Judges 18:24

“Toen zeide hij:559 8799 Gijlieden hebt mijn goden,430 die834 ik gemaakt had,6213 8804 weggenomen,3947 8804 mitsgaders den priester,3548 en zijt weggegaan;3212 8799 wat4100 heb ik nu meer?5750 Wat4100 is het2088 dan, dat gij tot413 mij zegt:559 8799 Wat4100 is u?”

Judges 18:24 — Statenvertaling (1637)

Verse 24 of 31 in Judges chapter 18 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Judges 18 — full chapter (Statenvertaling (1637))

In die1992 dagen3117 was er geen369 koning4428 in ;3478 en in dezelve1992 dagen3117 zocht1245 8764 de stam7626 der Danieten1839 voor zich een erfenis5159 om te wonen;3427 8800 want3588 hun was tot op5704 dien1931 dag3117 onder8432 de stammen7626 van 3478 niet3808 [genoegzaam] ter erfenis5159 toegevallen.5307 8804 Zo zonden7971 8799 de kinderen1121 van 1835 uit4480 hun geslacht4940 vijf2568 mannen582 uit4480 hun einden,7098 mannen,1121 die strijdbaar2428 waren, van4480 Zora6881 en van4480 ,847 om het land776 te verspieden,7270 8763 en dat te doorzoeken;2713 8800 en zij zeiden559 8799 tot413 hen: Gaat,3212 8798 doorzoekt2713 8798 het land.776 En zij kwamen935 8799 aan het gebergte2022 van ,669 tot aan5704 het huis1004 van ,4318 en vernachtten3885 8799 aldaar.8033 Zijnde1992 bij5973 het huis1004 van ,4318 zo kenden5234 8689 zij1992 de stem6963 van den jongeling,5288 den ;3881 en zij weken5493 8799 daarheen,8033 en zeiden559 8799 tot hem: Wie4310 heeft u hier1988 gebracht,935 8689 en wat4100 doet6213 8802 gij859 alhier,2088 en wat4100 hebt gij hier?6311 En hij zeide559 8799 tot413 hen: Zo2090 en zo2090 heeft Micha4318 mij gedaan;6213 8804 en hij heeft mij gehuurd,7936 8799 en ik ben1961 8799 hem tot een priester.3548 Toen zeiden zij559 8799 tot hem: Vraag7592 8798 toch4994 God,430 dat wij mogen weten,3045 8799 of onze weg,1870 op5921 welken834 wij587 wandelen,1980 8802 voorspoedig zal zijn.6743 8686 En de priester3548 zeide559 8799 tot hen: Gaat3212 8798 in vrede;7965 uw weg,1870 welken834 gij zult heentrekken,3212 8799 is voor5227 den HEERE.3068 Toen gingen3212 die vijf2568 mannen582 heen,3212 8799 en kwamen935 8799 te ;3919 en zij zagen7200 8799 het volk,5971 hetwelk834 in derzelver midden7130 was, zijnde gelegen3427 8802 in zekerheid,983 naar de wijze4941 der ,6722 stil8252 8802 en zeker982 8802 zijnde; en daar was geen369 erfheer,3423 8802 6114 die [iemand] om enige zaak1697 schande aandeed3637 8688 in dat land;776 ook waren zij1992 verre7350 van4480 de ,6722 en hadden369 niets1697 te doen met5973 enigen mens.120 En zij kwamen935 8799 tot413 hun broederen251 te Zora6881 en te ,847 en hun broeders251 zeiden559 8799 tot hen: Wat4100 [zegt] gijlieden?859 En zij zeiden:559 8799 u op,6965 8798 en laat ons tot5921 hen optrekken;5927 8799 want3588 wij hebben dat land776 bezien,7200 8804 en ziet,2009 het is zeer3966 goed;2896 zoudt gij859 stil zijn?2814 8688 Weest6101 niet408 lui6101 8735 om te trekken,3212 8800 dat gij henen inkomt,935 8800 om dat land776 in erfelijke bezitting te nemen;3423 8800 (Als gij daarhenen komt,935 8800 zo zult gij komen935 8799 tot413 een zorgeloos982 8802 volk,5971 en dat land776 is wijd van ruimte7342) want3588 God430 heeft het in uw hand3027 gegeven;5414 8804 een plaats,4725 alwaar834 8033 geen369 gebrek4270 is369 van enig3605 ding,1697 dat834 op de aarde776 is. Toen reisden5265 8799 van4480 daar8033 uit4480 het geslacht4940 der ,1839 van4480 Zora6881 en van4480 ,847 zeshonderd8337 3967 man,376 aangegord2296 8803 met krijgswapenen.3627 4421 En zij togen op,5927 8799 en legerden zich2583 8799 bij -jearim,7157 in ;3063 daarom5921 3651 noemden zij7121 8804 deze1931 plaats,4725 -,4265 tot op5704 dezen2088 dag;3117 ziet,2009 het2088 is achter310 -jearim.7157 En van4480 daar8033 togen zij door5674 8799 naar het gebergte2022 van ,669 en zij kwamen935 8799 tot aan5704 het huis1004 van .4318 Toen antwoordden6030 8799 de vijf2568 mannen,582 die gegaan waren1980 8802 om het land776 van Lais3919 te verspieden,7270 8763 en zeiden559 8799 tot413 hun broederen:251 gijlieden3045 8804 ook, dat3588 in die428 huizen1004 een efod646 is,3426 en terafim,8655 en een gesneden6459 en een gegoten beeld?4541 Zo weet3045 8798 nu,6258 wat4100 u te doen zij.6213 8799 Toen weken zij5493 8799 daarheen,8033 