Proverbs 16:11
“Een rechte4941 waag6425 en weegschaal3976 zijn des HEEREN;3068 alle weegstenen68 des zaks3599 zijn Zijn werk.4639”
Proverbs 16:11 — Statenvertaling (1637)
Verse 11 of 33 in Proverbs chapter 16 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Proverbs 16 — full chapter (Statenvertaling (1637))
De mens120 heeft schikkingen4633 des harten;3820 maar het antwoord4617 der tong3956 is van den HEERE.3068 Alle wegen1870 des mans376 zijn zuiver2134 in zijn ogen;5869 maar de HEERE3068 weegt8505 8802 de geesten.7307 Wentel1556 8798 uw werken4639 op den HEERE,3068 en uw gedachten4284 zullen bevestigd worden.3559 8735 De HEERE3068 heeft alles gewrocht6466 8804 om Zelfs4617 wil; ja, ook den goddeloze7563 tot den dag3117 des kwaads.7451 Al wie hoog1362 is van hart,3820 is den HEERE3068 een gruwel;8441 hand3027 aan hand,3027 zal hij niet onschuldig zijn.5352 8735 Door goedertierenheid2617 en trouw571 wordt de misdaad5771 verzoend;3722 8792 en door de vreze3374 des HEEREN3068 wijkt men af5493 8800 van het kwade.7451 Als iemands376 wegen1870 den HEERE3068 behagen,7521 8800 zo zal ook zijn vijanden341 8802 met hem bevredigen.7999 8686 Beter2896 is een weinig4592 met gerechtigheid,6666 de veelheid7230 der inkomsten8393 zonder recht.4941 Het hart3820 des mensen120 overdenkt2803 8762 zijn weg;1870 maar de HEERE3068 stiert3559 8686 zijn gang.6806 Waarzegging7081 is op de lippen8193 des konings;4428 zijn mond6310 zal niet overtreden4603 8799 in het gericht.4941 Een rechte4941 waag6425 en weegschaal3976 zijn des HEEREN;3068 alle weegstenen68 des zaks3599 zijn werk.4639 Het is der koningen4428 gruwel8441 goddeloosheid7562 te doen;6213 8800 want door gerechtigheid6666 wordt de troon3678 bevestigd.3559 8735 De lippen8193 der gerechtigheid6664 zijn het welgevallen7522 der koningen;4428 en elkeen van hen zal liefhebben157 8799 dien, die rechte3477 dingen spreekt.1696 8802 De grimmigheid2534 des konings4428 is [als] de boden4397 des doods;4194 maar een wijs2450 man376 zal die verzoenen.3722 8762 In het licht216 van des konings4428 aangezicht6440 is leven;2416 en zijn welgevallen7522 is als een wolk5645 des spaden regens.4456 Hoeveel beter2896 is het wijsheid2451 te bekomen,7069 8800 uitgegraven goud,2742 en uitnemender,977 8737 verstand998 te bekomen,7069 8800 zilver!3701 De baan4546 der oprechten3477 is van het kwaad7451 af te wijken;5493 8800 hij behoedt8104 8802 zijn ziel,5315 die zijn weg1870 bewaart.5341 8802 Hovaardigheid1347 is voor6440 de verbreking,7667 en hoogheid1363 des geestes7307 voor6440 den val.3783 Het is beter2896 nederig8217 van geest7307 te zijn met de zachtmoedigen,6035 8675 6041 roof7998 te delen2505 8763 met de hovaardigen.1343 Die op het woord1697 verstandelijk7919 8688 let, zal het goede2896 vinden;4672 8799 en die op den HEERE3068 vertrouwt,982 8802 is welgelukzalig.835 De wijze2450 van hart3820 zal verstandig995 8737 genoemd worden;7121 8735 en de zoetheid4986 der lippen8193 zal de lering3948 vermeerderen.3254 8686 Het verstand7922 dergenen, die het bezitten,1167 is een springader4726 des levens;2416 maar de tucht4148 der dwazen191 is dwaasheid.200 Het hart3820 eens wijzen2450 maakt7919 zijn mond6310 verstandig,7919 8686 en zal op zijn lippen8193 de lering3948 vermeerderen.3254 8686 Liefelijke5278 redenen561 zijn een honigraat,6688 1706 zoet4966 voor de ziel,5315 en medicijn4832 voor het gebeente.6106 Er is3426 een weg,1870 die iemand6440 376 recht3477 schijnt; maar het laatste319 van dien zijn wegen1870 des doods.4194 De ziel5315 des arbeidzamen6001 arbeidt5998 8804 voor zichzelven; want zijn mond6310 buigt zich404 8804 voor hem. Een Belialsman1100 376 graaft3738 8802 kwaad;7451 en op zijn lippen8193 is als brandend6867 vuur.784 Een verkeerd8419 man376 zal krakeel4066 inwerpen;7971 8762 en een oorblazer5372 scheidt6504 8688 den voornaamsten vriend.441 Een man376 des gewelds2555 verlokt6601 8762 zijn naaste,7453 en hij leidt3212 8689 hem in een weg,1870 die niet goed2896 is. Hij sluit6095 8802 zijn ogen,5869 om verkeerdheden8419 te bedenken;2803 8800 zijn lippen8193 bijtende,7169 8802 volbrengt hij3615 8765 het kwaad.7451 De grijsheid7872 is een sierlijke8597 kroon;5850 zij wordt op den weg1870 der gerechtigheid6666 gevonden.4672 8735 De lankmoedige750 639 is beter2896 de sterke;1368 en die heerst4910 8802 over zijn geest,7307 die een stad5892 inneemt.3920 8802 Het 1486 wordt in den schoot2436 geworpen;2904 8714 maar het gehele beleid4941 daarvan is van den HEERE.3068