Proverbs 12:11
“Die zijn land127 bouwt,5647 8802 zal van brood3899 verzadigd worden;7646 8799 maar die ijdele7386 [mensen] volgt,7291 8764 is verstandeloos.2638 3820”
Proverbs 12:11 — Statenvertaling (1637)
Verse 11 of 28 in Proverbs chapter 12 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Proverbs 12 — full chapter (Statenvertaling (1637))
Wie de tucht4148 liefheeft,157 8802 die heeft157 de wetenschap1847 lief;157 8802 maar wie de bestraffing8433 haat,8130 8802 is onvernuftig.1198 De goede2896 zal een welgevallen7522 trekken6329 8686 van den HEERE;3068 maar een man376 van schandelijke verdichtselen4209 zal verdoemen.7561 8686 De mens120 zal niet bevestigd worden3559 8735 door goddeloosheid;7562 maar de wortel8328 der rechtvaardigen6662 zal niet bewogen worden.4131 8735 Een kloeke2428 huisvrouw802 is een kroon5850 haars heren;1167 maar die beschaamt maakt,954 8688 is als verrotting7538 in zijn beenderen.6106 Der rechtvaardigen6662 gedachten4284 zijn recht;4941 der goddelozen7563 raadslagen8458 zijn bedrog.4820 De woorden1697 der goddelozen7563 zijn om op bloed1818 te loeren;693 8800 maar de mond6310 der oprechten3477 zal ze redden.5337 8686 De goddelozen7563 worden omgekeerd,2015 8800 dat zij niet [meer] zijn; maar het huis1004 der rechtvaardigen6662 zal bestaan.5975 8799 Een ieder376 zal geprezen worden,1984 8792 naardat6310 zijn verstandigheid7922 is; maar die verkeerd5753 van hart3820 is,5753 8737 zal tot verachting937 wezen. Beter2896 is, die zich gering acht,7034 8737 en een knecht5650 heeft, die zichzelven eert,3513 8693 en des broods3899 gebrek2638 heeft. De rechtvaardige6662 kent3045 8802 het leven5315 van zijn beest;929 maar de barmhartigheden7356 der goddelozen7563 zijn wreed.394 Die zijn land127 bouwt,5647 8802 zal van brood3899 verzadigd worden;7646 8799 maar die ijdele7386 [mensen] volgt,7291 8764 is verstandeloos.2638 3820 De goddeloze7563 begeert2530 8804 het 4685 der bozen;7451 maar de wortel8328 der rechtvaardigen6662 zal uitgeven.5414 8799 In de overtreding6588 der lippen8193 is de strik4170 des bozen;7451 maar de rechtvaardige6662 zal uit de benauwdheid6869 uitkomen.3318 8799 Een ieder376 wordt van de vrucht6529 des monds6310 met goed2896 verzadigd;7646 8799 en de vergelding1576 van des mensen120 handen3027 zal hij tot zich wederbrengen.7725 8686 8675 7725 8799 De weg1870 des dwazen191 is recht3477 in zijn ogen;5869 maar die naar raad6098 hoort,8085 8802 is wijs.2450 De toorn3708 des dwazen191 wordt ten zelven dage3117 bekend;3045 8735 maar die kloekzinnig6175 is, bedekt3680 8802 de schande.7036 Die waarheid530 voortbrengt,6315 8686 maakt gerechtigheid6664 bekend;5046 8686 maar een getuige5707 der valsheden,8267 bedrog.4820 Daar is3426 een, die [woorden] als steken4094 van een zwaard2719 onbedachtelijk uitspreekt;981 8802 maar de tong3956 der wijzen2450 is medicijn.4832 Een waarachtige571 lip8193 zal bevestigd worden3559 8735 in eeuwigheid;5703 maar een valse8267 tong3956 is [maar] voor een ogenblik.7280 8686 Bedrog4820 is in het hart3820 dergenen, die kwaad7451 smeden;2790 8802 maar degenen die vrede7965 raden,3289 8802 hebben blijdschap.8057 Den rechtvaardigen6662 zal geen leed205 wedervaren;579 8792 maar de goddelozen7563 zullen met kwaad7451 vervuld worden.4390 8804 Valse8267 lippen8193 zijn den HEERE3068 een gruwel;8441 maar die trouwelijk530 handelen,6213 8802 zijn welgevallen.7522 Een kloekzinnig6175 mens120 bedekt3680 8802 de wetenschap;1847 maar het hart3820 der zotten3684 roept7121 dwaasheid200 uit.7121 8799 De hand3027 der vlijtigen2742 zal heersen;4910 8799 maar de bedriegers7423 zullen onder cijns4522 wezen. Bekommernis1674 in het hart3820 des mensen376 buigt het neder;7812 8686 maar een goed2896 woord1697 verblijdt8055 8762 het. De rechtvaardige6662 is voortreffelijker8446 8686 zijn naaste;7453 maar de weg1870 der goddelozen7563 doet hen dwalen.8582 8686 Een bedrieger7423 zal zijn jachtvang6718 niet braden;2760 8799 maar het kostelijk3368 goed1952 des mensen120 is des vlijtigen.2742 In het pad734 der gerechtigheid6666 is het leven;2416 en [in] den weg1870 [van] [haar] voetpad5410 is de dood4194 niet.