en kwamen935 8799 aan413 het huis1004 van den jongeling,5288 den ,3881 ten huize1004 van ;4318 en zij vraagden7592 8799 hem naar vrede.7965 En de zeshonderd8337 3967 mannen,376 die834 van4480 de kinderen1121 van 1835 waren, met hun krijgswapenen3627 4421 aangegord,2296 8803 bleven staan5324 8737 aan de deur6607 van de poort.8179 Maar de vijf2568 mannen,582 die gegaan waren1980 8802 om het land776 te verspieden,7270 8763 gingen op,5927 8799 kwamen935 8804 daarhenen8033 in, [en] namen weg3947 8804 het gesneden beeld,6459 en den efod,646 en de terafim,8655 en het gegoten beeld;4541 de priester3548 nu bleef staan5324 8737 aan de deur6607 van de poort,8179 met de zeshonderd8337 3967 mannen,376 die met krijgswapenen3627 4421 aangegord waren.2296 8803 Als die428 nu ten huize1004 van Micha4318 waren ingegaan,935 8804 en het gesneden beeld,6459 den efod,646 en de terafim,8655 en het gegoten beeld4541 weggenomen hadden,3947 8799 zo zeide559 8799 de priester3548 tot413 hen: Wat4100 doet6213 8802 gijlieden?859 En zij zeiden559 8799 tot hem: Zwijg,2790 8685 leg7760 8798 uw hand3027 op5921 uw mond,6310 en ga3212 8798 met5973 ons, en wees1961 8804 ons tot een vader1 en tot een priester!3548 Is het beter,2896 dat gij een priester3548 zijt1961 8800 voor het huis1004 van een259 man,376 of dat gij een priester3548 zijt boeten8800 voor een stam,7626 en een geslacht4940 in ?3478 Toen werd3190 het hart3820 van den priester3548 vrolijk,3190 8799 en hij nam3947 8799 den efod,646 en de terafim,8655 en het gesneden beeld,6459 en hij kwam935 8799 in het midden7130 des volks.5971 Alzo keerden zij zich,6437 8799 en togen voort;3212 8799 en zij stelden7760 8799 de kinderkens,2945 en het vee,4735 en de bagage3520 voor zich.6440 Als zij1992 nu verre7368 van4480 's4318 huis1004 gekomen waren,7368 8689 zo werden de mannen,582 zijnde in de huizen,1004 die834 bij5973 het huis4318 van Micha1004 waren, bijeengeroepen,2199 8738 en zij achterhaalden1692 8686 de kinderen1121 van .1835 En zij riepen7121 8799 de kinderen1121 van 1835 na;413 dewelke hun aangezichten6440 omkeerden,5437 8686 en zeiden559 8799 tot :4318 Wat4100 is u, dat3588 gij bijeengeroepen zijt?2199 8738 Toen zeide hij:559 8799 hebt mijn goden,430 die834 ik gemaakt had,6213 8804 weggenomen,3947 8804 mitsgaders den priester,3548 en zijt weggegaan;3212 8799 wat4100 heb ik nu meer?5750 Wat4100 is het2088 , dat gij tot413 mij zegt:559 8799 Wat4100 is u? Maar de kinderen1121 van 1835 zeiden559 8799 tot413 hem: Laat uw stem6963 bij5973 ons niet408 horen,8085 8686 opdat niet6435 misschien mannen,582 van bitteren4751 gemoede,5315 op u aanvallen,6293 8799 en gij uw leven5315 verliest,622 8804 en het leven5315 van uw huis.1004 Alzo gingen3212 8799 de kinderen1121 van 1835 huns weegs;1870 en ,4318 ziende,7200 8799 dat3588 zij1992 sterker2389 waren 4480 hij, zo keerde hij om,6437 8799 en kwam weder7725 8799 tot413 zijn huis.1004 Zij1992 namen3947 8804 wat834 Micha4318 gemaakt had,6213 8804 en den priester,3548 die834 hij gehad had,1961 8804 en kwamen935 8799 te5921 ,3919 tot5921 een stil8252 8802 en zeker982 8802 volk,5971 en sloegen5221 8686 hen853 met de scherpte6310 des zwaards,2719 en de stad5892 verbrandden zij8313 8804 met vuur.784 En er was niemand,369 die hen verloste;5337 8688 want3588 zij1931 was verre7350 van4480 ,6721 en zij hadden369 niets1697 met5973 enigen mens120 te doen; en zij1931 [lag] in het dal,6010 dat834 bij -rechob1050 is. Daarna herbouwden zij1129 8799 de stad,5892 en woonden3427 8799 daarin. En zij noemden7121 8799 den naam8034 der stad5892 ,1835 naar den naam8034 huns vaders1 ,1835 die834 aan 3478 geboren was;3205 8795 hoewel199 de naam8034 dezer stad5892 te voren7223 Lais3919 was. En de kinderen1121 van 1835 richtten voor zich6965 dat gesneden beeld6459 op;6965 8686 en ,3083 de zoon1121 van ,1647 den zoon1121 van ,4519 hij1931 en zijn zonen1121 waren1961 8804 priesters3548 voor den stam7626 der ,1839 tot5704 den dag3117 toe, dat het land776 gevankelijk is weggevoerd.1540 8800 Alzo stelden zij7760 8799 onder zich het gesneden beeld6459 van ,4318 dat834 hij gemaakt had,6213 8804 al3605 de dagen,3117 dat het huis1004 Gods430 te Silo7887 was.1961 8800

Every verse in Judges 18

Chapter navigation

0:000:00