Judges 2:21

“Zo zal Ik589 ook1571 niet3808 voortvaren3254 8686 voor4480 hun aangezicht6440 iemand376 uit de bezitting te verdrijven,3423 8687 van4480 de heidenen,1471 die834 Jozua3091 heeft achtergelaten,5800 8804 als hij stierf;4191 8799”

Judges 2:21 — Statenvertaling (1637)

Verse 21 of 23 in Judges chapter 2 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Judges 2 — full chapter (Statenvertaling (1637))

En een Engel4397 des HEEREN3068 kwam opwaarts5927 8799 van4480 1537 tot413 ,1066 en zeide:559 8799 Ik heb ulieden853 uit4480 Egypte4714 opgevoerd,5927 8686 en u853 gebracht935 8686 in413 het land,776 dat834 Ik uw vaderen1 gezworen heb,7650 8738 en gezegd:559 8799 Ik zal verbond1285 met854 ulieden niet3808 verbreken6565 8686 in eeuwigheid.5769 En ulieden859 aangaande, gij zult geen3808 verbond1285 maken3772 8799 met de inwoners3427 8802 dezes2063 lands;776 hun altaren4196 zult gij afbreken.5422 8799 gij zijt stem6963 niet3808 gehoorzaam geweest;8085 8804 waarom4100 hebt gij dit2063 gedaan?6213 8804 Daarom heb Ik ook1571 gezegd:559 8804 Ik zal hen853 voor4480 uw aangezicht6440 niet3808 uitdrijven;1644 8762 maar zij zullen u aan de zijden6654 zijn,1961 8804 en hun goden430 zullen u tot een strik4170 zijn.1961 8799 En het geschiedde,1961 8799 als de Engel4397 des HEEREN3068 deze428 woorden1697 tot413 alle3605 kinderen1121 Israels3478 gesproken had,1696 8763 zo hief5375 het volk5971 zijn stem6963 op5375 8799 en weende.1058 8799 Daarom noemden zij7121 8799 den naam8034 dier1931 plaats4725 ;1066 en zij offerden2076 8799 aldaar8033 den HEERE.3068 Als Jozua3091 het volk5971 had laten gaan,7971 8762 zo waren de kinderen1121 Israels3478 heengegaan,3212 8799 een ieder376 tot zijn erfdeel,5159 om het land776 erfelijk te bezitten.3423 8800 En het volk5971 diende5647 8799 den HEERE,3068 al3605 de dagen3117 van ,3091 en al3605 de dagen3117 der oudsten,2205 die834 lang3117 geleefd hadden748 8689 na310 ;3091 die834 gezien hadden7200 8804 al3605 dat grote1419 werk4639 des HEEREN,3068 dat834 aan 3478 gedaan had.6213 8804 Maar als ,3091 de zoon1121 van ,5126 de knecht5650 des HEEREN,3068 gestorven was,4191 8799 honderd3967 en tien6235 jaren8141 oud1121 zijnde; En zij hem begraven hadden6912 8799 in de landpale1366 zijns erfdeels,5159 te -heres,8556 op een berg2022 van ,669 tegen4480 het noorden6828 van den berg2022 ;1608 En al3605 datzelve1931 geslacht1755 ook1571 tot413 zijn vaderen1 vergaderd was;622 8738 zo stond6965 er een ander312 geslacht1755 na310 hen op,6965 8799 dat834 den HEERE3068 niet3808 kende,3045 8804 noch ook1571 het werk,4639 dat834 aan 3478 gedaan had.6213 8804 Toen deden6213 8799 de kinderen1121 ,3478 dat kwaad7451 was in de ogen5869 des HEEREN,3068 en zij dienden5647 8799 de .1168 En zij verlieten5800 8799 den HEERE,3068 hunner vaderen1 God,430 hen uit4480 Egypteland776 4714 had uitgevoerd,3318 8688 en volgden3212 8799 andere312 goden430 na,310 van4480 de goden430 der volken,5971 die834 