Job 16:2

“Ik heb vele7227 dergelijke428 dingen gehoord;8085 8804 gij allen3605 zijt moeilijke5999 vertroosters.5162 8764”

Job 16:2 — Statenvertaling (1637)

Verse 2 of 22 in Job chapter 16 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Job 16 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Maar 347 antwoordde6030 8799 en zeide:559 8799 Ik heb vele7227 dergelijke428 dingen gehoord;8085 8804 gij allen3605 zijt moeilijke5999 vertroosters.5162 8764 Zal er een einde7093 zijn aan de winderige7307 woorden?1697 Of176 wat4100 stijft4834 8686 u, dat3588 gij [alzo] antwoordt?6030 8799 Zou ik595 ook,1571 als gijlieden, spreken,1696 8762 indien3863 uw ziel5315 ware3426 in mijner ziele5315 plaats?8478 ik woorden4405 tegen5921 u samenhopen,2266 8686 en zou ik over5921 u met1119 mijn hoofd7218 schudden?5128 8686 Ik zou u versterken553 8762 met1119 mijn mond,6310 en de beweging5205 mijner lippen8193 zou zich inhouden.2820 8799 Zo518 ik spreek,1696 8762 mijn smart3511 wordt niet3808 ingehouden;2820 8735 en houd ik op,2308 8799 wat4100 gaat1980 er van4480 mij weg?1980 8799 Gewisselijk,389 heeft mij nu6258 vermoeid;3811 8689 hebt mijn ganse3605 vergadering5712 verwoest.8074 8689 Dat mij rimpelachtig gemaakt hebt,7059 8799 is1961 8804 tot een getuige;5707 en mijn magerheid3585 staat6965 tegen mij op,6965 8799 zij getuigt6030 8799 in mijn aangezicht.6440 Zijn toorn639 verscheurt,2963 8804 en haat7852 8799 mij; Hij knerst2786 8804 over5921 mij met tanden;8127 mijn wederpartijder6862 scherpt3913 8799 zijn ogen5869 tegen mij. Zij gapen6473 8804 met hun mond6310 tegen5921 mij; zij slaan5221 8689 met smaadheid2781 op mijn kinnebakken;3895 zij vervullen zich4390 8691 te zamen3162 aan5921 mij. God410 heeft mij den413 verkeerde5760 overgegeven,5462 8686 en heeft mij afgewend3399 8804 in5921 de handen3027 der goddelozen.7563 Ik had1961 8804 rust,7961 maar heeft mij verbroken,6565 8770 en bij mijn nek6203 gegrepen,270 8804 en mij verpletterd;6327 8770 en heeft mij tot een doelwit4307 opgericht.6965 8686 Zijn schutters7228 hebben mij omringd;5437 8799 5921 heeft mijn nieren3629 doorspleten,6398 8762 en niet3808 gespaard;2550 8799 heeft mijn gal4845 op de aarde776 uitgegoten.8210 8799 Hij heeft mij gebroken6555 8799 met breuk6556 op5921 6440 breuk;6556 is tegen5921 mij aangelopen7323 8799 als een geweldige.1368 Ik heb een zak8242 over5921 mijn huid1539 genaaid;8609 8804 ik heb mijn hoorn7161 in het stof6083 gedaan.5953 8782 Mijn aangezicht6440 is gans bemodderd2560 8777 van4480 wenen,1065 en over5921 mijn oogleden6079 is des doods schaduw.6757 Daar5921 toch geen3808 wrevel2555 in mijn handen3709 is, en mijn gebed8605 zuiver2134 is. O, aarde!776 bedek3680 8762 mijn bloed1818 niet;408 en voor mijn geroep2201 zij1961 8799 geen408 plaats.4725 Ook1571 nu,6258 zie,2009 in den hemel8064 is mijn ,5707 en mijn Getuige7717 in de hoogten.4791 Mijn vrienden7453 zijn mijn bespotters;3887 8688 [doch] mijn oog5869 druipt1811 8804 tot413 God.433 Och, mocht men rechten3198 8686 voor een man1397 met5973 God,433 gelijk een kind1121 des mensen120 voor zijn vriend.7453 Want3588 [weinige] jaren8141 in getal4557 zullen er [nog] aankomen,857 8799 en ik zal het pad734 henengaan,1980 8799 [waardoor] ik niet3808 zal wederkeren.7725 8799

Every verse in Job 16

Chapter navigation

0:000:00