Leviticus 22:19

“Het zal naar uw welgevallen7522 zijn, een volkomen8549 mannetje,2145 van de runderen,1241 van de lammeren,3775 of van de geiten.5795”

Leviticus 22:19 — Statenvertaling (1637)

Verse 19 of 33 in Leviticus chapter 22 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Leviticus 22 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Daarna sprak1696 8762 de HEERE3068 tot ,4872 zeggende:559 8800 Spreek1696 8761 tot 175 en tot zijn zonen,1121 dat zij zich van de heilige dingen6944 der kinderen1121 ,3478 die zij heiligen,6942 8688 afzonderen,5144 8735 opdat zij de Naam8034 heiligheid6944 niet ontheiligen;2490 8762 Ik ben de HEERE!3068 Zeg559 8798 tot hen: Alle man376 onder uw geslachten,1755 die uit uw ganse zaad2233 tot de heilige dingen,6944 die de kinderen1121 Israels3478 den HEERE3068 heiligen,6942 8686 naderen zal,7126 8799 als zijn onreinigheid2932 op hem is; diezelve mens5315 zal van voor aangezicht6440 uitgeroeid worden;3772 8738 Ik ben de HEERE!3068 Niemand376 van het zaad2233 van ,175 die melaats is,6879 8803 of een vloed heeft,2100 8802 zal van die heilige dingen6944 eten,398 8799 totdat hij rein is;2891 8799 mitsgaders die iets aanroert,5060 8802 dat onrein2931 is van een dood lichaam,5315 of iemand,376 wien het zaad2233 der bijligging7902 ontgaat.3318 8799 Of zo wie376 aangeroerd zal hebben5060 8799 enig kruipend gedierte,8318 waarvan hij onrein is,2930 8799 of een mens,120 waarvan hij onrein is,2930 8799 naar al zijn onreinigheid;2932 De mens,5315 die dat aangeroerd zal hebben,5060 8799 zal onrein zijn2930 8804 tot aan den avond,6153 en hij zal van die heilige dingen6944 niet eten,398 8799 maar518 zal zijn vlees1320 met water4325 baden.7364 8804 Als de zon8121 zal ondergegaan zijn,935 8804 zal hij rein zijn;2891 8804 en daarna310 zal hij van die heilige dingen6944 eten;398 8799 want dat is zijn spijze.3899 Het dode aas,5038 en het verscheurde2966 zal hij niet eten,398 8799 om daarmede onrein te worden;2930 8800 Ik ben de HEERE!3068 Zij zullen bevel4931 onderhouden,8104 8804 opdat zij geen zonde2399 daarover dragen5375 8799 en daarin sterven,4191 8804 als zij die ontheiligd zouden hebben;2490 8762 Ik ben de HEERE,3068 die hen heilige!6942 8764 Ook zal geen vreemde2114 8801 het heilige6944 eten;398 8799 een bijwoner8453 des priesters,3548 en een dagloner,7916 zullen het heilige6944 niet eten.398 8799 Wanneer nog de priester3548 een ziel5315 met7075 zijn geld3701 zal gekocht hebben,7069 8799 die zal daarvan eten;398 8799 en de ingeborene3211 van zijn huis,1004 die zullen van zijn spijze3899 eten.398 8799 Maar als des priesters3548 dochter1323 een vreemden2114 man376 zal toebehoren,2114 8801 zij zal van het hefoffer8641 der heilige dingen6944 niet eten.398 8799 Doch als des priesters3548 dochter1323 een weduwe490 of een verstotene1644 8803 zal zijn, en geen zaad2233 hebben, en tot haars vaders1 huis,1004 als in haar jonkheid,5271 zal wedergekeerd zijn,7725 8804 zo zal zij van de spijze3899 haars vaders1 eten;398 8799 maar geen vreemde2114 8801 zal daarvan eten.398 8799 En wanneer iemand376 het heilige6944 door dwaling7684 zal gegeten hebben,398 8799 zo zal hij deszelfs vijfde2549 deel daarboven toedoen,3254 8804 en zal het den priester3548 met het heilige6944 wedergeven.5414 8804 Zo