Lamentations 3:29
“[Jod]. Hij steke5414 8799 zijn mond6310 in het stof,6083 [zeggende]: Misschien is er3426 verwachting.8615”
Lamentations 3:29 — Statenvertaling (1637)
Verse 29 of 66 in Lamentations chapter 3 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Lamentations 3 — full chapter (Statenvertaling (1637))
[]. Ik ben de man,1397 [die] ellende6040 gezien heeft7200 8804 door de roede7626 verbolgenheid.5678 []. Hij heeft mij geleid5090 8804 en gevoerd3212 8686 [in] de duisternis,2822 en niet [in] het licht.216 []. Hij heeft immers tegen mij gewend,7725 8799 heeft hand3027 den gansen dag3117 veranderd.2015 8799 []. Hij heeft mijn vlees1320 en mijn huid5785 oud gemaakt,1086 8765 heeft mijn beenderen6106 gebroken.7665 8765 []. Hij heeft tegen mij gebouwd,1129 8804 en heeft [mij] [met] galle7219 en moeite8513 omringd.5362 8686 []. Hij heeft mij gezet3427 8689 in duistere plaatsen,4285 als degenen, die over lang5769 dood zijn.4191 8801 []. Hij heeft mij toegemuurd,1443 8804 dat ik er niet uit gaan kan;3318 8799 heeft mijn koperen boeien5178 verzwaard.3513 8689 []. Ook wanneer ik roep2199 8799 en schreeuw,7768 8762 sluit Hij5640 8804 de [oren] [voor] mijn gebed.8605 []. Hij heeft mijn wegen1870 toegemuurd1443 8804 met uitgehouwen stenen,1496 heeft mijn paden5410 verkeerd.5753 8765 []. Hij is mij een loerende693 8802 beer,1677 een leeuw738 in verborgen plaatsen.4565 []. Hij heeft mijn wegen1870 afgewend;5493 8790 en heeft mij in stukken gebroken;6582 8762 heeft mij woest8074 8802 gemaakt.7760 8804 []. Hij heeft boog7198 gespannen,1869 8804 en heeft mij den pijl2671 als ten doel4307 gesteld.5324 8686 [He]. Hij heeft pijlen1121 827 in mijn nieren3629 doen ingaan.935 8689 [He]. Ik ben al mijn volk5971 tot belaching7814 geworden, hun snarenspel5058 den gansen dag.3117 [He]. Hij heeft mij met bitterheden4844 verzadigd,7646 8689 heeft mij met alsem3939 dronken gemaakt.7301 8689 []. Hij heeft mijn tanden8127 met zandsteentjes2687 verbrijzeld,1638 8686 heeft mij in de as665 nedergedrukt.3728 8689 []. En hebt mijn ziel5315 verre van den vrede7965 verstoten,2186 8799 ik heb het goede2896 vergeten.5382 8804 []. Toen zeide ik:559 8799 sterkte5331 is vergaan,6 8804 en mijn hoop8431 van den HEERE.3068 []. Gedenk aan2142 8798 mijn ellende6040 en aan mijn ballingschap,4788 aan den alsem3939 en galle.7219 []. Mijn ziel5315 gedenkt2142 8799 er wel terdege2142 8800 aan, en zij bukt zich neder7743 8686 in mij. []. Dit zal ik mij ter harte3820 nemen,7725 8686 daarom zal ik hopen;3176 8686 []. Het zijn de goedertierenheden2617 des HEEREN,3068 dat wij niet vernield zijn,8552 8804 dat barmhartigheden7356 geen einde hebben;3615 8804 []. Zij zijn allen morgen1242 nieuw,2319 Uw trouw530 is groot.7227 []. De HEERE3068 is mijn ,2506 zegt559 8804 mijn ziel,5315 daarom zal ik op hopen.3176 8686 []. De HEERE3068 is goed2896 dengenen, die verwachten,6960 8802 der ziele,5315 die zoekt.1875 8799 []. Het is goed,2896 dat men hope,3175 8675 2342 8799 en stille zij1748 op het heil8668 des HEEREN.3068 []. Het is goed2896 voor een man,1397 dat hij het juk5923 in zijn jeugd5271 draagt.5375 8799 []. Hij zitte3427 8799 eenzaam,910 en zwijge stil,1826 8799 omdat het hem opgelegd heeft.5190 8804 []. Hij steke5414 8799 zijn mond6310 in het stof,6083 [zeggende]: Misschien is er3426 verwachting.8615 []. Hij geve5414 8799 zijn wang3895 dien, die hem slaat,5221 8688 hij worde zat7646 8799 van smaad.2781 []. Want de Heere136 zal niet verstoten2186 8799 in eeuwigheid.5769 []. Maar als bedroefd heeft,3013 8689 zo zal ontfermen,7355 