Job 5:2
“Want3588 den dwaze191 brengt2026 de toornigheid3708 om,2026 8799 en de ijver7068 doodt4191 8686 den slechte.6601 8802”
Job 5:2 — Statenvertaling (1637)
Verse 2 of 27 in Job chapter 5 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Job 5 — full chapter (Statenvertaling (1637))
Roep7121 8798 nu,4994 zal er iemand zijn,3426 die u antwoorde?6030 8802 En tot413 wien4310 van4480 de heiligen6918 zult gij u keren?6437 8799 Want3588 den dwaze191 brengt2026 de toornigheid3708 om,2026 8799 en de ijver7068 doodt4191 8686 den slechte.6601 8802 Ik589 heb gezien7200 8804 een dwaas191 wortelende;8327 8688 doch terstond6597 vervloekte ik5344 8799 zijn woning.5116 Verre waren7368 8799 zijn zonen1121 van4480 heil;3468 en zij werden verbrijzeld1792 8691 in de poort,8179 en er was geen369 verlosser.5337 8688 Wiens834 oogst7105 de hongerige7457 verteerde,398 8799 dien hij ook tot413 uit4480 de doornen6791 gehaald had;3947 8799 de struikrover6782 slokte7602 hun vermogen2428 in.7602 8804 Want3588 uit4480 het stof6083 komt3318 het verdriet205 niet3808 voort,3318 8799 en de moeite5999 spruit6779 8799 niet3808 uit4480 de aarde;127 Maar3588 de mens120 wordt tot moeite5999 geboren;3205 8795 gelijk de spranken1121 der vurige kolen7565 zich verheffen1361 8686 [tot] vliegen.5774 8800 Doch199 ik589 zou naar413 God410 zoeken,1875 8799 en tot413 God430 mijn aanspraak1700 richten;7760 8799 Die grote dingen1419 doet,6213 8802 die men niet369 doorzoeken2714 kan; wonderen,6381 8737 die men niet5704 369 tellen4557 kan; Die den regen4306 geeft5414 8802 op5921 6440 de aarde,776 en water4325 zendt7971 8802 op5921 6440 de straten;2351 Om de vernederden8217 te stellen7760 8800 in het hoge;4791 dat de rouwdragenden6937 8802 door heil3468 verheven worden.7682 8804 Hij maakt te niet6565 8688 de gedachten4284 der arglistigen;6175 dat hun handen3027 niet3808 een ding8454 uitrichten.6213 8799 Hij vangt3920 8802 de wijzen2450 in hun arglistigheid;6193 dat de raad6098 der verdraaiden6617 8737 gestort wordt.4116 8737 Des daags3119 ontmoeten zij6298 8762 de duisternis,2822 en gelijk des nachts3915 tasten zij4959 8762 in den middag.6672 Maar verlost3467 8686 den behoeftige34 van4480 het zwaard,2719 van4480 hun mond,6310 en van4480 de hand3027 des sterken.2389 Zo is1961 8799 voor den arme1800 verwachting;8615 en de boosheid5766 stopt7092 haar mond6310 toe.7092 8804 Zie,2009 gelukzalig835 is de mens,582 denwelken God433 straft;3198 8686 daarom verwerp3988 8799 de kastijding4148 des Almachtigen7706 niet.408 Want3588 Hij1931 doet smart aan,3510 8686 en verbindt;2280 8799 doorwondt,4272 8799 en handen3027 helen.7495 8799 In zes8337 benauwdheden6869 zal u verlossen,5337 8686 en in de zevende7651 zal u het kwaad7451 niet3808 aanroeren.5060 8799 In den honger7458 zal u verlossen6299 8804 van4480 den dood,4194 en in den oorlog4421 van4480 het geweld3027 des zwaards.2719 Tegen den gesel7752 der tong3956 zult gij verborgen wezen,2244 8735 en gij zult niet3808 vrezen3372 8799 voor4480 de verwoesting,7701 als3588 zij komt.935 8799 Tegen de verwoesting7701 en tegen den honger3720 zult gij lachen,7832 8799 en voor4480 het gedierte2416 der aarde776 zult gij niet408 vrezen.3372 8799 Want3588 met5973 de stenen68 des velds7704 zal uw verbond1285 zijn, en het gedierte2416 des velds7704 zal met u bevredigd zijn.7999 8717 En gij zult bevinden,3045 8804 dat3588 uw tent168 in vrede7965 is; en gij zult uw woning5116 verzorgen,6485 8804 en zult niet3808 feilen.2398 8799 Ook zult gij bevinden,3045 8804 dat3588 uw zaad2233 menigvuldig7227 wezen zal, en uw spruiten6631 als het kruid6212 der aarde.776 Gij zult in ouderdom3624 ten413 grave6913 komen,935 8799 gelijk de korenhoop1430 te zijner tijd6256 opgevoerd wordt.5927 8800 Zie2009 dit,2063 wij hebben het doorzocht,2713 8804 het1931 is alzo;3651 hoor8085 8798 het, en bemerk3045 8798 gij859 het voor u.