Leviticus 4:15
“En de oudsten2205 der vergadering5712 zullen hun handen3027 op het hoofd7218 van den var6499 leggen,5564 8804 voor het aangezicht6440 des HEEREN;3068 en hij zal den var6499 slachten7819 8804 voor het aangezicht6440 des HEEREN.3068”
Leviticus 4:15 — Statenvertaling (1637)
Verse 15 of 35 in Leviticus chapter 4 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Leviticus 4 — full chapter (Statenvertaling (1637))
Verder sprak1696 8762 de HEERE3068 tot ,4872 zeggende:559 8800 Spreek1696 8761 tot de kinderen1121 ,3478 zeggende:559 8800 een ziel5315 zal gezondigd hebben,2398 8799 door afdwaling7684 van enige geboden4687 des HEEREN,3068 dat niet zou gedaan worden,6213 8735 en [tegen] een259 van die2007 zal gedaan hebben;6213 8804 Indien de priester,3548 die gezalfd is,4899 zal gezondigd hebben,2398 8799 tot schuld819 des volks,5971 zo zal hij voor zijn zonde,2403 die hij gezondigd heeft,2398 8804 offeren7126 8689 een var,6499 een volkomen8549 jong1121 rund,1241 den HEERE3068 ten zondoffer.2403 En hij zal dien var6499 brengen935 8689 tot de deur6607 van de tent168 der samenkomst,4150 voor het aangezicht6440 des HEEREN;3068 en hij zal zijn hand3027 op het hoofd7218 van dien var6499 leggen,5564 8804 en hij zal dien var6499 slachten7819 8804 voor het aangezicht6440 des HEEREN.3068 Daarna zal die gezalfde4899 priester3548 van het bloed1818 van den var6499 nemen,3947 8804 en hij zal dat tot de tent168 der samenkomst4150 brengen.935 8689 En de priester3548 zal zijn vinger676 in dat bloed1818 dopen;2881 8804 en van dat bloed1818 zal hij zevenmaal7651 6471 sprengen5137 8689 voor het aangezicht6440 des HEEREN,3068 voor6440 den voorhang6532 van het heilige.6944 Ook zal de priester3548 van dat bloed1818 doen5414 8804 op de hoornen7161 des reukaltaars4196 der welriekende7004 specerijen,5561 voor het aangezicht6440 des HEEREN,3068 dat in de tent168 der samenkomst4150 is; zal hij al het bloed1818 van den var6499 uitgieten8210 8799 aan den bodem3247 van het altaar4196 des brandoffers,5930 hetwelk is aan de deur6607 van de tent168 der samenkomst.4150 Verder, al het vet2459 van den var6499 des zondoffers2403 zal hij daarvan opnemen;7311 8686 het vet2459 bedekkende3680 8764 het ingewand,7130 en al het vet,2459 dat aan het ingewand7130 is; Daartoe de twee8147 nieren,3629 en het vet,2459 dat daaraan is, dat aan de weekdarmen3689 is, en het 3508 over de lever,3516 met de nieren,3629 zal hij afnemen;5493 8686 Gelijk als het van den os7794 des dankoffers2077 8002 opgenomen wordt;7311 8714 en de priester3548 zal die aansteken6999 8689 op het altaar4196 des brandoffers.5930 Maar de huid5785 van dien var,6499 en al zijn vlees,1320 met zijn hoofd7218 en met zijn schenkelen,3767 en zijn ingewand,7130 en zijn mest;6569 En dien gehelen var6499 zal hij tot buiten2351 het leger4264 uitvoeren,3318 8689 aan een reine2889 plaats,4725 waar men de as1880 uitstort,8211 en zal hem met vuur784 op het hout6086 verbranden;8313 8804 bij413 de uitgegoten8211 as1880 zal hij verbrand worden.8313 8735 Indien nu de gehele vergadering5712 van 3478 afgedwaald zal zijn,7686 8799 en de zaak1697 voor de ogen5869 der gemeente6951 verborgen is,5956 8738 en zij iets gedaan zullen hebben6213 8804 [tegen] enige259 van alle geboden4687 des HEEREN,3068 dat niet zoude gedaan worden,6213 8735 en zijn schuldig geworden;816 8804 En die zonde,2403 die zij daartegen gezondigd zullen hebben,2398 8804 bekend is geworden;3045 8738 zo zal de gemeente6951 een var,6499 een jong1121 rund,1241 ten zondoffer2403 offeren,7126 8689 en dien voor6440 de tent168 der samenkomst4150 brengen;935 8689 En de oudsten2205 der vergadering5712 zullen hun handen3027 op het hoofd7218 van den var6499 leggen,5564 8804 voor het aangezicht6440 des HEEREN;3068 en hij zal den var6499 slachten7819 8804 voor het aangezicht6440 des HEEREN.3068 Daarna zal die gezalfde4899 priester3548 van het bloed1818 van den var6499 tot de tent168 der samenkomst4150 brengen.935 8689 En de priester3548 zal zijn vinger676 indopen,2881 8804 [nemende] van dat bloed;1818 en hij zal zevenmaal7651 6471 sprengen5137 8689 voor het aangezicht6440 des HEEREN,3068 voor6440 den voorhang.6532 En van dat bloed1818 zal hij doen5414 8799 op de hoornen7161 van het altaar,4196 dat voor het