zullen zij niet ontheiligen2490 8762 de heilige dingen6944 der kinderen1121 ,3478 die zij den HEERE3068 zullen gegeven hebben;7311 8686 En hen doen dragen5375 8689 de ongerechtigheid5771 der schuld,819 als zij hun heilige dingen6944 zouden eten;398 8800 want Ik ben de HEERE,3068 hen heilige!6942 8764 Verder sprak1696 8762 de HEERE3068 tot ,4872 zeggende:559 8800 Spreek1696 8761 tot ,175 en tot zijn zonen,1121 en tot al de kinderen1121 ,3478 en zeg559 8804 tot hen: Zo wie376 uit het huis1004 van ,3478 en uit de vreemdelingen1616 in 3478 is, die zijn offerande7133 zal offeren7126 8686 naar al hun geloften,5088 en naar al hun vrijwillige offeren,5071 die zij den HEERE3068 ten brandoffer5930 zullen offeren;7126 8686 Het zal naar uw welgevallen7522 zijn, een volkomen8549 mannetje,2145 van de runderen,1241 van de lammeren,3775 of van de geiten.5795 Gij zult niet offeren7126 8686 iets, waarin een gebrek3971 is; want het zou niet aangenaam7522 zijn voor u. En als iemand376 een dankoffer2077 8002 den HEERE3068 zal offeren,7126 8686 uitzonderende6381 8763 van de runderen1241 of van de schapen6629 een gelofte,5088 of vrijwillig offer,5071 het zal volkomen8549 zijn, opdat het aangenaam7522 zij; geen gebrek3971 zal daarin zijn. Het blinde,5788 of gebrokene,7665 8803 of verlamde,2782 8803 of wratte,2990 of droge schurftheid,1618 of etterige schurftheid3217 hebbende, deze zult gij den HEERE3068 niet offeren,7126 8686 en daarvan zult gij den HEERE3068 geen vuuroffer801 op het altaar4196 geven.5414 8799 Doch een os,7794 of klein vee,7716 te lang8311 8803 of te verkrompen in leden,7038 8803 die zult gij tot een vrijwillig offer5071 bereiden;6213 8799 doch tot een gelofte5088 zou het niet aangenaam zijn.7521 8735 Het gedrukte,4600 8803 of gestotene,3807 8803 of gescheurde,5423 8803 of gesnedene,3772 8803 zult gij den HEERE3068 niet offeren;7126 8686 dat zult gij in uw land776 niet doen.6213 8799 Gij zult ook uit de hand3027 des vreemden1121 5236 van al deze dingen uw God430 geen spijs3899 offeren;7126 8686 want hun verdorvenheid4893 is in hen, in dezelve is gebrek,3971 zij zouden niet aangenaam zijn7521 8735 voor u. Wijders sprak1696 8762 de HEERE3068 tot ,4872 zeggende:559 8800 Wanneer een os,7794 of lam,3775 of geit5795 zal geboren zijn,3205 8735 zo zal die zeven7651 dagen3117 onder zijn moeder517 zijn; daarna, van den achtsten8066 dag3117 en daarover,1973 zal hij aangenaam zijn7521 8735 tot offerande7133 des vuuroffers801 den HEERE.3068 Gij zult ook een os,7794 of klein vee,7716 hem en zijn jong,1121 op een259 dag3117 niet slachten.7819 8799 En als gij een lofoffer2077 8426 den HEERE3068 zult slachten,2076 8799 naar uw wil7522 zult gij het slachten.2076 8799 Het zal op denzelfden dag3117 gegeten worden;398 8735 gij zult daarvan niet overlaten3498 8686 tot op den morgen;1242 Ik ben de HEERE!3068 Daarom zult gij geboden4687 houden,8104 8804 en dezelve doen;6213 8804 Ik ben de HEERE!3068 En gij zult heiligen6944 Naam8034 niet ontheiligen,2490 8762 opdat Ik in het midden8432 der kinderen1121 Israels3478 geheiligd worde;6942 8738 Ik ben de HEERE,3068 die u heilige!6942 8762 Die u uit Egypteland776 4714 uitgevoerd heb,3318 8688 opdat Ik u tot een God430 zij; Ik ben de HEERE!3068

Every verse in Leviticus 22

Chapter navigation

0:000:00