Lamentations 2:21
“[Schin]. De jongen5288 en de ouden2205 liggen7901 8804 op de aarde776 [op] de straten;2351 mijn jonkvrouwen1330 en mijn jongelingen970 zijn door het zwaard2719 gevallen;5307 8804 Gij hebt ze in den dag3117 Uws toorns639 gedood,2026 8804 Gij hebt ze geslacht2873 8804 [en] niet verschoond.2550 8804”
Lamentations 2:21 — Statenvertaling (1637)
Verse 21 of 22 in Lamentations chapter 2 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Lamentations 2 — full chapter (Statenvertaling (1637))
[]. Hoe heeft de Heere136 de dochter1323 Sions6726 in toorn639 bewolkt?5743 8686 heeft de heerlijkheid8597 van 3478 van den hemel8064 [op] de aarde776 nedergeworpen;7993 8689 en heeft aan de voetbank1916 voeten7272 niet gedacht2142 8804 in den dag3117 toorns.639 []. De Heere136 heeft al de woningen4999 Jakobs3290 verslonden,1104 8765 en heeft ze niet verschoond;2550 8804 heeft de vastigheden4013 der dochter1323 van Juda3063 afgebroken2040 8804 in verbolgenheid,5678 heeft gemaakt5060 , dat zij de aarde776 raken;5060 8689 heeft het koninkrijk4467 en deszelfs vorsten8269 ontheiligd.2490 8765 []. Hij heeft, in ontsteking2750 des toorns,639 den gehelen hoorn7161 Israels3478 afgehouwen;1438 8804 heeft rechterhand3225 achterwaarts268 getrokken,7725 8689 toen6440 de vijand341 8802 kwam,6440 en is tegen Jakob3290 ontstoken1197 8799 als een vlammend3852 vuur,784 [dat] rondom5439 verteert.398 8804 []. Hij heeft boog7198 gespannen1869 8804 als een vijand;341 8802 heeft zich [met] rechterhand3225 gesteld5324 8737 als een tegenpartijder,6862 dat doodde2026 8799 al de begeerlijke dingen4261 der ogen;5869 heeft grimmigheid2534 in de tent168 der dochter1323 Sions6726 uitgestort8210 8804 als een vuur.784 [He]. De Heere136 is geworden als een vijand;341 8802 heeft 3478 verslonden,1104 8765 heeft al haar paleizen759 verslonden.1104 8765 heeft deszelfs vastigheden4013 verdorven;7843 8765 en heeft bij de dochter1323 van Juda3063 het klagen8386 en kermen592 vermenigvuldigd.7235 8686 []. En heeft hut7900 met geweld afgerukt,2554 8799 als een hof,1588 heeft vergaderplaats4150 verdorven;7843 8765 de HEERE3068 heeft in Sion6726 doen vergeten7911 8765 den hoogtijd4150 en den sabbat,7676 en heeft in de gramschap2195 toorns639 den koning4428 en den priester3548 smadelijk verworpen.5006 8799 []. De Heere136 heeft altaar4196 verstoten.2186 8804 heeft heiligdom4720 te niet gedaan,5010 8765 heeft de muren2346 harer paleizen759 in des vijands341 8802 hand3027 overgegeven;5462 8689 zij hebben in het huis1004 des HEEREN3068 een stem6963 verheven5414 8804 als op den dag3117 eens gezetten hoogtijds.4150 []. De HEERE3068 heeft gedacht2803 8804 te verderven7843 8687 den muur2346 der dochter1323 ;6726 heeft het richtsnoer6957 [daarover] getogen,5186 8804 heeft hand3027 niet afgewend,7725 8689 dat ze niet verslonde;1104 8763 en heeft den voormuur2426 en den muur2346 te zamen3162 treurig gemaakt,56 8686 zij zijn verzwakt.535 8797 []. Haar poorten8179 zijn in de aarde776 verzonken;2883 8804 heeft haar grendelen1280 verdorven6 8765 en gebroken;7665 8765 haar koning4428 en haar vorsten8269 zijn onder de heidenen;1471 er is geen wet;8451 haar profeten5030 vinden4672 8804 ook geen gezicht2377 van den HEERE.3068 []. De oudsten2205 der dochter1323 Sions6726 zitten3427 8799 op de aarde,776 zij zwijgen stil,1826 8799 zij werpen5927 8689 stof6083 op hun hoofd,7218 zij hebben zakken8242 aangegord;2296 8804 de jonge dochters1330 van Jeruzalem3389 laten3381 haar hoofd7218 ter aarde776 hangen.3381 8689 []. Mijn ogen5869 zijn verteerd3615 