Proverbs 17:26
“Het is niet goed,2896 den rechtvaardige6662 ook te doen boeten,6064 8800 dat de prinsen5081 [iemand] slaan zouden5221 8687 om hetgeen recht3476 is.”
Proverbs 17:26 — Statenvertaling (1637)
Verse 26 of 28 in Proverbs chapter 17 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Proverbs 17 — full chapter (Statenvertaling (1637))
Een droge2720 bete,6595 en rust7962 daarbij, is beter,2896 een huis1004 vol4392 van geslachte beesten2077 met twist.7379 Een verstandig7919 8688 knecht5650 zal heersen4910 8799 over een zoon,1121 die beschaamd maakt,954 8688 en in het midden8432 der broederen251 zal hij erfenis5159 delen.2505 8799 De smeltkroes4715 is voor het zilver,3701 en de oven3564 voor het goud;2091 maar de HEERE3068 proeft974 8802 de harten.3826 De boosdoener7489 8688 merkt op7181 8688 de ongerechtige205 lip;8193 een leugenaar8267 neigt het oor238 8688 tot de verkeerde1942 tong.3956 Die den arme7326 8802 bespot,3932 8802 smaadt2778 8765 deszelfs ;6213 8802 die zich verblijdt8056 in het verderf,343 zal niet onschuldig zijn.5352 8735 De kroon5850 de ouden2205 zijn de kindskinderen,1121 1121 en der kinderen1121 sieraad8597 zijn hun vaderen.1 Een voortreffelijke3499 lip8193 past5000 een dwaze5036 niet, veelmin een prins5081 een leugenachtige8267 lip.8193 Het geschenk7810 is in de ogen5869 zijner heren1167 een aangenaam2580 gesteente;68 waarhenen het zich zal wenden,6437 8799 zal het wel gedijen.7919 8686 Die de overtreding6588 toedekt,3680 8764 zoekt1245 8764 liefde;160 maar die de zaak1697 weder ophaalt,8138 8802 scheidt6504 8688 den voornaamsten vriend.441 De bestraffing1606 gaat dieper5181 8799 in den verstandige,995 8688 den zot3684 honderdmaal3967 te slaan.5221 8687 Zekerlijk, de wederspannige7451 zoekt1245 8762 het kwaad;4805 maar een wrede394 bode4397 zal tegen hem gezonden worden.7971 8792 Dat een beer,1677 die van jongen beroofd is,7909 een man376 tegemoet kome,6298 8800 maar niet408 een zot3684 in zijn dwaasheid.200 Die kwaad7451 voor goed2896 vergeldt,7725 8688 het kwaad7451 zal van zijn huis1004 niet wijken.4185 8799 8675 4185 8686 Het begin7225 des krakeels4066 is [gelijk] een, die het water4325 opening geeft;6362 8802 daarom verlaat5203 8800 den twist,7379 eer6440 hij zich vermengt.1566 8694 Wie den goddeloze7563 rechtvaardigt,6663 8688 en den rechtvaardige6662 verdoemt,7561 8688 zijn den HEERE3068 een gruwel,8441 ja, die beiden.8147 Waarom toch zou in de hand3027 des zots3684 het koopgeld4242 zijn, om wijsheid2451 te kopen,7069 8800 dewijl hij geen verstand3820 heeft? Een vriend7453 heeft157 te aller tijd6256 lief;157 8802 en een broeder251 wordt in de benauwdheid6869 geboren.3205 8735 Een verstandeloos2638 3820 mens120 klapt8628 8802 in de hand,3709 zich borg6161 stellende6148 8802 bij6440 zijn naaste.7453 Die het gekijf4683 liefheeft,157 8802 heeft157 de overtreding6588 lief;157 8802 die zijn deur6607 verhoogt,1361 8688 zoekt1245 8764 verbreking.7667 Wie verdraaid6141 is van hart,3820 zal het goede2896 niet vinden;4672 8799 en die verkeerd2015 8738 is met zijn tong,3956 zal in het kwaad7451 vallen.5307 8799 Wie een zot3684 genereert,3205 8802 [die] zal hem tot droefheid8424 zijn; en de vader1 des dwazen5036 zal zich niet verblijden.8055 8799 Een blij8056 hart3820 zal een medicijn1456 goed maken;3190 8686 maar een verslagen5218 geest7307 zal het gebeente1634 verdrogen.3001 8762 De goddeloze7563 zal het geschenk7810 uit den schoot2436 nemen,3947 8799 om de paden734 des rechts4941 te buigen.5186 8687 In het aangezicht6440 des verstandigen995 8688 is wijsheid;2451 maar de ogen5869 des zots3684 zijn in het einde7097 der aarde.776 Een zotte3684 zoon1121 is een verdriet3708 voor zijn vader,1 en bittere droefheid4470 voor degene, die hem gebaard heeft.3205 8802 Het is niet goed,2896 den rechtvaardige6662 ook te doen boeten,6064 8800 dat de prinsen5081 [iemand] slaan zouden5221 8687 om hetgeen recht3476 is. Wie wetenschap1847 weet,3045 8802 houdt2820 zijn woorden561 in;2820 8802 [en] een man376 van verstand8394 is kostelijk3368 8675 7119 van geest.7307 Een dwaas191 zelfs, die zwijgt,2790 8688 zal wijs2450 geacht worden,2803 8735 [en] die zijn lippen8193 toesluit,331 8801 verstandig.995 8737