784 verteert398 8804 de tenten168 der geschenken.7810 Zijn ontvangen2029 8800 moeite,5999 en baren3205 8800 ijdelheid,205 en hun buik990 richt3559 bedrog4820 aan.3559 8686

Every verse in Job 15

Chapter navigation

0:000:00