8804 door tranen,1832 mijn ingewand4578 wordt beroerd;2560 8777 mijn lever3516 is ter aarde776 uitgeschud,8210 8738 vanwege de breuk7667 der dochter1323 mijns volks;5971 omdat het kind5768 en de zuigeling3243 8802 op de straten7339 der stad7151 in onmacht zinken;5848 8736 []. [] zij tot hun moeders517 zeggen:559 8799 is koren1715 en wijn,3196 als zij op de straten7339 der stad5892 in onmacht zinken,5848 8692 als de verslagenen;2491 als zich hun ziel5315 uitschudt8210 8692 in den schoot2436 hunner moeders.517 []. Wat getuigen zal ik u brengen,5749 8686 8675 5749 8799 wat4100 zal ik bij u vergelijken,1819 8762 gij dochter1323 ?3389 zal ik bij u vergelijken,7737 8686 dat ik u trooste,5162 8762 gij jonkvrouw,1330 dochter1323 ,6726 want uw breuk7667 is [zo] groot1419 als de zee,3220 wie kan u helen?7495 8799 []. Uw profeten5030 hebben u ijdelheid7723 en ongerijmdheid8602 gezien,2372 8804 en zij hebben [u] uw ongerechtigheid5771 niet geopenbaard,1540 8765 om uw gevangenis7622 8675 7622 af te wenden,7725 8687 maar zij hebben voor u gezien2372 8799 ijdele7723 lasten4864 en uitstotingen.4065 []. Allen, die over weg gaan,5674 8802 klappen5606 8804 met de handen3709 over u,1870 zij fluiten8319 8804 en schudden5128 8686 hun hoofd7218 over de dochter1323 ,3389 [zeggende]: Is dit die stad,5892 waar men van zeide,559 8799 dat zij volkomen3632 van schoonheid3308 was, een vreugde4885 der ganse aarde?776 [Pe]. Al uw vijanden341 8802 sperren6475 8804 hun mond6310 op over u, zij fluiten8319 8804 en knersen2786 8799 met de tanden,8127 zij zeggen:559 8804 hebben haar verslonden;1104 8765 dit is immers389 de dag,3117 dien wij verwacht hebben,6960 8765 wij hebben [hem] gevonden,4672 8804 wij hebben [hem] gezien.7200 8804 []. De HEERE3068 heeft gedaan,6213 8804 wat gedacht had,2161 8804 heeft woord565 vervuld,1214 8765 dat bevolen had6680 8765 van oude6924 dagen;3117 heeft afgebroken2040 8804 en niet gespaard;2550 8804 en heeft den vijand341 8802 over u verblijd,8055 8762 heeft den hoorn7161 uwer tegenpartijders6862 verhoogd.7311 8689 []. Hun hart3820 schreeuwde6817 8804 tot den :136 O gij muur2346 der dochter1323 ,6726 laat dag3119 en nacht3915 tranen1832 afvlieten3381 8685 als een beek;5158 geef5414 8799 uzelve geen rust,6314 uw oogappel1323 5869 houde niet op!1826 8799 []. Maak u op,6965 8798 maak geschrei7442 8798 des nachts3915 in het begin7218 der nachtwaken,821 stort8210 uw hart3820 uit8210 8798 voor5227 het aangezicht6440 des Heeren136 als water;4325 hef5375 8798 uw handen3709 tot op voor de ziel5315 uwer kinderkens,5768 die in onmacht gevallen zijn5848 8803 van honger,7458 vooraan7218 op alle straten.2351 []. Zie,7200 8798 HEERE,3068 aanschouw5027 8685 toch, aan wien alzo3541 gedaan hebt;5953 8782 zullen de vrouwen802 haar vrucht6529 eten,398 8799 de kinderkens,5768 die men op de handen draagt?2949 de profeet5030 en de priester3548 in het heiligdom4720 des HEEREN136 gedood worden?2026 8735 []. De jongen5288 en de ouden2205 liggen7901 8804 op de aarde776 [op] de straten;2351 mijn jonkvrouwen1330 en mijn jongelingen970 zijn door het zwaard2719 gevallen;5307 8804 hebt ze in den dag3117 toorns639 gedood,2026 8804 hebt ze geslacht2873 8804 [en] niet verschoond.2550 8804 []. Gij hebt mijn verschrikkingen4032 van rondom5439 geroepen,7121 8799 als [tot] een dag3117 eens gezetten hoogtijds;4150 en er is niemand aan den dag3117 des toorns639 des HEEREN3068 ontkomen6412 of overgebleven;8300 die ik op de handen gedragen2946 8765 en opgetogen heb,7235 8765 die heeft mijn vijand341 8802 omgebracht.3615 8765