Psalms 41:8

“[041:9] Een Belialsstuk1100 1697 kleeft hem aan;3332 8803 en hij, die nederligt,7901 8804 zal niet weder3254 8686 opstaan.6965 8800”

Psalms 41:8 — Statenvertaling (1637)

Verse 8 of 13 in Psalms chapter 41 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Psalms 41 — full chapter (Statenvertaling (1637))

Een psalm4210 van ,1732 voor den opperzangmeester.5329 8764 [041:2] Welgelukzalig835 is hij, die zich verstandiglijk gedraagt7919 8688 jegens een ellendige;1800 de HEERE3068 zal hem bevrijden4422 8762 ten dage3117 des kwaads.7451 [041:3] De HEERE3068 zal hem bewaren,8104 8799 en zal hem bij het leven behouden;2421 8762 hij zal op aarde776 gelukzalig gemaakt worden.833 8795 hem ook niet over5414 8799 in zijner vijanden341 8802 begeerte.5315 [041:4] De HEERE3068 zal hem ondersteunen5582 8799 op het ziekbed;6210 1741 in zijn krankheid2483 verandert Gij2015 8804 zijn ganse leger.4904 [041:5] Ik zeide:559 8804 O HEERE!3068 wees mij genadig;2603 8798 genees7495 8798 mijn ziel,5315 want ik heb tegen U gezondigd.2398 8804 [041:6] vijanden341 8802 spreken559 8799 kwaad7451 van mij, [zeggende]: Wanneer zal hij sterven,4191 8799 en zijn naam8034 vergaan?6 8804 [041:7] En zo [iemand] [van] [hen] komt,935 8804 om [mij] te zien,7200 8800 hij spreekt1696 8762 valsheid;7723 zijn hart3820 vergadert6908 8799 zich onrecht;205 gaat hij uit3318 8799 naar buiten,2351 hij spreekt1696 8762 er van. [041:8] Al mijn haters8130 8802 mompelen3907 8691 te zamen3162 tegen mij; ze bedenken2803 8799 tegen mij, hetgeen mij kwaad7451 is, [zeggende]: [041:9] Belialsstuk1100 1697 kleeft hem aan;3332 8803 en hij, die nederligt,7901 8804 zal niet weder3254 8686 opstaan.6965 8800 [041:10] de man376 mijns vredes,7965 op welken ik vertrouwde,982 8804 die mijn brood3899 at,398 8802 heeft de verzenen6119 tegen mij grotelijks verheven.1431 8689 [041:11] , o HEERE!3068 wees mij genadig,2603 8798 en richt mij op;6965 8685 en ik zal het hun vergelden.7999 8762 [041:12] weet ik,3045 8804 dat lust aan mij hebt,2654 8804 dat mijn vijand341 8802 over mij niet zal juichen.7321 8686 [041:13] mij aangaande, Gij onderhoudt8551 8804 mij in mijn oprechtigheid,8537 en stelt5324 8686 mij voor Uw aangezicht6440 in eeuwigheid.5769 [041:14] Geloofd1288 8803 zij de HEERE,3068 de God430 ,3478 van eeuwigheid5769 en tot in eeuwigheid!5769 Amen,543 ja, amen.543

Every verse in Psalms 41

Chapter navigation

0:000:00