Numbers 11:10

“Toen hoorde8085 8799 Mozes4872 het volk5971 wenen1058 8802 door hun huisgezinnen,4940 een ieder376 aan de deur6607 zijner hut;168 en de toorn639 des HEEREN3068 ontstak2734 8799 zeer;3966 ook was het kwaad7489 8804 in de ogen5869 van Mozes.4872”

Numbers 11:10 — Statenvertaling (1637)

Verse 10 of 35 in Numbers chapter 11 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Numbers 11 — full chapter (Statenvertaling (1637))

En het geschiedde, als het volk5971 zich was beklagende,596 8693 [dat] het kwaad7451 was in de oren241 des HEEREN;3068 want de HEERE3068 hoorde8085 8799 het, zodat toorn639 ontstak,2734 8799 en het vuur784 des HEEREN3068 onder hen ontbrandde,1197 8799 en verteerde,398 8799 in het uiterste7097 des legers.4264 Toen riep6817 8799 het volk5971 tot ;4872 en Mozes4872 bad6419 8691 tot den HEERE;3068 en het vuur784 werd gedempt.8257 8799 Daarom noemde hij7121 8799 den naam8034 dier1931 plaats4725 -era,8404 omdat het vuur784 des HEEREN3068 onder hen gebrand had.1197 8804 En het gemene volk,628 dat in het midden7130 van hen was, werd met lust8378 bevangen;183 8694 daarom zo weenden1058 8799 ook de kinderen1121 Israels3478 wederom,7725 8799 en zeiden:559 8799 zal ons vlees1320 te eten geven?398 8686 Wij gedenken2142 8804 aan de vissen,1710 die wij in Egypte4714 om niet2600 aten;398 8799 aan de komkommers,7180 en aan de pompoenen,20 en aan het look,2682 en aan de ajuinen,1211 en aan het knoflook.7762 Maar nu is onze ziel5315 dor,3002 er is niet met al, behalve1115 dit Man4478 voor onze ogen!5869 Het Man4478 nu was als korianderzaad,1407 2233 en zijn verf5869 was als de verf5869 van den bedolah.916 Het volk5971 liep hier en daar,7751 8804 en verzamelde3950 8804 [het], en maalde2912 8804 het met molens,7347 of stiet1743 8804 het in mortieren,4085 en zood1310 8765 het in potten,6517 en maakte6213 8804 daarvan koeken;5692 en zijn smaak2940 was als de smaak2940 van de beste vochtigheid3955 der olie.8081 En wanneer de dauw2919 des nachts3915 op het leger4264 nederviel,3381 8800 viel3381 8799 het Man4478 op hetzelve neder. Toen hoorde8085 8799 Mozes4872 het volk5971 wenen1058 8802 door hun huisgezinnen,4940 een ieder376 aan de deur6607 zijner hut;168 en de toorn639 des HEEREN3068 ontstak2734 8799 zeer;3966 ook was het kwaad7489 8804 in de ogen5869 van .4872 En Mozes4872 zeide559 8799 tot de HEERE:3068 hebt aan Uw knecht5650 kwalijk gedaan,7489 8689 en waarom heb ik geen genade2580 in Uw ogen5869 gevonden,4672 8804 dat den last4853 van dit ganse volk5971 op mij legt?7760 8800 Heb ik al dit volk5971 ontvangen?2029 8804 heb ik het gebaard?3205 8804 dat tot mij zoudt zeggen:559 8799 Draag5375 8798 het in uw schoot,2436 gelijk als een voedstervader539 8802 den zuigeling3243 8802 draagt,5375 8799 tot dat land,127 hetwelk hun vaderen1 gezworen hebt?7650 8738 Van waar370 zou ik het vlees1320 hebben, om al dit volk5971 te geven?5414 8800 zij wenen1058 8799 tegen mij, zeggende:559 8800 Geef5414 8798 ons vlees,1320 dat wij eten!398 8799 Ik alleen905 kan3201 8799 al dit volk5971 niet dragen;5375 8800 want het is mij te zwaar!3515 En indien alzo aan mij doet,6213 8802 dood2026 8798 mij toch slechts,2026 8800 indien ik genade2580 in Uw ogen5869 gevonden heb;4672 8804 en laat mij mijn ongeluk7451 niet aanzien!7200 8799 En de HEERE3068 zeide559 8799 tot :4872 Verzamel622 8798 zeventig7657 mannen376 uit de oudsten2205 van ,3478 dewelke gij weet,3045 8804 dat zij de oudsten2205 des volks5971 en deszelfs ambtlieden7860 8802 zijn; en gij zult hen brengen3947 8804 voor de tent168 der samenkomst,4150 en zij zullen zich daar bij u stellen.3320 8694 Zo zal Ik afkomen3381 8804 en met u aldaar spreken;1696 8765 en van den ,7307 die op u is, zal Ik afzonderen,680 8804 en op hen leggen;7760 8804 en zij zullen met u den last4853 van dit volk5971 dragen,5375 8804 opdat gij [dien] alleen niet draagt.5375 8799 En tot het volk5971 zult gij zeggen:559 8799 u6942 8690 tegen morgen,4279 en gij zult