aangezicht6440 des HEEREN3068 is, dat in de tent168 der samenkomst4150 is; zal hij al het bloed1818 uitgieten,8210 8799 aan den bodem3247 van het altaar4196 des brandoffers,5930 hetwelk is voor de deur6607 van de tent168 der samenkomst.4150 Daartoe zal hij al zijn vet2459 van hem opnemen,7311 8686 en op het altaar4196 aansteken.6999 8689 En hij zal dezen var6499 doen,6213 8804 gelijk als hij den var6499 des zondoffers2403 gedaan heeft,6213 8804 alzo zal hij hem doen;6213 8799 en de priester3548 zal voor hen verzoening doen,3722 8765 en het zal hun vergeven worden.5545 8738 Daarna zal hij dien var6499 tot buiten2351 het leger4264 uitvoeren,3318 8689 en zal hem verbranden,8313 8804 gelijk als hij den eersten7223 var6499 verbrand heeft;8313 8804 het is een zondoffer2403 der gemeente.6951 Als een overste5387 zal gezondigd hebben,2398 8799 en tegen een259 van de geboden4687 des HEEREN3068 zijns ,430 door afdwaling,7684 gedaan zal hebben,6213 8804 hetwelk niet zou gedaan worden,6213 8735 zodat hij schuldig is;816 8804 Of men zijn zonde,2403 die hij daartegen gezondigd heeft,2398 8804 aan hem zal bekend gemaakt hebben;3045 8717 zo zal hij tot zijn offer7133 brengen935 8689 een geitenbok,8163 5795 een volkomen8549 mannetje.2145 En hij zal zijn hand3027 op het hoofd7218 van den bok8163 leggen,5564 8804 en zal hem slachten7819 8804 in de plaats,4725 waar men het brandoffer5930 slacht7819 8799 voor het aangezicht6440 des HEEREN;3068 het is een zondoffer.2403 Daarna zal de priester3548 van het bloed1818 des zondoffers2403 met zijn vinger676 nemen,3947 8804 en [dat] op de hoornen7161 van het altaar4196 des brandoffers5930 doen;5414 8804 zal hij zijn bloed1818 aan den bodem3247 van het altaar4196 des brandoffers5930 uitgieten.8210 8799 Hij zal ook al zijn vet2459 op het altaar4196 aansteken,6999 8686 gelijk het vet2459 des dankoffers;2077 8002 zo zal de priester3548 voor hem verzoening doen3722 8765 van zijn zonden,2403 en het zal hem vergeven worden.5545 8738 En zo enig259 mens5315 van het volk5971 des lands776 door afdwaling7684 zal gezondigd hebben,2398 8799 dewijl hij iets doet6213 8800 [tegen] een259 van de geboden4687 des HEEREN,3068 dat niet gedaan zou worden,6213 8735 zodat hij schuldig is;816 8804 Of men zijn zonde,2403 die hij gezondigd heeft,2398 8804 aan hem zal bekend gemaakt hebben;3045 8717 zo zal hij tot zijn offerande7133 brengen935 8689 een jonge8166 geit,5795 een volkomen8549 wijfje,5347 voor zijn zonde,2403 die hij gezondigd heeft.2398 8804 En hij zal zijn hand3027 op het hoofd7218 des zondoffers2403 leggen;5564 8804 en men zal dat zondoffer2403 slachten7819 8804 in de plaats4725 des brandoffers.5930 Daarna zal de priester3548 van haar bloed1818 met zijn vinger676 nemen,3947 8804 en doen5414 8804 het op de hoornen7161 van het altaar4196 des brandoffers;5930 zal hij al het bloed1818 daarvan aan den bodem3247 van dat altaar4196 uitgieten.8210 8799 En al haar vet2459 zal hij afnemen,5493 8686 gelijk als het vet2459 van het dankoffer2077 8002 afgenomen wordt,5493 8717 en de priester3548 zal het aansteken6999 8689 op het altaar,4196 tot een liefelijken5207 reuk7381 den HEERE;3068 en de priester3548 zal voor hem verzoening doen,3722 8765 en het zal hem vergeven worden.5545 8738 Maar zo hij een lam3532 voor zijn offerande7133 ten zondoffer2403 brengt,935 8686 het zal een volkomen8549 wijfje5347 zijn, dat hij brengt.935 8686 En hij zal zijn hand3027 op het hoofd7218 des zondoffers2403 leggen,5564 8804 en hij zal dat slachten7819 8804 tot een zondoffer,2403 in de plaats,4725 waar men het brandoffer5930 slacht.7819 8799 Daarna zal de priester3548 van het bloed1818 des zondoffers2403 met zijn vinger676 nemen,3947 8804 en zal het doen5414 8804 op de hoornen7161 van het altaar4196 des brandoffers;5930 zal hij al het bloed1818 daarvan aan den bodem3247 van dat altaar4196 uitgieten.8210 8799 En al het vet2459 daarvan zal hij afnemen,5493 8686 gelijk als het vet2459 van het lam3775 des dankoffers2077 8002 afgenomen wordt,5493 8714 en de priester3548 zal die aansteken6999 8689 op het altaar,4196 op de vuurofferen801 des HEEREN;3068 en de priester3548 zal voor hem verzoening doen3722 8765 over zijn zonde,2403 die hij gezondigd heeft,2398 8804 en het zal hem vergeven worden.5545 8738