Micah 3:4

“Alsdan227 zullen zij roepen2199 8799 tot413 den HEERE,3068 doch Hij zal hen niet3808 verhoren;6030 8799 maar zal Zijn aangezicht6440 te dier1931 tijd6256 voor4480 hen verbergen,5641 8686 gelijk als834 zij hun handelingen4611 kwaad gemaakt hebben.7489 8689”

Micah 3:4 — Statenvertaling (1637)

Verse 4 of 12 in Micah chapter 3 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Micah 3 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Voorts zeide ik:559 8799 Hoort8085 8798 nu,4994 gij hoofden7218 ,3290 en gij oversten7101 van het huis1004 !3478 het ulieden niet3808 het recht4941 te weten?3045 8800 Zij haten8130 8802 het goede,2896 en hebben157 het kwade7451 lief;157 8802 zij roven1497 8802 hun huid5785 van4480 5921 hen af, en hun vlees7607 van4480 5921 hun beenderen.6106 Ja, zij zijn het, die834 het vlees7607 mijns volks5971 eten,398 8804 en4480 5921 hun huid5785 afstropen,6584 8689 en hun beenderen6106 verbreken;6476 8765 en vaneen leggen,6566 8804 gelijk als834 in een pot,5518 en als vlees1320 in het midden8432 eens ketels.7037 Alsdan227 zullen zij roepen2199 8799 tot413 den HEERE,3068 doch zal hen niet3808 verhoren;6030 8799 maar zal aangezicht6440 te dier1931 tijd6256 voor4480 hen verbergen,5641 8686 gelijk als834 zij hun handelingen4611 kwaad gemaakt hebben.7489 8689 Alzo3541 zegt559 8804 de HEERE,3068 tegen5921 de profeten,5030 die volk5971 verleiden;8582 8688 die met hun tanden8127 bijten,5391 8802 en roepen7121 8804 vrede7965 uit; maar die834 niet3808 geeft5414 8799 in5921 hun mond,6310 tegen5921 dien zo heiligen zij6942 8765 een krijg.4421 Daarom3651 zal het nacht3915 voor ulieden worden vanwege4480 het gezicht,2377 en ulieden zal duisternis zijn2821 8675 2821 8804 vanwege4480 de waarzegging;7080 8800 en de zon8121 zal over5921 deze profeten5030 ondergaan;935 8804 en de dag3117 zal over5921 hen zwart worden.6937 8804 En de zieners2374 zullen beschaamd,954 8804 en de waarzeggers7080 8802 schaamrood worden;2659 8804 en zij zullen al te zamen3605 de bovenste5921 lip8222 bewimpelen;5844 8804 want3588 er zal geen369 antwoord4617 Gods430 zijn.369 Maar waarlijk,199 ik595 ben vol4390 8804 krachts3581 van den Geest7307 des HEEREN;3068 en [vol] van gericht4941 en dapperheid,1369 om Jakob3290 te verkondigen5046 8687 zijn overtreding,6588 en 3478 zijn zonde.2403 Hoort8085 8798 nu4994 dit,2063 gij hoofden7218 van het huis1004 ,3290 en gij oversten7101 van het huis1004 !3478 die van het gericht4941 een gruwel hebt,8581 8764 en al3605 wat recht3477 is verkeert;6140 8762 Bouwende1129 8802 Sion6726 met bloed,1818 en Jeruzalem3389 met onrecht.5766 Haar hoofden7218 rechten8199 8799 om geschenken,7810 en haar priesters3548 leren3384 8686 om loon,4242 en haar profeten5030 waarzeggen7080 8799 om geld;3701 nog steunen zij8172 8735 op5921 den HEERE,3068 zeggende:559 8800 Is de HEERE3068 niet3808 in het midden7130 van ons?5921 zal geen3808 kwaad7451 overkomen.935 8799 Daarom,3651 om uwentwil,1558 zal Sion6726 [als] een akker7704 geploegd worden,2790 8735 en Jeruzalem3389 zal [tot] steenhopen5856 worden,1961 8799 en de berg2022 dezes huizes1004 tot hoogten1116 eens wouds.3293

Every verse in Micah 3

Chapter navigation

0:000:00