vlees1320 eten;398 8804 want gij hebt voor de oren241 des HEEREN3068 geweend,1058 8804 zeggende:559 8800 zal ons vlees1320 te eten geven?398 8686 want het ging ons wel2895 8804 in !4714 zal de HEERE3068 u vlees1320 geven,5414 8804 en gij zult eten.398 8804 Gij zult niet een259 dag,3117 noch twee dagen3117 eten,398 8799 noch vijf2568 dagen,3117 noch tien6235 dagen,3117 noch twintig6242 dagen;3117 Tot een gehele3117 maand2320 toe, totdat het uit uw neus639 uitga,3318 8799 en u tot walging2214 zij; overmits3282 gij den HEERE,3068 in het midden7130 van u is, verworpen hebt,3988 8804 en hebt voor aangezicht6440 geweend,1058 8799 zeggende:559 8800 nu zijn wij uit Egypte4714 getogen?3318 8804 En Mozes4872 zeide:559 8799 Zeshonderd8337 3967 duizend505 te voet7273 is dit volk,5971 in welks midden7130 ik ben; en hebt gezegd:559 8804 Ik zal hun vlees1320 geven,5414 8799 en zij zullen een gehele3117 maand2320 eten!398 8804 Zullen voor hen schapen6629 en runderen1241 geslacht worden,7819 8735 dat voor hen genoeg zij?4672 8804 zullen al de vissen1709 der zee3220 voor hen verzameld worden,622 8735 dat voor hen genoeg zij?4672 8804 Doch de HEERE3068 zeide559 8799 tot :4872 des HEEREN3068 hand3027 verkort zijn?7114 8799 zult nu zien,7200 8799 of woord1697 u wedervaren zal,7136 8799 of niet. En Mozes4872 ging uit,3318 8799 en sprak1696 8762 de woorden1697 des HEEREN3068 tot het volk;5971 en hij verzamelde622 8799 zeventig7657 mannen376 uit de oudsten2205 des volks,5971 en stelde5975 8686 hen rondom5439 de tent.168 Toen kwam3381 de HEERE3068 af3381 8799 in de wolk,6051 en sprak1696 8762 tot hem, en afzonderende680 8686 van den ,7307 die op hem was, legde5414 8799 [] op de zeventig7657 mannen,376 die oudsten;2205 en het geschiedde, als de Geest7307 op hen rustte,5117 8800 dat zij profeteerden,5012 8691 maar daarna niet meer.3254 8804 Maar twee8147 mannen582 waren in het leger4264 overgebleven;7604 8735 des enen259 naam8034 was ,419 en des anderen8145 naam8034 ;4312 en die Geest7307 rustte5117 8799 op hen (want zij waren onder de aangeschrevenen,3789 8803 hoewel zij tot de tent168 niet uitgegaan waren3318 8804), en zij profeteerden5012 8691 in het leger.4264 Toen liep7323 8799 een jongen5288 heen, en boodschapte5046 8686 aan ,4872 en zeide:559 8799 Eldad419 en Medad4312 profeteren5012 8693 in het leger.4264 En ,3091 de zoon1121 van ,5126 de dienaar8334 8764 van ,4872 een van zijn uitgelezen jongelingen,979 antwoordde6030 8799 en zeide:559 8799 heer113 ,4872 verbied3607 8798 hun! Doch Mozes4872 zeide559 8799 tot hem: Zijt gij voor mij ijverende?7065 8764 ,5414 8799 of al het volk5971 des HEEREN3068 profeten5030 waren, dat de HEERE3068 Geest7307 over hen gave!5414 8799 Daarna verzamelde zich622 8735 Mozes4872 tot het leger,4264 hij en de oudsten2205 van .3478 Toen voer5265 een wind7307 uit5265 8804 van den HEERE,3068 en raapte1468 8799 kwakkelen7958 van de zee,3220 en strooide5203 8799 ze bij het leger,4264 omtrent een dagreize3117 1870 herwaarts,3541 en omtrent een dagreize3117 1870 derwaarts,3541 rondom5439 het leger;4264 en zij waren omtrent twee ellen520 boven6440 de aarde.776 Toen maakte zich6965 het volk5971 op,6965 8799 dien gehelen dag,3117 en dien gansen nacht,3915 en den gansen anderen4283 dag,3117 en verzamelden622 8799 de kwakkelen;7958 die het minst had,4591 8688 had tien6235 homers2563 verzameld;622 8804 en zij spreidden7849 8799 ze voor zich7849 8800 van elkander rondom5439 het leger.4264 Dat vlees1320 was nog2962 tussen hun tanden,8127 eer het gekauwd was,3772 8735 zo ontstak2734 8804 de toorn639 des HEEREN3068 tegen het volk,5971 en de HEERE3068 sloeg5221 8686 het volk5971 met een zeer3966 grote7227 plaag.4347 Daarom heet men7121 8799 den naam8034 derzelver plaats4725 ;6914 want daar begroeven zij6912 8804 het volk,5971 dat belust was geweest.183 8693 Van Thaava6914 verreisde5265 8804 het volk5971 naar ;2698 en zij bleven in .2698

Every verse in Numbers 11

Chapter navigation

0:000:00