Psalms 116:2
“Want Hij neigt5186 8689 Zijn oor241 tot mij; dies zal ik [Hem] in mijn dagen3117 aanroepen.7121 8799”
Psalms 116:2 — Statenvertaling (1637)
Verse 2 of 19 in Psalms chapter 116 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.
Psalms 116 — full chapter (Statenvertaling (1637))
Ik heb lief,157 8804 want de HEERE3068 hoort8085 8799 mijn stem,6963 mijn smekingen;8469 Want neigt5186 8689 oor241 tot mij; dies zal ik [] in mijn dagen3117 aanroepen.7121 8799 De banden2256 des doods4194 hadden mij omvangen,661 8804 en de angsten4712 der hel7585 hadden mij getroffen;4672 8804 ik vond4672 8799 benauwdheid6869 en droefenis.3015 Maar ik riep7121 8799 den Naam8034 des HEEREN3068 aan, [zeggende]: Och577 HEERE!3068 bevrijd4422 8761 mijn ziel.5315 De HEERE3068 is genadig2587 en rechtvaardig,6662 en onze God430 is ontfermende.7355 8764 De HEERE3068 bewaart8104 8802 de eenvoudigen;6612 ik was uitgeteerd,1809 8804 doch heeft mij verlost.3467 8686 Mijn ziel!5315 keer weder7725 8798 tot uw rust,4494 want de HEERE3068 heeft aan u welgedaan.1580 8804 Want , HEERE! hebt mijn ziel5315 gered2502 8765 van den dood,4194 mijn ogen5869 van tranen,1832 mijn voet7272 van aanstoot.1762 Ik zal wandelen1980 8691 voor het aangezicht6440 des HEEREN,3068 in de landen776 der levenden.2416 Ik heb geloofd,539 8689 daarom sprak ik;1696 8762 ik ben zeer3966 bedrukt geweest.6031 8804 Ik zeide559 8804 in mijn haasten:2648 8800 mensen120 zijn leugenaars.3576 8802 Wat zal ik den HEERE3068 vergelden7725 8686 [voor] al weldaden8408 aan mij [bewezen]? Ik zal den beker3563 der verlossingen3444 opnemen,5375 8799 en den Naam8034 des HEEREN3068 aanroepen.7121 8799 Mijn geloften5088 zal ik den HEERE3068 betalen,7999 8762 nu, in de tegenwoordigheid van al volk.5971 Kostelijk3368 is in de ogen5869 des HEEREN3068 de dood4194 gunstgenoten.2623 Och, HEERE!3068 zekerlijk577 ik ben Uw knecht,5650 ik ben Uw knecht,5650 een zoon1121 dienstmaagd;519 hebt mijn banden4147 losgemaakt.6605 8765 Ik zal U offeren2076 8799 een offerande2077 van dankzegging,8426 en den Naam8034 des HEEREN3068 aanroepen.7121 8799 Ik zal mijn gelofte5088 den HEERE3068 betalen,7999 8762 nu, in de tegenwoordigheid van al volk.5971 In de voorhoven2691 van het huis1004 des HEEREN,3068 in het midden8432 van u, o !3389 !1984 8761 3050