Jonah 2:8

“Die de valse7723 ijdelheden1892 onderhouden,8104 8764 verlaten5800 8799 hunlieder weldadigheid.2617”

Jonah 2:8 — Statenvertaling (1637)

Verse 8 of 10 in Jonah chapter 2 — Statenvertaling (1637). Read it in context below, with maps, timelines and thematic connections beside the text.

Jonah 2 — full chapter (Statenvertaling (1637))

En Jona3124 bad6419 8691 tot413 den HEERE,3068 zijn God,430 uit4480 het ingewand4578 van den vis.1710 En hij zeide:559 8799 Ik riep7121 8804 uit4480 mijn benauwdheid6869 tot413 den HEERE,3068 en antwoordde6030 8799 mij; uit4480 den buik990 des grafs7585 schreide ik,7768 8765 [en] hoordet8085 8804 mijn stem.6963 Want hadt mij geworpen7993 8686 [in] de diepte,4688 in het hart3824 der zeeen,3220 en de stroom5104 omving5437 8779 mij; al3605 Uw baren4867 en Uw golven1530 gingen5674 8804 over5921 mij henen. En ik589 zeide:559 8804 Ik ben uitgestoten1644 8738 van4480 voor5048 Uw ogen;5869 nochtans389 zal ik den413 tempel1964 heiligheid6944 weder3254 8686 aanschouwen.5027 8687 De wateren4325 hadden mij omgeven661 8804 tot5704 de ziel5315 toe, de afgrond8415 omving5437 8779 mij; het wier5488 was aan mijn hoofd7218 gebonden.2280 8803 Ik was nedergedaald3381 8804 tot de gronden7095 der bergen;2022 de grendelen1280 der aarde776 waren om1157 mij henen in eeuwigheid;5769 maar hebt mijn leven2416 uit het verderf7845 opgevoerd,5927 8686 o HEERE,3068 mijn God!430 Als mijn ziel5315 in5921 mij overstelpt was,5848 8692 dacht ik2142 8804 aan den HEERE,3068 en mijn gebed8605 kwam935 8799 tot413 U, in413 den tempel1964 heiligheid.6944 Die de valse7723 ijdelheden1892 onderhouden,8104 8764 verlaten5800 8799 hunlieder weldadigheid.2617 Maar ik589 zal U offeren2076 8799 met de stem6963 der dankzegging;8426 wat834 ik beloofd heb,5087 8804 zal ik betalen.7999 8762 heil3444 is des HEEREN.3068 De HEERE3068 nu sprak559 8799 tot den vis;1709 en hij spuwde6958 Jona3124 uit6958 8686 op413 het droge.3004

Every verse in Jonah 2

Chapter navigation

0:000:00