rondom5439 hen waren, en bogen zich7812 8691 voor die, en zij verwekten3707 den HEERE3068 tot toorn.3707 8686 Want zij verlieten5800 8799 den HEERE,3068 en dienden5647 8799 den Baal1168 en .6252 Zo ontstak2734 8799 des HEEREN3068 toorn639 tegen ,3478 en gaf5414 8799 hen in de hand3027 der rovers,8154 8802 die hen beroofden;8155 8799 en verkocht4376 8799 hen in de hand3027 hunner vijanden341 8802 rondom;5439 en zij konden3201 8804 niet3808 meer5750 bestaan5975 8800 voor het aangezicht6440 hunner vijanden.341 8802 Overal,3605 waarheen834 zij uittogen,3318 8804 was1961 8804 de hand3027 des HEEREN3068 tegen hen, ten kwade,7451 gelijk834 als de HEERE3068 gesproken,1696 8765 en gelijk als834 de HEERE3068 gezworen had;7650 8738 en hun was zeer3966 bang.3334 8799 En de HEERE3068 verwekte6965 8686 richteren,8199 8802 die hen verlosten3467 8686 uit4480 de hand3027 dergenen, die hen beroofden;8154 8802 Doch zij hoorden8085 8804 ook1571 niet3808 naar413 hun richteren,8199 8802 maar3588 hoereerden2181 8804 andere312 goden430 na,310 en bogen zich7812 8691 voor die; haast4118 weken zij af5493 8804 van4480 den weg,1870 dien834 hun vaders1 gewandeld hadden,1980 8804 horende8085 8800 de geboden4687 des HEEREN;3068 alzo3651 deden zij6213 8804 niet.3808 En wanneer3588 de HEERE3068 hun richteren8199 8802 verwekte,6965 8689 zo was1961 8804 de HEERE3068 met5973 den richter,8199 8802 en verloste3467 8689 hen uit4480 de hand3027 hunner vijanden,341 8802 al3605 de dagen3117 des richters;8199 8802 want3588 het berouwde5162 8735 den HEERE,3068 huns zuchtens5009 halve vanwege4480 6440 degenen, die hen drongen3905 8801 en die hen drukten.1766 8802 Maar het geschiedde1961 8804 met het versterven4194 des richters,8199 8802 dat zij omkeerden,7725 8799 en verdierven7843 8689 het meer 4480 hun vaderen,1 navolgende3212 8800 310 andere312 goden,430 dezelve dienende,5647 8800 en zich voor die buigende;7812 8692 zij lieten5307 niets3808 vallen5307 8689 van4480 hun werken,4611 noch van4480 dezen hun harden7186 weg.1870 Daarom ontstak2734 8799 de toorn639 des HEEREN3068 tegen ,3478 dat zeide:559 8799 omdat3588 834 dit2088 volk1471 verbond1285 heeft overtreden,5674 8804 dat834 Ik hun vaderen1 geboden heb,6680 8765 en zij naar stem6963 niet3808 gehoord hebben;8085 8804 Zo zal Ik589 ook1571 niet3808 voortvaren3254 8686 voor4480 hun aangezicht6440 iemand376 uit de bezitting te verdrijven,3423 8687 van4480 de heidenen,1471 die834 Jozua3091 heeft achtergelaten,5800 8804 als hij stierf;4191 8799 Opdat4616 Ik 3478 door hen verzoeke,5254 8763 of zij1992 den weg1870 des HEEREN3068 zullen houden,8104 8802 om daarin te wandelen,3212 8800 gelijk als834 hun vaderen1 gehouden hebben,8104 8804 of518 niet.3808 Alzo liet3240 de HEERE3068 deze428 heidenen1471 blijven,3240 8686 dat hen niet1115 haastelijk4118 uit de bezitting verdreef;3423 8687 die in de hand3027 van Jozua3091 niet3808 had overgegeven.5414 8804

Every verse in Judges 2

Chapter navigation

0:000:00