8765 naar de grootheid7230 goedertierenheden.2617 []. Want plaagt6031 8765 of bedroeft3013 8762 des mensen376 kinderen1121 niet van harte.3820 []. Dat men al de gevangenen615 der aarde776 onder voeten7272 verbrijzelt;1792 8763 []. Dat men het recht4941 eens mans1397 buigt5186 8687 voor het aangezicht6440 des ;5945 []. Dat men een mens120 verongelijkt5791 8763 in zijn twistzaak;7379 zou het de Heere136 niet zien?7200 8804 []. Wie zegt559 8804 wat, hetwelk geschiedt, [zo] [het] de Heere136 niet beveelt?6680 8765 []. Gaat niet uit3318 8799 den mond6310 des Allerhoogsten5945 het kwade7451 en het goede?2896 []. Wat klaagt596 8691 [] een levend2416 mens?120 ieder1397 [klage] vanwege zijn zonden.2399 []. Laat ons onze wegen1870 onderzoeken2664 8799 en doorzoeken,2713 8799 en laat ons wederkeren7725 8799 tot den HEERE.3068 []. Laat ons onze harten3824 opheffen,5375 8799 mitsgaders de handen,3709 tot God410 in den hemel,8064 [zeggende]: []. Wij5168 hebben overtreden,6586 8804 en wij zijn wederspannig geweest,4784 8804 [daarom] hebt niet gespaard.5545 8804 []. Gij hebt [ons] met toorn639 bedekt,5526 8804 en hebt ons vervolgd;7291 8799 hebt [ons] gedood.2026 8804 hebt niet verschoond.2550 8804 []. Gij hebt U met een wolk6051 bedekt,5526 8804 zodat er geen gebed8605 doorkwam.5674 8800 []. Gij hebt ons [tot] een uitvaagsel5501 en wegwerpsel3973 gesteld,7760 8799 in het midden7130 der volken.5971 [Pe]. Al onze vijanden341 8802 hebben hun mond6310 tegen ons opgesperd.6475 8804 [Pe]. De vreze6343 en de kuil6354 zijn over ons gekomen, de verwoesting7612 en de verbreking.7667 [Pe]. [] waterbeken6388 4325 loopt3381 mijn oog5869 neder,3381 8799 vanwege de breuk7667 der dochter1323 mijns volks.5971 []. Mijn oog5869 vliet,5064 8738 en kan niet ophouden,1820 8799 omdat er geen rust2014 is; []. Totdat [het] de HEERE3068 van den hemel8064 aanschouwe,8259 8686 en [het] zie.7200 8799 []. Mijn oog5869 doet5953 mijn ziele5315 [moeite] aan,5953 8782 vanwege al de dochteren1323 mijner stad.5892 []. Die mijn vijanden341 8802 zijn zonder oorzaak,2600 hebben mij als een vogeltje6833 dapperlijk6679 8800 gejaagd.6679 8804 []. Zij hebben mijn leven2416 in een kuil953 uitgeroeid,6789 8804 en zij hebben een steen68 op mij geworpen.3034 8762 []. De wateren4325 zwommen6687 8804 over mijn hoofd;7218 ik zeide:559 8804 Ik ben afgesneden!1504 8738 []. HEERE!3068 Ik heb Uw Naam8034 aangeroepen7121 8804 uit den ondersten8482 kuil.953 []. Gij hebt mijn stem6963 gehoord,8085 8804 verberg5956 8686 Uw oor241 niet voor mijn zuchten,7309 voor mijn roepen.7775 []. Gij hebt U genaderd7126 8804 ten dage,3117 als ik U aanriep;7121 8799 hebt gezegd:559 8804 Vrees3372 8799 niet! []. HEERE!136 hebt de twistzaken7379 mijner ziel5315 getwist,7378 8804 hebt mijn leven2416 verlost.1350 8804 []. HEERE!3068 hebt gezien7200 8804 de verkeerdheid,5792 die men mij aangedaan heeft, oordeel8199 8798 mijn rechtzaak.4941 []. Gij hebt al hun wraak5360 gezien,7200 8804 al hun gedachten4284 tegen mij. []. HEERE!3068 hebt hun smaden2781 gehoord,8085 8804 [en] al hun gedachten4284 tegen mij; []. De lippen8193 dergenen, die tegen mij opstaan,6965 8801 en hun dichten1902 tegen mij den gansen dag.3117 []. Aanschouw5027 8685 hun zitten3427 8800 en opstaan;7012 ik ben hun snarenspel.4485 []. HEERE!3068 geef hun weder7725 8686 die vergelding,1576 naar het werk4639 hunner handen.3027 []. Geef5414 8799 hun een deksel4044 des harten;3820 Uw vloek8381 zij over hen! []. Vervolg7291 8799 ze met toorn,639 en verdelg8045 8686 ze van onder den hemel8064 des HEEREN.3068