Ezekiel 25:11

“Ik zal ook in Moab4124 gerichten8201 oefenen;6213 8799 en zij zullen weten,3045 8804 dat Ik de HEERE3068 ben.”

Ezekiel 25:11 — Statenvertaling (1637)

Verse 11 of 17 in Ezekiel chapter 25 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Ezekiel 25 — full chapter (Statenvertaling (1637))

En des HEEREN3068 woord1697 geschiedde tot mij, zeggende:559 8800 Mensenkind!1121 120 zet7760 8798 uw aangezicht6440 tegen de kinderen1121 ,5983 en profeteer5012 8734 tegen dezelve; En zeg559 8804 tot de kinderen1121 :5983 Hoort8085 8798 des Heeren136 HEEREN3069 woord:1697 zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 gij gezegd hebt:559 8800 !1889 over heiligdom,4720 als het ontheiligd werd,2490 8738 en over het land127 ,3478 als het verwoest werd,8074 8738 en over het huis1004 van ,3063 als zij in gevangenis1473 gingen;1980 8804 Daarom, ziet, Ik zal u aan die1121 van het oosten6924 overgeven5414 8802 tot een bezitting,4181 dat zij hun burgen2918 in u zetten,3427 8765 en hun woningen4908 in u stellen,5414 8804 die zullen uw vruchten6529 eten,398 8799 en die zullen uw melk2461 drinken.8354 8799 En Ik zal Rabba7237 tot een kemelstal5116 1581 maken,5414 8804 en de kinderen1121 Ammons5983 tot een schaapskooi;4769 6629 en gij zult weten,3045 8804 dat Ik de HEERE3068 ben. Want alzo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 gij met de hand3027 geklapt,4222 8763 en met den voet7272 gestampt hebt,7554 8800 en van harte5315 verblijd zijt geweest8055 8799 in al uw plundering,7589 over het land127 ;3478 Daarom, ziet, Ik zal hand3027 tegen u uitstrekken,5186 8804 en u den heidenen1471 ten buit957 8675 897 geven,5414 8804 en zal u uit de volken5971 uitroeien,3772 8689 en u uit de landen776 verdoen;6 8689 Ik zal u verdelgen;8045 8686 en gij zult weten,3045 8804 dat Ik de HEERE3068 ben. Alzo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 Omdat3282 4124 en Seir8165 zeggen:559 8800 , het huis1004 van Juda3063 is gelijk al de heidenen;1471 Daarom, ziet, Ik zal de zijde3802 van 4124 openen,6605 8802 van de steden5892 af, van zijn steden,5892 [die] van zijn grenzen7097 af zijn, het sieraad6643 des lands,776 -jesimoth,1020 -meon,1186 en tot Kiriathaim7156 toe; Voor die1121 van het oosten,6924 met [het] [land] der kinderen1121 ,5983 hetwelk Ik ter bezitting4181 zal overgeven;5414 8804 opdat der kinderen1121 Ammons5983 onder de heidenen1471 niet [meer] gedacht worde.2142 8735 Ik zal ook in 4124 gerichten8201 oefenen;6213 8799 en zij zullen weten,3045 8804 dat Ik de HEERE3068 ben. Alzo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 123 met enkel5359 wraakgierigheid5358 8800 gehandeld heeft6213 8800 tegen het huis1004 van ;3063 en zij zich zeer816 8800 schuldig gemaakt hebben,816 8799 dat zij zich aan hen gewroken hebben:5358 8738 Daarom, alzo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 Ik zal ook hand3027 uitstrekken5186 8804 tegen ,123 en Ik zal mens120 en beest929 uit haar uitroeien;3772 8689 en zal haar [tot] een woestheid2723 stellen5414 8804 van Theman8487 af; en zij zullen [tot] Dedan1719 [toe] door het zwaard2719 vallen.5307 8799 En Ik zal wraak5360 doen5414 8804 aan ,123 door de hand3027 van volk5971 ;3478 en zij zullen tegen 123 naar toorn639 en naar grimmigheid2534 handelen;6213 8804 alzo zullen zij wraak5360 gewaar worden,3045 8804 spreekt5002 8803 de Heere136 HEERE.3069 Alzo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 de Filistijnen6430 door wraak5360 gehandeld hebben,6213 8800 en van harte5315 wraak5359 geoefend hebben5358 8735 door plundering,7589 om te vernielen4889 [door] een eeuwige5769 vijandschap;342 Daarom, alzo zegt559 8804 de Heere136 HEERE:3069 , Ik strek5186 8802 hand3027 uit tegen de ,6430 en zal de Cherethieten3774 uitroeien,3772 8689 en het overblijfsel7611 van de zeehaven3220 2348 verdoen.6 8689 En Ik zal grote1419 wraak5360 met grimmige2534 straffingen8433 onder hen doen;6213 8804 en zij zullen weten,3045 8804 dat Ik de HEERE3068 ben, als Ik wraak5360 aan hen gedaan zal hebben.5414 8800

Every verse in Ezekiel 25

Chapter navigation

0:000:00